Ministeriële regeling · BWBR0003264

I.M.B. 1979

Wijzigingen Officiële bron
I.M.B. 1979I.M.B. 1979De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 3, eerste lid, van het Metingsbesluit Binnenvaartuigen 1978 (Stb. 1979, 358),

Besluit:

's-Gravenhage18 september 1979 De Minister voornoemd,D. S.Tuijnman

Begripsbepalingen

In deze instructie wordt onder ‘Besluit’ verstaan het Metingsbesluit Binnenvaartuigen 1978 (Stb. 1979, 358). De instructie neemt over de terminologie van het Besluit en verstaat voorts onder:

Scheepslengte:

de grootste lengte van de romp, roer en boegspriet niet inbegrepen;

Scheepsbreedte:

de grootste breedte van de romp, gemeten op buitenkant huid, berghouten en andere uitstekende delen niet meegerekend;

Veiligheidsafstand:

de afstand tussen het vlak van de grootste toegelaten diepgang en het daaraan evenwijdige vlak door het laagste punt waarboven het schip niet meer als waterdicht wordt beschouwd;

Lastlijn:

de diepgangslijn overeenkomende met het vlak van de grootste toegelaten diepgang;

Vrijboord:

de afstand, vertikaal gemeten, tussen de lastlijn en het daaraan evenwijdige vlak door het laagste punt van het gangboord, of bij ontbreken van een gangboord, het laagste punt van het vaste boord.

Aanvraag tot meting, hermeting, of controlemeting

Voor het aanvragen van een meting, hermeting of controlemeting wordt gebruik gemaakt van het formulier Scheepsmeting nr. 15. Dit formulier dient alle formele gegevens te bevatten, welke nodig zijn om de meetbrief te kunnen samenstellen en is tevens het bewijsstuk, waarmede bij wanbetaling de kosten kunnen worden gevorderd. De ambtenaar van de divisie Scheepvaart is gehouden het door belanghebbende ingevulde aanvraagformulier te controleren: wijziging mag alleen in het bijzijn van belanghebbende geschieden, die zodanige wijziging moet paraferen.

Voorwaarden tot meting, hermeting of controlemeting

Te meten inhoud

Vervallen

Vervallen

Overzicht van vaarwegen in Nederland

Bij het bepalen van de lastlijn worden de zones 2, 3 en 4 in aanmerking genomen.

Zone 2:

Zone 3;

Zone 4;

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Algemene bepalingen de lastlijn betreffende

Algemene bepalingen de lastlijn betreffende voor vaartuigen, welke niet bestemd noch ingericht zijn voor het vervoer van goederen, zoals genoemd in het vijfde lid van artikel 5 van het Besluit

Algemene bepalingen bij de uitvoering van de meting

Uitvoering van de meting voor schepen bestemd voor het vervoer van goederen (regel I)

Uitvoering van de meting voor schepen, die niet bestemd noch ingericht zijn voor het vervoer van goederen (regel II)

Voor vaartuigen met een normale scheepsvorm dienen de metingen van de verlangde waterverplaatsingen als volgt aan boord, zo nodig met behulp van betrouwbare tekeningen, te worden uitgevoerd.

Algemene bepalingen voor werkzaamheden na afloop van de mèting

Metingsmerk op het achterschip

Het metingsmerk dient eveneens ingebeiteld te worden op een deel van het schip, dat zo min mogelijk aan beschadiging onderhevig is. Dit deel dient gezocht te worden op het achterschip in de nabijheid van de roerkoning. In de regel is de achterwand van de roef hiertoe het meest geschikt. Het merk moet zijn aangebracht op een van buiten in het oog vallende plaats.

Een aantekening omtrent de plaats van het merk op het achterschip dient in de meetbrief te worden vermeld.

Inbeiteling van ijk- en metingsmerken

Aanvullende bepalingen voor hermeting, of controlemeting

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Dit besluit kan worden aangehaald als ‘I.M.B. 1979’.

Dit besluit wordt bekend gemaakt in de Nederlandse Staatscourant en treedt in werking met ingang van 1 oktober 1979 en werkt terug tot 14 augustus 1979.

Figuur 1Figuur 2Figuur 3Figuur 4Figuur 5Figuur 6Figuur 7

Vervallen