Ministeriële regeling · BWBR0004449

Regeling grenswaarden voor asbest

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 12 december 1988, houdende regelen met betrekking tot grenswaarden voor asbestRegeling grenswaarden voor asbestDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Overwegende dat uitvoering moet worden gegeven aan de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 maart 1987, 87/217/EEG, inzake voorkoming en vermindering van verontreiniging van het milieu door asbest;

Gelet op artikel 1a, eerste, tweede en derde lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Stb. 1981, 573);

Besluit:

's-Gravenhage12 december 1988De Ministervan Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,E. H. T. M. Nijpelsde zevenentwintigste december 1988De Ministervan Justitie,F. Korthals Altes

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.asbest:

de volgende vezelachtige silicaten: crocidoliet (blauw asbest), actinoliet, anthofylliet, chrysotiel (wit asbest), amosiet (bruin asbest), tremoliet;

b.ruw asbest:

het produkt verkregen bij een eerste verbrijzeling van asbesthoudend gesteente;

c.gebruik van asbest:

werkzaamheden waarbij per jaar een hoeveelheid van meer dan 100 kg ruwe asbest wordt behandeld en die betrekking hebben op:

d.bestaand bedrijf:

een bedrijf waarin asbest wordt gebruikt:

e.. nieuw bedrijf:

elk ander bedrijf waarin asbest wordt gebruikt;

f.bijlage I:

de bij deze regeling behorende bijlage I;

g.bijlage II:

de bij deze regeling behorende bijlage II;

h.lozen:

brengen van:

Ten aanzien van een nieuw bedrijf geldt voor het lozen van asbest als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheid de grenswaarde die overeenkomt met de waarde die het resultaat is van de toepassing van de beste bestaande technieken. Deze grenswaarde is ten aanzien van een bedrijf, behorende tot een van de in bijlage I vermelde bedrijfstakken in ieder geval niet hoger dan de in die bijlage voor die bedrijfstak aangegeven grenswaarde, bepaald op de wijze als aangegeven in bijlage II.

Ten aanzien van een bestaand bedrijf gelden voor het lozen van asbest als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheden ten aanzien van:

Vereisten waaraan de wijze van meting van de grenswaarden asbest, bedoeld in de artikelen 2 en 3, ten minste voldoet.

1. De bemonstering van het afvalwater wordt zodanig uitgevoerd dat een monster wordt verkregen dat representatief is voor de geloosde totale hoeveelheid afvalwater gedurende 24 uur.

2. Het monster als zodanig wordt in behandeling genomen zonder dat daaruit bezinkbare of opdrijvende bestanddelen zijn verwijderd. De referentie-analysemethode voor het meten van de totale hoeveelheid gesuspendeerde materie, uitgedrukt in mg/l, is de filtratie over een filtreermembraan van 0,45 µm met droging bij 105° C en weging.

De analyse moet zodanig worden uitgevoerd dat wordt voldaan aan de volgende eisen ten aanzien van de precisie en de systematische afwijking:

a. de precisie: tweemaal de waarde van de standaardafwijking van een serie meetuitkomsten is kleiner dan, of gelijk aan 5%;

b. de systematische afwijking: het verschil tussen de werkelijke waarde en de waarde van het rekenkundig gemiddelde van een serie meetuitkomsten is kleiner dan, of gelijk aan 10%.

De serie meetuitkomsten als bedoeld onder a. en b. bestaat uit ten minste 10 enkelvoudige meetuitkomsten. Deze meetuitkomsten worden verkregen uit metingen, verricht nadat steeds de gehele analytische opwerking is doorlopen (volgens een gelijke procedure, door dezelfde waarnemer, met dezelfde middelen en dezelfde hulpstoffen) en onder zoveel mogelijk gelijke omstandigheden als bij de behandeling van het monster.