Ministeriële regeling · BWBR0004458

Uitvoeringsregeling randapparatuur

Wijzigingen Officiële bron
Uitvoeringsregeling randapparatuurUitvoeringsregeling randapparatuurDe minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op het Besluit randapparatuur (Stb. 1988, 553) en op de artikelen C.6.2, derde lid en F.4.3 van het Besluit radio-elektrische inrichtingen (Stb. 1988, 552);

Besluit:

's-Gravenhage19 december 1988 De minister voornoemd, N.Smit-Kroes

In deze regeling wordt verstaan onder:

de Hoofddirecteur:

de Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post van het ministerie van Verkeer en Waterstaat;

de Directeur:

de directeur Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post van het ministerie van Verkeer en Waterstaat;

testinstelling:

een instelling die randapparatuur test ten behoeve van de goedkeuring van die randapparatuur voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur;

STERLAB:

Nederlandse Stichting voor de Erkenning van Laboratoria.

De specificaties van conformiteit voor randapparatuur, bedoeld in hoofdstuk 2 van het Besluit randapparatuur, zijn die welke zijn omschreven in bijlage 1 behorend bij deze regeling en zijn aangegeven in annex 1 behorend bij die bijlage.

Een verklaring van conformiteit, bedoeld in artikel 7, vierde lid van het Besluit randapparatuur wordt opgesteld volgens het model opgenomen in bijlage 2 behorend bij deze regeling.

Een aanvraag tot goedkeuring van randapparatuur voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van het Besluit randapparatuur dient te worden ingediend bij de Directeur volgens het model opgenomen in bijlage 3 behorend bij deze regeling.

Een verklaring van goedkeuring, bedoeld in artikel 9, vierde lid, van het Besluit randapparatuur wordt afgegeven volgens het model opgenomen in bijlage 4 behorend bij deze regeling dan wel, indien het randapparatuur betreft die tevens een radio-elektrische inrichting is, volgens het model opgenomen in bijlage 5 behorend bij deze regeling.

Het merk als bedoeld in artikel 9, zesde lid, van het Besluit randapparatuur is opgenomen in bijlage 6 behorend bij deze regeling en dient te worden aangebracht volgens de in deze bijlage opgenomen aanwijzingen.

Als diploma's, bedoeld in artikel 10 van het Besluit randapparatuur zijn aangewezen de diploma's vermeld in bijlage 7 behorend bij deze regeling.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de inwerkingtreding van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen en kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling randapparatuur.

De navolgende specificaties van conformiteit als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur, zijn hieronder omschreven en aangegeven in Annex 1 bij deze bijlage. Deze Annex 1 is ter inzage bij de Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post, ministerie van Verkeer en Waterstaat, te Groningen.

Algemene specificaties van conformiteit voor randapparatuur bestemd voor aansluiting op de telecommunicatie-infrastructuur: T 10-00

alsmede de

Specificaties van conformiteit voor randapparatuur

bestemd voor aansluiting op:

Model Verklaring van conformiteit

Produktomschrijving: [welk toestel?]

Fabrikaat: [welk fabrikaat?]

Type: [welke type aanduiding, incl. merknaam?]

Deze verklaring is verleend op grond van het testen van een representatief exemplaar van het bovenvermelde produkt aan de hand van de volgende specificaties van conformiteit:

[nn. nn: uitgave [dag, maand, jaar]

[Bijzonderheden?]

etc. etc.

De resultaten van de test zijn vermeld in het Keuringsrappport:

[registratienummer van het testinstituut]

Een gewaarmerkt exemplaar van dit Keuringsrapport behoort als bijlage bij deze verklaring.

Voorts behoren de volgende bijlagen, voorzien van het bovenvermelde registratienummer, tot deze verklaring:

[de voor de keuring relevante technische gegevens van het randapparaat]

Deze verklaring van conformiteit is onder nummer

[registratienummer van het testinstituut]

verleend aan:

[naam van de opdrachtgever]

[adres van de opdrachtgever]

[woonplaats van de opdrachtgever]

[land van de opdrachtgever]

[Plaats], [dag, maand, jaar]

Ondertekening door de leiding van het testinstituut]

Model Aanvraag van goedkeuring voor randapparatuur, bestemd voor aansluiting op de telecommunicatie infrastructuur

De aanvraag geschiedt op het briefpapier van de aanvrager aan:

ministerie van Verkeer en Waterstaat de Rijksdienst voor Radiocommunicatie van de Hoofddirectie Telecommunicatie en Post

Bureau Toelating Randapparatuur

Per brief wordt slechts goedkeuring gevraagd voor een type randapparaat.

De brief wordt ingericht volgens het volgende model:

Bij de brief worden als bijlagen de noodzakelijke verklaringen van conformiteit, het testrapport en de documentatie gevoegd.

Andere, aanvullende informatie wordt eveneens in een bijlage bij de brief gevoegd.

[Datering] en [Ondertekening]

Verklaring van goedkeuring

De Minister van Verkeer en Waterstaat.

Gelet op artikel 9 van het Besluit Randapparatuur (Stb. 1988, 553);

Verklaart:

dat de hieronder aangegeven randapparatuur

op basis van de overgelegde verklaringen van conformiteit,

is goedgekeurd voor de aansluiting op de navolgende onderdelen van de tecommunicatie-infrastructuur:

Deze goedkeuring wordt verleend met de volgende opmerking

Deze goedkeuring wordt verleend aan:

Naam:

Adres:

Postcode + woonplaats

Postbusnummer:

Postcode + woonplaats

Land

en is geregistreerd onder het goedkeuringsnummer:

Het merk als bedoeld in bijlage 6 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur dat is bestemd om te worden aangebracht op de randapparatuur genoemd in deze verklaring dient te bevatten het hierboven genoemde goedkeuringsnummer.

De Minister van Verkeer en Waterstaat

namens deze

De Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post

Plaats, datum

Verklaring van goedkeuring en toelating

De Minister van Verkeer en Waterstaat.

Gelet op artikel 9 van het Besluit randapparatuur (Stb. 1988, 353) en de artikelen C.6.2. en F.4.3. van het Besluit radioelektrische inrichtingen (Stb. 1988, 552);

Verklaart:

dat de hieronder aangegeven randapparatuur

op basis van de overgelegde verklaringen van conformiteit

als zendinrichting, ontvanginrichting bestemd voor gebruik als:

us toegelaten en is goedgekeurd voor de aansluiting op de navolgende onderdelen van de telefommunicatie-infrastructuur;

Deze goedkeuring en toelating wordt verleend met de volgende opmerking:

Deze goedkeuring wordt verleend aan:

Naam:

Adres:

Postcode + woonplaats

Postbusnummer:

Postcode + woonplaats

Land

en is geregistreerd onder het goedkeuringsnummer:

Het merk als bedoeld in bijlage 6 van de Uitvoeringsregeling randapparatuur dat is bestemd om te worden aangebracht op de randapparatuur genoemd in deze verklaring dient te bevatten het hierboven genoemde goedkeuringsnummer.

De Minister van Verkeer en Waterstaat

namens deze

De Hoofddirecteur Telecommunicatie en Post

Plaats, datum

Aanwijzingen voor de uitvoering en het aanbrengen van het goedkeuringsmerk

Het bepaalde onder punt 8 vervalt, zodra voor de onderhavige apparatuur een Gemeenschappelijk Technisch Voorschrift overeenkomstig artikel 6, lid 2 van de Richtlijn inzake de onderlinge erkenning van goedkeuringen voor randapparatuur (richtlijn 91/263/EEG, Pb. EG L 218) in werking treedt.

1.

Het goedkeuringsmerk wordt aangebracht op een rechthoekig etiket.

De afmetingen zijn minimaal 30 x 10 mm².

Materiaal: Wit papier, 80 of 90 grams houtvrij schrijf, voorzien van sterk klevende permanente belijming. Het etiket moet, nadat het is aangebracht, niet zonder beschadiging kunnen worden verwijderd.

Opdruk: Blauw (volgens specificatie PMS 293), tekst diapositief geplaatst. Lettertype: Helvetica onderkast (m.u.v. de letters NL).

Voorbeeld: ministerie van verkeer en waterstaat NL 12345678 * aansluitfactor 1,2

2.

De tekst "ministerie van verkeer en waterstaat" moet op het bovenste deel van het merk zijn aangebracht.

3.

Het goedkeuringsnummer NL gevolgd door 8 (acht) cijfers wordt links onder geplaatst.

Het goedkeuringsnummer wordt medegedeeld in de verklaring van goedkeuring die voor het onderhavige type randapparaat is afgegeven.

4.

Het deel rechts onder op het merk is bedoeld voor aanvullende informatie zoals deze in de verklaring van goedkeuring wordt voorgeschreven. In bovenstaand voorbeeld is voorgeschreven de vermelding: aansluitfactor 1,2. Als geen aanvullende informatie wordt voorgeschreven blijft deze ruimte leeg, en dus blauw.

5.

Het etiket dient op de buitenzijde van de randapparatuur te worden aangebracht. Het is daarnaast toegestaan het goedkeuringsmerk tevens aan te brengen op de verpakking.

6.

Het goedkeuringsmerk mag onderdeel vormen van een groter etiket, maar dient ook dan te voldoen aan bovenvermelde specificaties.

7.

In de plaats van het aanbrengen van een etiket op de randapparatuur wordt toegestaan het goedkeuringsmerk in reliëf bij de produktie van de behuizing daarin aan te brengen.

Als het goedgekeurde randapparaat een prentkaart is (b.v. van gedrukte bedradingen), moet het goedkeuringsmerk direct leesbaar op de prentkaart zijn aangebracht, bij voorkeur als onderdeel van het productieproces. In deze gevallen is de papier- en kleurspecificatie niet doorslaggevend.

8.

Mobiele stations voor het pan-Europese GSM-systeem dienen, in afwijking van het bepaalde onder de punten 1 tot en met 7, op een duidelijke zichtbare plaats te worden voorzien van het volgende, onuitwisbare keurmerk;

CEPT GSM X

(waarbij de X de internationale identificatiecode voor mobiele apparatuur (IMEI) voorstelt als genoemd in de GSM recommandatie 03.03);

9.

De minister van Verkeer en Waterstaat wijst hierbij de diploma's aan bedoeld in artikel 10 van het Besluit Randapparatuur.