Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Economische Zaken van 4 juli 2004, nr. WJZ 4043743, houdende regels ten aanzien van de positie van de afnemers van elektriciteit en gas en ten aanzien van de monitoring van de leverings- en voorzieningszekerheid (Regeling afnemers en monitoring Elektriciteitswet 1998 en Gaswet)Regeling afnemers en monitoring Elektriciteitswet 1998 en Gaswet De Minister van Economische Zaken,

Gelet op de richtlijn van 26 juni 2003, nr. 2003/54/EG, betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en houdende intrekking van richtlijn 96/92/EG (PbEG L 176), en de richtlijn van 26 juni 2003 nr. 2003/55/EG, betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en houdende intrekking van richtlijn 98/30/EG, alsmede op de artikelen 4a, 24a, 31b, 95k en 95m, van de Elektriciteitswet 1998 en de artikelen 17a, 52a en 52b, van de Gaswet;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting en de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag4 juli 2004De Minister van Economische Zaken,L.J.Brinkhorst

In deze regeling wordt verstaan onder:

Een leveringsovereenkomst met een kleinverbruiker wordt op schrift gesteld en bevat in ieder geval de volgende gegevens:

Informatie bedoeld in artikel 2, onderdeel g, wordt duidelijk meegedeeld door middel van de facturen of via de website van de leverancier.

Een transportovereenkomst met een kleinverbruiker wordt op schrift gesteld en bevat in ieder geval de volgende gegevens:

In een transportovereenkomst of een leveringsovereenkomst met een kleinverbruiker wordt in ieder geval bepaald dat, onverminderd de bevoegdheid van de burgerlijke rechter, kleinverbruikers geschillen, die voortvloeien uit de desbetreffende overeenkomst kunnen voorleggen aan een onafhankelijke geschillencommissie. De geschillenprocedure dient snel, transparant, eenvoudig en goedkoop te zijn. Met toepassing van deze procedure moeten geschillen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid worden beslecht, zo nodig door middel van een systeem van terugbetaling of vergoedingen. Rekening wordt gehouden met Aanbeveling nr. 98/257/EG, van de Europese Commissie van 30 maart 1998, betreffende de principes die van toepassing zijn op de organen die verantwoordelijk zijn voor de buitengerechtelijke beslechting van consumentengeschillen (PbEG L 115).

Een afnemer die wil wisselen, dient daartoe, door tussenkomst van de leverancier die hem vanaf de dag van de wisseling elektriciteit of gas zal gaan leveren, een verzoek in bij de netbeheerder. Hij stelt daarbij alle gegevens ter beschikking waarover hij de beschikking heeft of redelijkerwijs kan verkrijgen en die de netbeheerder nodig heeft om de wisseling uit te voeren. Deze gegevens omvatten in ieder geval:

Kleinverbruikers worden geen kosten in rekening gebracht voor een wisseling.

Een afnemer die van leverancier wisselt ontvangt de eindafrekening binnen zes weken nadat de oorspronkelijke leverancier door de netbeheerder van deze wisseling op de hoogste is gesteld.

Een producent onderscheidenlijk een handelaar meldt overeenkomstig artikel 95k, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 een leverancier voor wie hij in het voorafgaande kalenderjaar elektriciteit heeft geproduceerd onderscheidenlijk aan wie hij in dat jaar elektriciteit heeft verhandeld, de totale hoeveelheid van de door hem in dat kalenderjaar geproduceerde of verhandelde elektriciteit, uitgedrukt in het aantal kilowatturen, uitgesplitst naar energiebronnen en onder vermelding van het procentuele aandeel van elke energiebron in zijn totale brandstofmix, rekening houdend met de bij deze regeling behorende bijlage.

Een producent overlegt uiterlijk twee maanden na 1 januari van elk kalenderjaar aan de Autoriteit Consument en Markt een overzicht van de totale hoeveelheid elektriciteit die hij op het net heeft ingevoed, onderverdeeld naar energiebronnen en het procentuele aandeel van elke energiebron in de totale brandstofmix, rekening houdend met de bijlage behorende bij deze regeling.

De beheerder van het landelijke hoogspanningsnet overlegt uiterlijk drie maanden na 1 januari van elk kalenderjaar aan de Autoriteit Consument en Markt:

In afwijking van artikel 9, eerste lid, bedraagt de termijn voor de netbeheerder voor het uitvoeren van een wisseling dan wel het doen van een kennisgeving dat de wisseling niet zal worden uitgevoerd tot 1 januari 2005 ten hoogste tien werkdagen, gerekend vanaf de dag waarop hij het verzoek tot de wisseling ontvangt.

Deze regeling treedt in werking op de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling afnemers en monitoring Elektriciteitswet 1998 en Gaswet.