Ministeriële regeling · BWBR0020868
Regeling koopsubsidiegrenzen 2007
Gelet op de artikelen 23, 26, eerste lid, 29, eerste, tweede en vijfde lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit en artikel II, eerste lid, van de wet van 21 december 2006 tot wijziging van de Wet bevordering eigenwoningbezit (verruiming en vereenvoudiging van de werking van de Wet bevordering eigenwoningbezit) (Stb. 734);
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag21 december 2006De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.WinsemiusDe rentevaste periode, bedoeld in artikel 23 van de Wet bevordering eigenwoningbezit, is: 10 jaar.
Het percentage van de toetsrente, bedoeld in artikel 26, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, bedraagt: 4,5.
De inkomensklassen, en de daarbij behorende maximale hypothecaire lening, bedoeld in artikel 29, vijfde lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zijn:
- a.
voor een- en tweepersoonshuishoudens:
Inkomensklasse
Inkomensklasse
Maximale hypothecaire lening
Maximale hypothecaire lening
Ondergrens
Bovengrens
Ondergrens
Bovengrens
1
0
€ 16.499
0
€ 79.562
2
€ 16.500
€ 16.999
€ 79.567
€ 81.973
3
€ 17.000
€ 17.499
€ 85.333
€ 87.838
4
€ 17.500
€ 17.999
€ 91.009
€ 93.604
5
€ 18.000
€ 18.499
€ 96.569
€ 99.246
6
€ 18.500
€ 18.999
€ 100.773
€ 103.491
7
€ 19.000
€ 19.499
€ 104.747
€ 107.498
8
€ 19.500
€ 19.999
€ 107.824
€ 110.583
9
€ 20.000
€ 20.499
€ 111.575
€ 114.359
10
€ 20.500
€ 20.999
€ 114.702
€ 117.494
11
€ 21.000
€ 21.499
€ 117.845
€ 120.645
12
€ 21.500
€ 21.999
€ 120.651
€ 123.451
13
€ 22.000
€ 22.499
€ 123.818
€ 126.627
14
€ 22.500
€ 22.999
€ 126.632
€ 129.441
15
€ 23.000
€ 23.499
€ 129.825
€ 132.641
16
€ 23.500
€ 23.999
€ 132.647
€ 135.464
17
€ 24.000
€ 24.499
€ 135.469
€ 138.286
18
€ 24.500
€ 24.999
€ 138.291
€ 141.108
19
€ 25.000
€ 25.499
€ 141.114
€ 143.930
20
€ 25.500
€ 25.999
€ 143.936
€ 146.753
21
€ 26.000
€ 26.499
€ 147.613
€ 150.447
22
€ 26.500
€ 26.999
€ 151.324
€ 154.173
23
€ 27.000
€ 27.499
€ 154.623
€ 157.481
24
€ 27.500
€ 27.999
€ 158.391
€ 161.265
25
€ 28.000
€ 28.499
€ 162.192
€ 165.082
26
€ 28.500
€ 28.999
€ 165.557
€ 168.456
27
€ 29.000
€ 29.499
€ 171.558
€ 171.558
28
€ 29.500
€ 29.999
€ 171.558
€ 171.558
29
€ 30.000
€ 30.499
€ 171.558
€ 171.558
30
€ 30.500
€ 30.999
€ 171.558
€ 171.558
31
€ 31.000
€ 31.499
€ 171.558
€ 171.558
32
€ 31.500
€ 31.999
€ 171.558
€ 171.558
33
€ 32.000
€ 32.499
€ 171.558
€ 171.558
34
€ 32.500
€ 32.999
€ 171.558
€ 171.558
35
€ 33.000
€ 33.499
€ 171.558
€ 171.558
36
€ 33.500
€ 33.999
€ 171.558
€ 171.558
37
€ 34.000
€ 34.426
€ 171.558
€ 171.558
, en
- b.
voor een- en tweepersoonsouderenhuishoudens:
Inkomensklasse
Inkomensklasse
Maximale hypothecaire lening
Maximale hypothecaire lening
Ondergrens
Bovengrens
Ondergrens
Bovengrens
1
0
€ 16.499
0
€ 59.753
2
€ 16.500
€ 16.999
€ 59.757
€ 61.564
3
€ 17.000
€ 17.499
€ 64.643
€ 66.540
4
€ 17.500
€ 17.999
€ 69.422
€ 71.402
5
€ 18.000
€ 18.499
€ 74.366
€ 76.428
6
€ 18.500
€ 18.999
€ 79.170
€ 81.306
7
€ 19.000
€ 19.499
€ 84.122
€ 86.332
8
€ 19.500
€ 19.999
€ 88.581
€ 90.848
9
€ 20.000
€ 20.499
€ 92.497
€ 94.805
10
€ 20.500
€ 20.999
€ 96.495
€ 98.844
11
€ 21.000
€ 21.499
€ 100.230
€ 102.612
12
€ 21.500
€ 21.999
€ 103.678
€ 106.084
13
€ 22.000
€ 22.499
€ 107.174
€ 109.605
14
€ 22.500
€ 22.999
€ 111.090
€ 113.554
15
€ 23.000
€ 23.499
€ 115.828
€ 118.341
16
€ 23.500
€ 23.999
€ 120.665
€ 123.228
17
€ 24.000
€ 24.499
€ 125.601
€ 128.213
18
€ 24.500
€ 24.999
€ 130.635
€ 133.296
19
€ 25.000
€ 25.499
€ 135.357
€ 138.059
20
€ 25.500
€ 25.999
€ 140.161
€ 142.904
21
€ 26.000
€ 26.499
€ 145.475
€ 148.267
22
€ 26.500
€ 26.999
€ 150.452
€ 153.285
23
€ 27.000
€ 27.499
€ 154.179
€ 157.028
24
€ 27.500
€ 27.999
€ 157.939
€ 160.805
25
€ 28.000
€ 28.499
€ 161.731
€ 164.614
26
€ 28.500
€ 28.999
€ 165.088
€ 167.979
27
€ 29.000
€ 29.499
€ 171.558
€ 171.558
28
€ 29.500
€ 29.999
€ 171.558
€ 171.558
29
€ 30.000
€ 30.499
€ 171.558
€ 171.558
30
€ 30.500
€ 30.999
€ 171.558
€ 171.558
31
€ 31.000
€ 31.499
€ 171.558
€ 171.558
32
€ 31.500
€ 31.999
€ 171.558
€ 171.558
33
€ 32.000
€ 32.294
€ 171.558
€ 171.558
De financieringslastnorm, bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, bedraagt:
- a.
voor een- en tweepersoonshuishoudens:
Financieringslastnorm
1
23,3%
2
23,3%
3
24,5%
4
25,6%
5
26,6%
6
27,1%
7
27,5%
8
27,6%
9
27,9%
10
28,0%
11
28,1%
12
28,1%
13
28,2%
14
28,2%
15
28,3%
16
28,3%
17
28,3%
18
28,3%
19
28,3%
20
28,3%
21
28,5%
22
28,7%
23
28,8%
24
29,0%
25
29,2%
26
29,3%
27
29,4%
28
29,6%
29
29,7%
30
29,9%
31
30,0%
32
30,1%
33
30,2%
34
30,3%
35
30,3%
36
30,3%
37
30,3%
, en
- b.
voor een- en tweepersoonsouderenhuishoudens:
Financieringslastnorm
1
17,8%
2
17,8%
3
18,9%
4
19,9%
5
20,9%
6
21,8%
7
22,7%
8
23,4%
9
23,9%
10
24,4%
11
24,8%
12
25,1%
13
25,4%
14
25,8%
15
26,4%
16
27,0%
17
27,6%
18
28,2%
19
28,7%
20
29,2%
21
29,8%
22
30,3%
23
30,5%
24
30,7%
25
30,9%
26
31,0%
27
31,2%
28
31,4%
29
31,5%
30
31,7%
31
31,8%
32
32,1%
33
32,3%
Het percentage, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, waarmee de financieringslastnorm, bedoeld in het eerste lid van dat artikel, ten hoogste kan worden vermeerderd, bedraagt:
- a.
voor een- en tweepersoonshuishoudens:
Opslagpercentage
1
6,02
2
6,02
3
6,02
4
6,02
5
6,02
6
6,02
7
6,02
8
6,02
9
6,02
10
6,02
11
6,02
12
6,02
13
6,02
14
6,02
15
6,02
16
6,02
17
6,02
18
6,02
19
6,02
20
6,02
21
6,02
22
6,02
23
6,02
24
6,02
25
6,02
26
6,02
27
6,02
28
5,76
29
5,08
30
4,31
31
3,65
32
3,02
33
2,40
34
1,80
35
1,31
36
0,84
37
0,38
, en
- b.
voor een- en tweepersoonsouderenhuishoudens:
Opslagpercentage
1
4,22
2
4,22
3
4,22
4
4,22
5
4,22
6
4,22
7
4,22
8
4,22
9
4,22
10
4,22
11
4,22
12
4,22
13
4,22
14
4,22
15
4,22
16
4,22
17
4,22
18
4,22
19
4,22
20
4,22
21
4,22
22
4,22
23
4,22
24
4,22
25
4,22
26
4,22
27
4,22
28
3,96
29
3,28
30
2,51
31
1,85
32
1,02
33
0,30
Het bedrag, genoemd in artikel 15, eerste lid, onderdeel a, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals die wet laatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, is voor het tijdvak van 1 januari 2007 tot en met 30 juni 2016: € 134.925.
Het bedrag, genoemd in artikel 15, eerste lid, onderdeel b, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals die wet laatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, is voor het tijdvak van 1 januari 2007 tot en met 30 juni 2016: € 107.950.
Vervallen
Het bedrag, genoemd in artikel 31, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals die wet laatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, is voor het tijdvak van 1 januari 2007 tot en met 30 juni 2016: € 173,06.
Het percentage van de normrente, bedoeld in artikel 26, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals die wet laatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, bedraagt, voorzover de datum van de acceptatie van de offerte, bedoeld in artikel 42, eerste lid, van die wet, is gelegen in het tijdvak van 1 januari 2007 tot en met 30 juni 2016: 5,0.
Het normbedrag voor de spaarpremie, bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals die wet laatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, bedraagt, voorzover de peildatum is gelegen in het tijdvak van 1 januari 2007 tot en met 30 juni 2016: € 60,17.
Wijzigt de Regeling huurtoeslag- en koopsubsidiegrenzen 2006.
De Regeling bevordering eigenwoningbezit en de Regeling normrente en normbedrag spaarpremie vierde kwartaal 2006 worden ingetrokken.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2007.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling koopsubsidiegrenzen 2007.