Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 18 november 2008, nr. WJZ/8157546, houdende regels inzake de verstrekking van subsidies in het kader van het programma Internationalisering Beroepsonderwijs (Subsidieregeling Programma internationalisering beroepsonderwijs)Subsidieregeling Programma internationalisering beroepsonderwijsDe Staatssecretaris van Economische Zaken,

Gelet op artikel 3 van de Kaderwet EZ-subsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij de EVD, t.a.v. mw. drs. L.E. Beijlsmit, Postbus 20105, 2500 EC Den Haag.

Den Haag18 november 2008De Staatssecretaris van Economische Zaken, F.Heemskerk

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.Minister:

de Minister van Economische Zaken;

b.beroepsonderwijsinstelling:

een instelling voor hoger beroepsonderwijs, zoals bedoeld in artikel 1.3, tweede lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en een instelling voor het middelbaar beroepsonderwijs, zoals bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, indien bekostigd uit de openbare kas;

c.project:

een samenhangend geheel van activiteiten gericht op de bevordering van de internationalisering binnen het middelbaar en hoger beroepsonderwijs met de intentie deze structureel te verankeren binnen de onderwijsinstelling, bijvoorbeeld bestaande uit:

d.samenwerkingsverband:

een geen rechtspersoonlijkheid bezittend verband van beroepsonderwijsinstellingen, waaraan ook anderen kunnen deelnemen, die samenwerken in het kader van een project.

Indien voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan reeds door de Commissie van de Europese Gemeenschappen dan wel een bestuursorgaan subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidie niet meer bedraagt dan 50 procent van de subsidiabele kosten en niet meer dan € 75.000 per deelnemende beroepsonderwijsinstelling per project.

Binnen acht weken na de laatste dag van de bij of krachtens artikel 7, eerste lid, vastgestelde periode, geeft de Minister een beschikking omtrent in die periode ontvangen aanvragen om subsidie.

De Minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:

De subsidieontvanger zendt binnen een jaar na de subsidievaststelling aan de Minister een overzicht van de stand van zaken op het terrein van internationalisering, aansluitend bij het overzicht, bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdeel c, overeenkomstig het model dat daarvoor in bijlage 3 is opgenomen.

Gelijktijdig met de beschikking tot subsidieverlening wordt aan de subsidieontvanger ambtshalve een voorschot verstrekt van 80% van het daarin vermelde maximale subsidiebedrag.

De Minister geeft de beschikking tot subsidievaststelling binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag daartoe dan wel nadat de voor het indienen ervan geldende termijn is verstreken.

Aanvragen, ingediend in het kader van het Programma Internationalisering Beroepsonderwijs, ronde 3 en 4, worden aangemerkt als aanvragen om subsidie krachtens deze regeling en worden op basis van deze regeling behandeld.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Programma internationalisering beroepsonderwijs.

Ligt ter inzage bij de EVD te Den Haag.

Ligt ter inzage bij de EVD te Den Haag.

Ligt ter inzage bij de EVD te Den Haag.