Regeling · BWBR0025830

Besluit toevoeging mediation

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 4 mei 2009, houdende regels met betrekking tot de verlening van een toevoeging ten behoeve van mediation, de eigen bijdrage in geval van mediation op basis van een toevoeging alsmede de vaststelling van de vergoeding voor op basis van een toevoeging verleende mediation (Besluit toevoeging mediation)Besluit toevoeging mediationWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Justitie van 23 maart 2009, nr. 5593413/09/6;

Gelet op artikel 33e, eerste en derde lid, juncto de artikelen 12, derde lid, 25, zesde lid, 28, tweede lid, 34, vierde lid, 34a, vierde lid, 34d, derde lid, 35, 37, tweede en vijfde lid, en 41 van de Wet op de rechtsbijstand;

De Raad van State gehoord (advies van 15 april 2009, nr. W03.09.0101/II);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Justitie van 24 april 2009, nr. 5599234/09/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage4 mei 2009BeatrixDe Staatssecretaris van Justitie, N.Albayrakde veertiende mei 2009De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin

In dit besluit wordt verstaan onder:

De artikelen 3, 4, tweede, zesde en zevende lid, 6, 7 en 8 van het Besluit rechtsbijstand- en toevoegcriteria zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van het verlenen van een toevoeging ten behoeve van mediation.

De artikelen 8 tot en met 10 van het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand en artikel 1 van het Besluit omschrijving indexcijfer zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vaststelling van de financiële draagkracht van een rechtzoekende met het oog op de verlening van een toevoeging ten behoeve van mediation.

Indien een toevoeging ten behoeve van mediation wordt verleend in een zaak waarin reeds een toevoeging ten behoeve van rechtsbijstand is verleend, is de rechtzoekende voor de verlening van mediation op basis van eerstgenoemde toevoeging geen eigen bijdrage verschuldigd.

Artikel 6, eerste lid, onderdelen a, b en d, en tweede lid, van het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand is van overeenkomstige toepassing in geval van verlening van een toevoeging ten behoeve van mediation.

De artikelen 28, eerste lid, 29, 30 en 31 van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vaststelling van de vergoeding van een mediator, met dien verstande dat:

Wijzigt het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit toevoeging mediation.