Wijzigingen Officiële bron
Regeling tot vaststelling van de Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES (Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES)Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BESDe Staatssecretaris van Financiën,

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;

Gelet op de Douane- en Accijnswet BES en de artikelen 2.2, onderdeel c, 2.6, vierde lid, 2.7, tweede lid, 2.8, vierde lid, en 2.39, vijfde lid, van het Uitvoeringsbesluit Douane- en Accijnswet BES;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën,F.H.H.Weekers

Inspecteur en ontvanger als bedoeld in artikel 1.1, aanhef en onderdeel h, van de wet, zijn:

De directeur-generaal Douane, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003, de algemeen directeuren en directeur, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003, zijn ambtenaar als bedoeld in artikel 2.153 van de wet (contactambtenaar).

De verplichtingen, die ingevolge de artikelen 2.51 tot en met 2.54 van de wet gelden jegens de inspecteur, gelden ook jegens de directeur van de FIOD alsmede jegens de door deze directeur aangewezen ambtenaren van de Belastingdienst.

Artikel 27 van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003 is van overeenkomstige toepassing op de aanwijzingen in deze afdeling.

De instellingen van apparatuur waarmee door kleding van personen wordt gekeken, zijn zodanig dat de persoon, die aan lijfsvisitatie wordt onderworpen, niet herkenbaar is op de beelden die door de apparatuur worden gegenereerd.

Het model en de inhoud van het formulier voor de verklaring tot inklaring, bedoeld in artikel 2.4, eerste lid, van de wet, wordt door de inspecteur vastgesteld en bevat in ieder geval de volgende gegevens:

Bij een aanvraag tot toelating als douane-expediteur worden in ieder geval gegevens verstrekt over:

De tijdelijke opslag van postpakketten vindt plaats op een sorteerplaats of in een bergplaats van de Post.

Als document, afgegeven op een op elektronische wijze gedane aangifte, geldt de uit het ASYCUDA-systeem geprinte kopie van de aangifte met eventueel bijbehorende formulier D.V. 1 voor de aangifte van gegevens inzake de douanewaarde en andere bescheiden.

De aangever ontvangt bij de voldoening van de douaneschuld een kwitantie die in ieder geval de volgende gegevens bevat:

Een hypotheek kan als zekerheidstelling worden aanvaard, indien:

Een aangifte voor doorgaand vervoer van goederen, bedoeld in artikel 2.15, eerste lid, onderdeel c, van de wet, wordt gedaan indien de plaats waar de desbetreffende goederen zullen uitgaan een andere plaats is dan die waar de goederen zijn aangebracht.

Een aangifte ten doorvoer, bedoeld in artikel 2.15, eerste lid, onderdeel f, van de wet, wordt gedaan voor:

die bestemd zijn om te worden overgebracht naar het buitenland.

Van de uit te voeren goederen, bedoeld in artikel 2.52, wordt aangifte ten uitvoer gedaan, onder bijvoeging van een exemplaar van de vergunning.

Teneinde de inspecteur in staat te stellen te onderzoeken of de aanvrager beschikt over een deugdelijke administratie en administratieve organisatie als bedoeld in artikel 2.26, eerste lid, onderdeel b, van het besluit:

De inspecteur kan een identificatiemiddel dat door een buitenlandse douaneautoriteit is aangebracht, aanmerken als een door hemzelf aangebracht identificatiemiddel, tenzij:

De directeur van het organisatieonderdeel, genoemd in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003, is bevoegd tot het geven van toestemming als bedoeld in artikel 2.66, zesde lid, van de wet voor het vorderen van gehele ontkleding of het onderzoek van het onderlichaam van degene die aan lijfsvisitatie wordt onderworpen.

Het aanslagbiljet, bedoeld in artikel 2.78, vierde lid, van de wet, bevat in ieder geval de volgende gegevens:

De inspecteur kan uit doelmatigheidsoverwegingen een forfaitaire zekerheid als bedoeld in artikel 2.89, derde lid, van de wet laten stellen voor de tijdelijke invoer van goederen met vrijstelling van invoerrechten.

Degene die kennisgevingen, bedoeld in één van de artikelen 2.8, tweede en negende lid, 2.15, eerste lid, 2.16, tweede lid, 2.20, zesde lid, en 2.61, eerste lid, niet doet, pleegt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste USD 140.

Degene die artikel 2.14, vierde lid, overtreedt, pleegt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste USD 140.

Degene die handelingen verricht zonder de daarvoor vereiste toestemming van de inspecteur, bedoeld in één van de artikelen 2.9, zesde lid, 2.12, derde lid, 2.15, tweede lid, 2.20, derde lid, 2.22, tweede lid, 2.23, eerste lid, 2.24, eerste lid, 2.26, tweede lid, en 2.62, vijfde lid, pleegt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste USD 140.

Degene die artikel 2.61, zevende lid, overtreedt, pleegt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste USD 140.

Degene die artikel 2.61, achtste lid, overtreedt, pleegt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste USD 140.

In deze afdeling wordt verstaan onder:

a.de minister:

de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking;

b.besluit:

het Uitvoeringsbesluit Douane- en Accijnswet BES;

c.beschikkingsbevoegde:

een exporteur als bedoeld in artikel 2, derde lid, van Verordening 428/2009 met dien verstande dat voor een bestemming buiten het douanegebied van de Unie een bestemming buiten de BES eilanden wordt gelezen;

d.Verordening 428/2009:

Verordening (EG) nr. 428/2009 van de Raad van 5 mei 2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik (PbEU 2009, L 134);

e.N.A.V.O.-strijdkrachten:

de krijgsmacht van een vreemde mogendheid, die partij is bij het Noord-Atlantisch Verdrag (Stb. J 355).

Als militaire goederen worden aangewezen de goederen, opgenomen in de lijst van goederen waarop het Gemeenschappelijk standpunt 2008/944/GBVB van de Raad van 8 december 2008 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor de controle op de uitvoer van militaire goederen en technologie (PbEU 2008, L 335) van toepassing is.

Artikel 2.6 van het besluit is niet van toepassing op de uitvoer en de doorvoer van:

Geen melding is vereist van:

De instellingen en organisaties, bedoeld in artikel 3.50, aanhef en onderdeel b, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.

De instellingen en organisaties, bedoeld in artikel 3.51, tweede lid, aanhef en onderdeel b, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.

De instellingen of laboratoria, bedoeld in artikel 3.53, tweede lid, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 7.

De instellingen, bedoeld in de artikelen 3.57,eerste lid, aanhef en onderdeel a en 3.119, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de wet zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 8.

De goederen, bedoeld in artikel 3.72, eerste lid, aanhef en onderdeel f, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 9.

Vrijstelling van de heffing van invoerrechten voor goederen als bedoeld in artikel 3.72, eerste lid, aanhef en onderdeel j, van de wet, wordt verleend indien:

Als producten als bedoeld in artikel 3.72, eerste lid, onderdeel u, van de wet worden aangewezen producten die zijn opgenomen in bijlage 10a.

De ziekenhuizen, bedoeld in artikel 3.118, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 11.

Het toeristisch reclamemateriaal, bedoeld in artikel 3.133, van de wet, is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 12.

De welzijnsgoederen voor zeelieden, bedoeld in artikel 3.135, tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 13.

De doeleinden voor dieren, bedoeld in artikel 3.137, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 14.

De grote wegen- en andere bouwwerken, bedoeld in artikel 3.142, eerste lid, aanhef en onderdeel a, onder 2°, van de wet, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 15.

Op de accijns zijn de artikelen 3.32 tot en met 3.38, 3.41 tot en met 3.47, 3.53, 3.54, 3.57 tot en met 3.59, 3.64, 3.65, 3.75 tot en met 3.77 en 3.86 tot en met 3.89 van de wet van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

Degene die bier in geconcentreerde of in vaste vorm uitslaat of invoert, is op verzoek van de inspecteur gehouden alle gegevens te verstrekken die het mogelijk maken op eenvoudige wijze het volume van het bier te herleiden tot het in artikel 4.10, tweede lid, van de wet bedoelde volume van voor gebruik gereed bier.

In afwijking van artikel 4.23, tweede lid, van de wet kunnen als accijnsgoederenplaats in aanmerking komen:

In een verzoek om een vergunning voor een accijnsgoederenplaats worden met betrekking tot hetgeen in artikel 4.25 van de wet is bepaald, in elk geval vermeld:

De vrijstelling van accijns, bedoeld in artikel 4.50, van de wet, is uitsluitend van toepassing op ethylalcohol en andere alcoholhoudende producten als bedoeld in artikel 4.13, onderdelen a en d, van de wet die zijn vermengd op een wijze als is omschreven in bijlage A.2 bij de Uitvoeringsregeling accijns.

De verklaring, bedoeld in artikel 3.6 van het besluit, bevat ten minste de volgende gegevens:

Voor teruggaaf van accijns op grond van artikel 4.50a, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de wet, is artikel 4.9a van overeenkomstige toepassing.

Tegen overlegging van de in artikel 4.13, vijfde lid, bedoelde beschikking aan de inspecteur door wiens bemiddeling de accijnszegels zijn aangevraagd, wordt, indien degene die de accijnszegels heeft aangevraagd op de voet van artikel 4.54 van de wet uitstel van betaling geniet, het in de beschikking vermelde bedrag aan accijns, voor zover mogelijk, verrekend met de openstaande bedragen, te beginnen met de jongste post; in andere gevallen geschiedt de teruggaaf door uitbetaling door de ontvanger.

Op het in artikel 3.9 van het besluit bedoelde bescheid van herkomst voor ruwe en voor gedeeltelijk tot verbruik bereide tabak is artikel 4.15 van overeenkomstige toepassing.

Als distilleertoestellen als bedoeld in artikel 4.66 van de wet worden aangewezen de in bijlage A.3 bij de Uitvoeringsregeling accijns omschreven toestellen.

De bijlagen zijn genummerd van 1 tot en met 15, met dien verstande dat bijlage 4 bestaat uit bijlage 4a en bijlage 4b.

Model van het formulier D.V. 1 voor de aangifte van gegevens inzake de douanewaarde, bedoeld in artikel 2.4, eerste lid, van de regeling

Model van het formulier voor de aanvullende lijst D.V. 1 – BIS, bedoeld in artikel 2.4, tweede lid, van de regeling

Model van het formulier enig document: basisset (kantoorexemplaar) en bislijst, bedoeld in artikel 2.5 van de regeling

Goederen van opvoedkundige, wetenschappelijke of culturele aard, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de regeling

Instellingen en organisaties, bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van de regeling

Bonaire

Sint Eustatius

Saba

Instellingen en organisaties, bedoeld in artikel 3.2 van de regeling

Bonaire

Sint Eustatius

Saba

Instellingen en organisaties, bedoeld in artikel 3.3 van de regeling

Bonaire

Sint Eustatius

(Gereserveerd.)

Saba

Instellingen en laboratoria, bedoeld in artikel 3.4 van de regeling

Bonaire

Sint Eustatius

Queen Beatrix Hospital Medical Center.

Saba

Instellingen, bedoeld in artikel 3.5 van de regeling

Bonaire

Het Rode Kruis Bonaire.

Sint Eustatius

Het Rode Kruis Sint Eustatius.

Saba

Het Rode Kruis Saba.

Goederen, bedoeld in artikel 3.6 van de regeling

Van deze producten zijn uitgesloten:

Veiligheidsmiddelen, bedoeld in artikel 3.8 van de regeling

Producten als bedoeld in artikel 3.8a:

Ziekenhuizen, bedoeld in artikel 3.9 van de regeling

Bonaire

Het St. Franciscus Hospitaal.

Sint Eustatius

Queen Beatrix Hospital Medical Center.

Saba

Mrs. A.M. Edwards Medical Centre.

Toeristisch reclamemateriaal, bedoeld in artikel 3.10 van de regeling

Welzijnsgoederen voor zeelieden, bedoeld in artikel 3.11 van de regeling

Doeleinden voor dieren, bedoeld in artikel 3.12 van de regeling

Grote wegen- en andere bouwwerken als bedoeld in artikel 3.13: