Beleidsregel · BWBR0034532

Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst

Wijzigingen Officiële bron
Besluit Bestuurlijke Boeten BelastingdienstBesluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst

De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Dit besluit betreft een wijziging van het besluit van 20 december 2011, nr. DGB2011/2248M, Stcrt. 2011, nr. 23178 (Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst) in verband met de inwerkingtreding:

Verder zijn de verzuimboeten voor betalingsgebreken in de periodiciteit (§ 23, lid 3) en de motorrijtuigenbelasting (§ 33, lid 2) verhoogd en zijn aanpassingen van meer redactionele en toelichtende aard aangebracht in § 1, lid 4,§ 8, lid 9en 11 en § 36, lid 2 en 3.

Den Haag16 december 2013De Staatssecretaris van Financiën,F.H.H.Weekers

De inspecteur kan de boetebeschikking op grond van artikel 65 van de AWR ambtshalve verminderen. Het beleid inzake artikel 65 van de AWR is van overeenkomstige toepassing op boetebeschikkingen.

De boete- en fraudecoördinator is belast met de beoordeling van (de aanwezigheid van) nieuwe bezwaren, het afnemen van het hoorgesprek als bedoeld in § 12 en het opleggen van de vergrijpboete.

De bepalingen van de § 31a tot en met § 32 zijn van toepassing op de verzuimboete op basis van artikel 40 van de Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna: Wet OB). Op grond van dit artikel kan de inspecteur een verzuimboete opleggen indien de belanghebbende de in artikel 37a van de Wet OB bedoelde lijst niet of niet binnen de termijn heeft ingediend, dan wel een onvolledige of een onjuiste lijst heeft ingediend. De lijst van artikel 37a van de Wet OB wordt in het vervolg aangeduid als de opgaaf ICP, waarbij de afkorting ICP staat voor intracommunautaire prestaties.

Het besluit van 20 december 2011, nr. DGB2011/2248, Stcrt. 2011, nr. 23178 (Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst) wordt ingetrokken met ingang van de inwerkingtreding van dit besluit.