Ministeriële regeling · BWBR0048350

Regeling Tijdelijke wet Groningen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 29 juni 2023, nr. WJZ/ 27870366, houdende regels ter uitvoering van de Tijdelijke wet Groningen en het Besluit Tijdelijke wet Groningen (Regeling Tijdelijke wet Groningen)Regeling Tijdelijke wet GroningenDe Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat;

Gelet op de artikelen 2, twaalfde lid, 13i, derde lid, 13ia, eerste en derde lid, 13h, 13ib, derde lid, 13ja, 13j, 13m, eerste lid, 22b, vierde en zesde lid, van de wet en artikelen 1, 10b, vierde lid, 10f, vierde lid, en 10g, derde, vierde, vijfde en zesde lid, van het Besluit Tijdelijke wet Groningen;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage29 juni 2023De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,J.A.Vijlbrief

In deze regeling wordt verstaan onder:

Het Instituut verzoekt de Commissie bijzondere situaties, bedoeld in artikel 2 van het Instellingsbesluit Commissie bijzondere situaties om advies over hulp in bijzondere situaties.

Het Instituut verzoekt een door de Minister benoemde onafhankelijk adviseur om advies over het oplossen van vastgelopen situaties. Het Instituut voorziet in de ondersteuning van de onafhankelijk adviseur.

De opdrachtnemer, bedoeld in artikel 3.1, heeft blijkens een opgave van referentieprojecten aantoonbare ervaring met het uitvoeren van seismische en constructieve berekeningen van gebouwen overeenkomstig de krachtens artikel 13h van de wet gestelde regels over de beoordeling van gebouwen en beschikt over een ISO 9001:2015 of daarmee vergelijkbaar certificaat.

De vergoeding omvat, voor zover de eigenaar de te vergoeden activiteiten in eigen beheer uitvoert:

De Minister kan bepalen dat het budget mag worden overschreden met een in het versterkingsbesluit genoemd percentage dat maximaal tien procent bedraagt van dat budget.

Indien de schade, bedoeld in artikel 7.1, niet kwantificeerbaar is op het tijdstip waarop het versterkingsbesluit genomen wordt, kan de Minister de hoogte van de vergoeding voor de schade opnemen in een apart besluit dat wordt genomen nadat het versterkingsbesluit is vastgesteld.

De Minister kan de schadevergoeding geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien blijkt dat de vergoeding is verleend op grond van door de eigenaar of rechtmatige gebruiker, niet zijnde de eigenaar, verstrekte gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.

Als gevallen als bedoeld in artikel 13j, derde lid, van de wet waarvoor de redelijke termijn voor het nemen van een versterkingsbesluit maximaal zes maanden bedraagt na de dagtekening van de beoordeling en waarvoor de verlenging van die termijn maximaal zes maanden bedraagt, worden aangewezen gevallen waarin uit de beoordeling, uitgevoerd op basis van een typologie, blijkt dat de soort maatregelen die nodig zijn om een gebouw aan de veiligheidsnorm te laten voldoen, ertoe leiden dat de uitvoering van de versterking naar verwachting ten hoogste vier maanden in beslag zal nemen.

Bij het indienen van een aanvraag voor de vergoeding, bedoeld in artikel 13n, vierde of vijfde lid, van de wet, bij het Instituut respectievelijk de Minister, overlegt de eigenaar de naam en contactgegevens van de bouwkundig, bodemkundig, ecologisch, hydrologisch of financieel adviseur waarvan de eigenaar gebruik wenst te maken.

Vervallen

Vervallen

De opname op locatie van een mogelijk aan een typologie toe te delen gebouw vindt plaats aan de hand van de in bijlage 3 opgenomen checklist.

Als typologieën worden de in bijlage 4 opgenomen typologieën vastgesteld.

Een gebouw wordt niet toegedeeld aan een typologie als bedoeld in artikel 10f, eerste lid, onderdeel a of b, van het Besluit, indien:

De beoordeling van een aan een typologie toegedeeld gebouw aan de hand van de typologie, de ontwerpdatum, locatie en afmetingen van het gebouw en de NPR 9998, bedoeld in artikel 10f, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit, vindt plaats met de in bijlage 5 opgenomen vlekkentabel die bij die typologie hoort, met inachtneming van de in bijlage 7 opgenomen voorwaarden.

De beoordeling van een aan een typologie toegedeeld gebouw aan de hand van de typologie en de locatie, bedoeld in artikel 10f, eerste lid, onderdeel b, van het Besluit, vindt plaats met de in bijlage 6 opgenomen vlekkenkaart die bij die typologie hoort.

De individuele beoordeling van een gebouw volgens de NPR 9998, bedoeld in artikel 10f, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit, vindt plaats met inachtneming van de in bijlage 7 opgenomen voorwaarden.

Als de te hanteren versie van de NPR 9998, bedoeld in artikel 10f, vijfde lid, aanhef, van het Besluit, wordt de NPR 9998:2020 aangewezen.

De hoogte van de financiële middelen voor de uitgaven van het Instituut inzake tegemoetkomingen in het kader van duurzaam herstel als bedoeld in artikel 2, tiende lid, van de wet is het bedrag opgenomen voor Duurzaam herstel in de tabel behorende bij de artikelsgewijze toelichting op beleidsartikel 5 in onderdeel B van de memorie van toelichting van de wet tot vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor het desbetreffende jaar.

Indien een subsidie, vergoeding of tegemoetkoming is verstrekt op basis van een in artikel 12.4 genoemde ministeriële regeling of beleidsregel of op basis van een overeenkomst die is gesloten voor 1 juli 2023, wordt voor dezelfde activiteit geen vergoeding verstrekt op basis van deze regeling.

Met de beroepseisen ter zake van een opdrachtnemer die de beoordeling, het ontwerp van maatregelen of de uitvoering van de versterkingsmaatregelen als bedoeld in deze regeling uitvoert worden gelijkgesteld beroepseisen die worden gesteld in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en die een beroepsniveau waarborgen dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.

Met de beroepseisen ter zake van het leveren van bouwkundig, bodemkundig, ecologisch, hydrologisch of financieel advies, genoemd in deze regeling, worden gelijkgesteld beroepseisen die worden gesteld in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en die een beroepsniveau waarborgen dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.

Op aanvragen die zijn ingediend, op subsidies die zijn verleend en op subsidies die zijn vastgesteld op grond van de Subsidieregeling versterking gebouwen Groningen blijft die regeling van toepassing.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2023.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Tijdelijke wet Groningen.

Modelbepalingen voor de opdracht tot beoordeling en de uitvoering daarvan

Voor de opdracht tot beoordeling en de uitvoering daarvan worden in ieder geval de volgende voorwaarde opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor aansprakelijkheid en verzekering

De volgende voorwaarden, betreffende aansprakelijkheid en verzekering, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor het rechtskarakter van de overeenkomst en de toepasselijke voorwaarden

De volgende voorwaarde, betreffende het rechtskarakter van de overeenkomst en de toepasselijke voorwaarden wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen opdrachtgever en opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor de opdracht tot het opstellen van een definitief ontwerp of uitvoeringsgereed ontwerp

De volgende voorwaarden, betreffende de opdracht tot het opstellen van een definitief ontwerp of uitvoeringsgereed ontwerp, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor het honorarium ontwerpwerkzaamheden

De volgende voorwaarden, betreffende het honorarium ontwerpwerkzaamheden, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor de contractdocumenten

De volgende voorwaarde, betreffende de contractdocumenten, wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor de ontwerpwerkzaamheden

De volgende voorwaarden, betreffende de ontwerpwerkzaamheden, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor aansprakelijkheid en verzekering

De volgende voorwaarde, betreffende de aansprakelijkheid en verzekering, wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor geschilbeslechting

De volgende voorwaarde, betreffende de geschilbeslechting, wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor het rechtskarakter van de overeenkomst en de toepasselijke voorwaarden

De volgende voorwaarden, betreffende het rechtskarakter van de overeenkomst en de toepasselijke voorwaarden, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor de opdracht tot het realiseren van de versterkingswerkzaamheden en daaraan gerelateerde werkzaamheden

De volgende voorwaarden, betreffende de opdracht tot het realiseren van de versterkingswerkzaamheden en daaraan gerelateerde werkzaamheden worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor kwaliteitsborging

De volgende voorwaarden, betreffende kwaliteitsborging, worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor garanties

De volgende voorwaarde voor de garanties wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor opleververplichtingen

De volgende voorwaarden voor de opleververplichtingen worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor aansprakelijkheid voor gebreken na oplevering

De volgende voorwaarde voor de aansprakelijkheid voor gebreken wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepaling voor verzekering

De volgende voorwaarde voor de verzekering wordt ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

Modelbepalingen voor geschilbeslechting

De volgende voorwaarden voor de geschilbeslechting worden ten minste opgenomen in de overeenkomst tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer:

1 MRS: Modale-responsspectrumberekening als bedoeld in de NPR 9998:2020

2 NLPO: Niet-lineaire push-over-berekening als bedoeld in de NPR 9998:2020

3 NLTH: Niet-lineair(e) tijdsdomein(berekening als bedoeld in de NPR 9998:2020

Onderstaande checklist is de basis voor de opname van een gebouw dat mogelijk onder een typologie valt. De checklist bestaat uit zes onderdelen. Tabel 3.1 betreft aspecten die in de opname altijd aan bod moeten komen, voor alle gebouwen die naar verwachting aan een typologie kunnen worden toegedeeld. Tabel 3.2 ziet op aspecten in de opname van gebouwen die naar verwachting in de typologie STAAL-A vallen. Tabel 3.3 gaat over aspecten in de opname van gebouwen met metselwerk als materiaal van de constructie. De tabellen 3.4 en 3.5 zien op het vaststellen van scheurvorming voor gebouwen met metselwerk als materiaal van de constructie. Tot slot ziet tabel 3.6 op de onderdelen die mogelijk een uitsluitingsgrond kunnen vormen zodat het gebouw niet aan de betreffende typologie kan worden toegedeeld.

1 De kolom Opmerkingen is met name bedoeld voor die gevallen waarbij ‘anders’ of ‘onbekend’ is geconstateerd

Deze bijlage ziet op de beoordeling of wordt voldaan aan de veiligheidsnorm voor een aan een typologie toegedeeld gebouw aan de hand van de typologie, de ontwerpdatum, locatie en afmetingen van het gebouw, de toegepaste ontwerpnorm – indien bekend – en de NPR 9998, bedoeld in artikel 10f, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit. Deze bijlage bevat daartoe vlekkentabellen (onderdeel 5b van deze bijlage) en een toelichting daarop in de vorm van een aantal te doorlopen stappen (onderdeel 5a van deze bijlage).

Stap 1 Bepaal of er sprake is van een bebouwde of onbebouwde omgeving

Stel vast of het te beoordelen gebouw zich bevindt in een bebouwde of in een onbebouwde omgeving. Er is sprake van een bebouwde omgeving als in een straal van 500 meter rondom het gebouw 10% of meer van de oppervlakte bebouwd is met gebouwen met een hoogte van 7 meter of meer. Wanneer dit niet het geval is, dan spreekt men van een onbebouwde omgeving.

Als er sprake is van een bebouwde omgeving, ga verder met stap 1A.

Als er sprake is van een onbebouwde omgeving, ga verder met stap 2.

Stap 1A Pas de uitkomst ‘bebouwde omgeving’ zo nodig aan de hand van ontwerpberekeningen aan

Kijk of er constructieve ontwerpberekeningen beschikbaar zijn voor het gebouw.

Als uit de constructieve ontwerpberekeningen blijkt dat er in de ontwerpberekeningen rekening is gehouden met een onbebouwde omgeving, dan wordt van onbebouwde omgeving uitgegaan. Mochten er geen constructieve ontwerpberekeningen beschikbaar zijn, dan wordt de uitkomst bebouwde omgeving uit stap 1, niet bijgesteld. Ga verder met stap 2.

Stap 2 Bepaal de afmetingen van het gebouw

Stel eerst de maximale breedte van het gebouw vast om te bepalen welke vlekkentabel gehanteerd moet worden. Bepaal vervolgens de maximale lengte en maximale hoogte van het gebouw.

Stap 3 Bepaal welke vlekkentabel van toepassing is

Om te bepalen welke vlekkentabel van toepassing is, wordt gekeken of het gebouw in een bebouwde (stap 3A) of in een onbebouwde omgeving (stap 3B) ligt.

Stap 3A Bebouwde omgeving

Als sprake is van een gebouw in een bebouwde omgeving, dan is tabel 5.1, 5.2, 5.3 of 5.4 van toepassing. Bepaal met de vastgestelde breedte van het gebouw welke van deze vlekkentabellen moet worden gebruikt:

Ligt de breedte van een gebouw tussen de genoemde breedtes van 10, 20, 30 en 40 meter in (een gebouw is bijvoorbeeld 15 meter breed), dan moet tussen de twee vlekkentabellen moet worden geïnterpoleerd. Dit komt aan de orde in stap 4.

Stap 3B Onbebouwde omgeving

Als sprake is van een gebouw in een onbebouwde omgeving, dan is tabel 5.5, 5.6, 5.7 of 5.8 van toepassing. Bepaal met de vastgestelde breedte van de gebouw welke van deze vlekkentabellen moet worden gebruikt:

Ligt de breedte van een gebouw tussen de genoemde breedtes van 10, 20, 30 en 40 meter in (een gebouw is bijvoorbeeld 15 meter breed), dan moet tussen de twee vlekkentabellen moet worden geïnterpoleerd. Dit komt aan de orde in stap 4.

Ga verder met stap 4.

Stap 4 Lees de vlekkentabel af voor het gebouw

Zoek de vlekkentabel op die van toepassing op het gebouw aan de hand van de vastgestelde breedte van het gebouw, of het gebouw in een bebouwde of onbebouwde omgeving ligt en eventueel of TGB 1972 of een latere windbelastingsnorm is toegepast bij het ontwerp.

Kijk in de van toepassing zijnde tabel aan de hand van de vastgestelde hoogte en de vastgestelde lengte van het gebouw welke cel van de tabel van toepassing is.

Is het getal in de cel in normaal lettertype, dan voldoet het gebouw aan de veiligheidsnorm, ongeacht het getal in de desbetreffende cel. De seismische weerstand is vergeleken met de aardbevingsbelasting hoog genoeg. De aardbevingsbelasting hoeft niet te worden berekend. Er zijn geen maatregelen nodig.

Als sprake is van een getal in de cel in normaal lettertype, kan het voorkomen dat een gebouw aan de veiligheidsnorm voldoet maar dat desondanks het zogenoemde ‘uit-het-vlak’-bezwijken van gemetselde, niet-dragende binnenwanden een risico vormt. In dit geval worden voor deze elementen separate uit-het-vlak maatregelen getroffen. Globaal blijft het tot typologie Staal-A behorende gebouw wel aan de veiligheidsnorm voldoen.

Zoals bij stap 3 is aangegeven, wordt voor de betreffende waarden geïnterpoleerd tussen de tabellen als de breedte van een gebouw tussen de genoemde breedtes van 10, 20, 30 en 40 meter in ligt. Zo wordt bij een hal van 15 meter breed in een bebouwde omgeving geïnterpoleerd tussen de tabellen 5.1 en 5.2 voor de betreffende waarden. Hierbij is het lettertype van de cellen niet relevant; het gaat alleen om de waarden in de cellen (de getallen).

Als de geïnterpoleerde waarde groter is dan of gelijk is aan 0,50, dan voldoet het gebouw aan de veiligheidsnorm.

Overzicht vlekkentabellen

Vlekkentabellen 5.1 t/m 5.4 – bebouwde omgeving

Vlekkentabellen 5.5 t/m 5.8 – onbebouwde omgeving

Vlekkentabellen 5.9 t/m 5.12 – onbebouwde omgeving, optioneel voor een gebouw ontworpen met TGB 1972 of later

De individuele beoordeling (inclusief de opname op locatie, bedoeld in artikel 10f, vijfde lid, van het besluit) van een gebouw volgens de NPR 9998 vindt plaats met inachtneming van de volgende voorwaarden:

De bepaling welke soort maatregelen nodig is, bedoeld in artikel 10.7, vindt plaats met inachtneming van de volgende voorwaarden: