Ministeriële regeling · BWBR0003958

Regelen met betrekking tot grenswaarden voor kwik

Wijzigingen Officiële bron
Beschikking van 25 april 1986, houdende regelen met betrekking tot grenswaarden voor kwikRegelen met betrekking tot grenswaarden voor kwikDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Overwegende dat uitvoering moet worden gegeven aan de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 8 maart 1984, betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor kwiklozingen afkomstig van andere sectoren dan de elektrolyse van alkalichloriden (84/156/EEG) (Pb EG 1984, L 74/49);

dat het gewenst is de uitvoering van die richtlijn te doen geschieden in een regeling die mede strekt ter uitvoering van de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 22 maart 1982, betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor kwiklozingen afkomstig van de sector elektrolyse van alkalichloriden (82/176/EEG) (Pb EG 1982, L 81/29) en van de aanvulling van bijlage IV van de Overeenkomst inzake bescherming van de Rijn tegen chemische verontreiniging, betreffende kwiklozingen van installaties voor elektrolyse van alkalische chloorverbindingen (Trb. 1983, 53);

dat daartoe de beschikking van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 16 juni 1983, Stb. 294, ter uitvoering van de laatstgenoemde richtlijn en van die aanvulling dient te worden vervangen door een regeling ter uitvoering van de drie genoemde volkenrechtelijke besluiten;

Gelet op artikel 1a, eerste, tweede en derde lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Stb. 1981, 573);

Besluit:

's-Gravenhage25 april 1986De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,P. Winsemiusde twintigste mei 1986De Minister van Justitie,F. Korthals Altes

In deze regeling wordt verstaan onder:

Ten aanzien van een bedrijf dat kwik verwerkt, geldt voor het lozen van kwik als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheid de grenswaarde die overeenkomt met de waarde die het resultaat is van de toepassing van de beste bestaande technieken. Daarbij geldt ten aanzien van een bedrijf, behorende tot een van de in de bij dit besluit behorende bijlage I vermelde bedrijfstakken de in die bijlage voor die bedrijfstak aangegeven grenswaarde, bepaald op de in de bij dit besluit behorende bijlage II aangegeven wijze, als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheid.

In afwijking van artikel 2 gelden voor het lozen van kwik als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheden ten aanzien van:

De beschikking van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 16 juni 1983, Stb. 294, houdende regelen met betrekking tot grenswaarden voor kwik, wordt ingetrokken.

Bij het bepalen van de in de artikelen 2 en 3 van dit besluit vermelde grenswaarden is uitgegaan van de volgende wijze van meting en bemonstering:

Voor de vaststelling van de precisie en de systematische afwijking van de toegepaste meetmethode wordt gebruik gemaakt van een oplossing waarin kwik voorkomt in een nauwkeurig bekende concentratie die ten hoogste 10% mag afwijken van 0,005 mg/l. De serie meetuitkomsten als bedoeld onder a en b bestaat uit ten minste tien enkelvoudige meetuitkomsten. Deze meetuitkomsten worden verkregen uit metingen, verricht door dezelfde waarnemer met dezelfde middelen en dezelfde hulpstoffen, onder zoveel mogelijk gelijke omstandigheden.