Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 25 augustus 1986, houdende regelen met betrekking tot grenswaarden voor hexachloorcyclohexaan Regelen grenswaarden voor hexachloorcyclohexaanDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Overwegende dat uitvoering moet worden gegeven aan de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 9 oktober 1984, 84/491/EEG, betreffende de grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor de lozing van hexachloorcyclohexaan (Pb. nr. L 274/11 van 17 oktober 1984);

Gelet op artikel 1a, eerste, tweede en derde lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Stb. 1981, 573);

Besluit:

's-Gravenhage 25 augustus 1986 De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, E. H. T. M. Nijpels de achtentwintigste augustus 1986 De Minister van Justitie, F. Korthals Altes

In deze regeling wordt verstaan onder:

Ten aanzien van een bedrijf dat HCH verwerkt, geldt voor het lozen van HCH als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheid de grenswaarde die overeenkomt met de waarde die het resultaat is van de toepassing van de beste bestaande technieken. Daarbij geldt ten aanzien van een bedrijf, behorende tot een van de in de bij dit besluit behorende bijlage I vermelde bedrijfstakken de in die bijlage voor die bedrijfstak aangegeven grenswaarde, bepaald op de in de bij dit besluit behorende bijlage II aangegeven wijze, als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheid.

In afwijking van artikel 2 gelden voor het lozen van HCH als ten hoogste toelaatbare gewichtshoeveelheden ten aanzien van:

Bij het bepalen van de in de artikelen 2 en 3 van dit besluit vermelde grenswaarden is uitgegaan van de volgende wijze van meting en bemonstering:

Voor de vaststelling van de precisie en de systematische afwijking van de toegepaste meetmethode wordt gebruik gemaakt van een oplossing waarin van de HCH isomerende α-HCH, β-HCH en γ-HCH isomeren voorkomen in nauwkeurig bekende concentraties die ten hoogste 20% mogen afwijken van 50 ng/l. De serie meetuitkomsten als bedoeld onder a en b bestaat uit ten minste vijf enkelvoudige meetuitkomsten. Deze meetuitkomsten worden verkregen uit metingen, waarbij steeds de gehele analysemethode wordt doorlopen en die worden verricht door dezelfde waarnemer met dezelfde middelen en dezelfde hulpstoffen, onder zoveel mogelijk gelijke omstandigheden.