Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 24 maart 1987, houdende regels omtrent het accountantsexamen voor accountants-administratieconsulentenBesluit regels accountantsexamen voor accountants-administratieconsulentenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken, A.J. Evenhuis, en van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen van 23 januari 1987 nr. 687/25 W.J.A./W;

Gelet op artikel 80c van de Wet op de Registeraccountants (Stb. 1962, 258);

De Raad van State gehoord (advies van 6 maart 1987 nr. W10.87.0039);

Gezien het nader rapport van voornoemde Staatssecretaris en van Onze voornoemde Minister van 20 maart 1987, nr. 687/388;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage24 maart 1987BeatrixDe Staatssecretaris van Economische Zaken,A. J. EvenhuisDe Minister van Onderwijs en Wetenschappen,W. J. Deetmande dertigste maart 1987De Minister van Justitie,F. Korthals Altes

In dit besluit wordt verstaan onder:

wet: de Wet op de Registeraccountants (Stb. 1962, 258);

examen: het in artikel 80a van de wet bedoelde accountantsexamen;

kandidaat: degene die aan het examen deelneemt of wenst deel te nemen;

examencommissie: de in artikel 14 bedoelde commissie.

Het examen bestaat uit de onderdelen:

Het onderdeel externe verslaggeving wordt schriftelijk afgenomen gedurende ten minste drie en ten hoogste vier uren.

Het examen wordt in het openbaar afgenomen.

De examencommissie is bevoegd, indien bijzondere omstandigheden van de kandidaat daartoe aanleiding geven, af te wijken van het bepaalde in de artikelen 3, 4, eerste, tweede, derde en vijfde lid, 5, 6, derde lid, en 7.

De beoordeling van de door de kandidaat afgelegde examengedeelten wordt uitgedrukt in gehele cijfers 1 tot en met 10, waarbij het cijfer 1 als laagste en het cijfer 10 als hoogste waardering geldt.

Een kandidaat kan bij de examencommissie schriftelijk bezwaar aantekenen tegen de beoordeling van een door hem afgelegd examenonderdeel of een gedeelte daarvan binnen drie weken, nadat hem die beoordeling is medegedeeld. De examencommissie deelt hem haar beslissing omtrent het bezwaar schriftelijk mede binnen drie maanden na ontvangst van het bezwaar.

De examencommissie reikt aan de kandidaat die voor het examen is geslaagd het diploma uit, dat is ondertekend door de voorzitter van de examencommissie.

De examencommissie verleent aan een kandidaat op zijn schriftelijk verzoek vrijstelling van het afleggen van een onderdeel van het examen op grond van het bezit van een bewijs, waaruit eenzelfde kennis blijkt als die, welke blijkt uit het met goed gevolg afgelegd hebben van het desbetreffende onderdeel. De examencommissie deelt de kandidaat haar beslissing omtrent het verzoek schriftelijk mede binnen drie maanden na ontvangst van het verzoek.

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdeel V, van de wet van 11 december 1986 tot wijziging van de accountantswetgeving (Stb. 677) in werking treedt.