Ministeriële regeling · BWBR0004588

Regeling aanwijzing nationaal park Schiermonnikoog

Wijzigingen Officiële bron
Regeling aanwijzing nationaal park SchiermonnikoogRegeling aanwijzing nationaal park SchiermonnikoogDe minister van Landbouw en Visserij,

Overwegende dat het beleid van de regering is gericht op het tot stand brengen van een stelsel van nationale parken;

dat er een goedgekeurd Beheers- en Inrichtingsplan Nationaal Park Schiermonnikoog is, op basis waarvan aan het nationaal park in oprichting Schiermonnikoog de definitieve status van nationaal park verleend kan worden;

Gezien de adviezen van de Voorlopige Commissie Nationale Parken van 1 juni 1983 en 21 december 1988;

Besluit:

's-Gravenhage10 juli 1989 De minister van Landbouw en Visserij, G. J. M.Braks

Deze regeling verstaat onder:

minister:

minister van Landbouw en Visserij;

overlegorgaan:

overlegorgaan als bedoeld in artikel 4;

nationaal park:

gebied zoals omschreven in het Structuurschema Natuur- en Landschapsbehoud (Tweede Kamer, zitting 1980–1981, nrs. 1–2).

Als nationaal park wordt aangewezen het deel van Schiermonnikoog dat is aangegeven op de kaart die als bijlage behoort bij deze regeling.

Er is een overlegorgaan nationaal park Schiermonnikoog.

Het overlegorgaan heeft tot taak zorg te dragen voor de inrichting en het beheer van het nationaal park Schiermonnikoog.

Tot de taak van het overlegorgaan behoort onder meer:

Het overlegorgaan voert zijn taak uit overeenkomstig het Beheers- en Inrichtingsplan Nationaal Park Schiermonnikoog van 17 juni 1988, zoals dit door de minister op 13 maart 1989 is goedgekeurd.

In het overlegorgaan hebben zitting:

Indien in het overlegorgaan belangrijke verschillen van inzicht blijken te bestaan, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de minister, die daarop de naar zijn oordeel nodige stappen onderneemt.

De voorzitter en de drie leden uit de bevolking van Schiermonnikoog genieten voor het bijwonen van vergaderingen en overige bijeenkomsten een vacatiegeld op grond van het Vacatiegeldenbesluit 1988. Voorts ontvangen zij vergoeding voor reis- en verblijfkosten overeenkomstig het voor ambtenaren geldende Reisbesluit 1971.

De Beschikking aanwijzing nationaal park in oprichting Schiermonnikoog (Stcrt. 1984, 94) wordt ingetrokken.