Ministeriële regeling · BWBR0005314

Subsidieregeling dienstverlening voor oorlogsgetroffenen

Wijzigingen Officiële bron
Subsidieregeling dienstverlening voor oorlogsgetroffenenSubsidieregeling dienstverlening voor oorlogsgetroffenenDe minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur;

Overwegende, dat het wenselijk is de subsidieverlening voor de door de begeleidende instellingen op grond van de onderscheiden wetten voor oorlogsgetroffenen uit te voeren taken en de immateriële dienstverlening in een regeling vast te leggen;

Gelet op artikel 31, zesde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 (Stb. 1991, 621);

Besluit:

De minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, De Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, H. d'Ancona

Voor toepassing van het bij deze regeling bepaalde wordt verstaan onder:

a.de minister:

de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur;

b.een oorlogsgetroffene:

een persoon die tot één van de wetten voor oorlogsgetroffenen is toegelaten, dan wel op grond van één van die wetten een aanvraag heeft ingediend welke nog in behandeling is;

c.de wetten voor oorlogsgetroffenen:

de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945, Wet buitengewoon pensioen zeeliedenoorlogsslachtoffers, Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet, Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 en de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945;

d.instelling:

een privaatrechtelijke rechtspersoon die één of meerdere activiteiten als bedoeld in artikel 2 respectievelijk artikel 3 verricht.

De minister verleent subsidie in de kosten van de volgende, bij de wetten voor oorlogsgetroffenen geregelde, activiteiten:

De minister kan subsidie verlenen in de kosten van de volgende activiteiten:

Aan het verlenen van subsidie of voorschotten daarop kan geen aanspraak worden ontleend bij een volgende subsidieaanvraag.

De activiteiten als bedoeld in artikel 2 komen slechts voor subsidie in aanmerking indien de instelling:

De activiteiten als bedoeld in artikel 3 komen slechts voor subsidie in aanmerking indien de instelling:

Subsidie voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten wordt slechts verleend voor zover de wetgever de nodige gelden heeft toegestaan.

Het subsidie voor de uitvoering van een activiteit bestaat uit de werkelijke kosten tot een door de minister vastgesteld maximum.

Het verslag van activiteiten geeft een duidelijk inzicht in de aard en de omvang van de activiteiten die in de verantwoordingsperiode zijn ontplooid. Het verslag bevat een vergelijking van die activiteiten met de voorgenomen activiteiten.

De instelling doet zo spoedig mogelijk onder overlegging van de relevante stukken schriftelijk mededeling aan de minister, indien:

De instelling zorgt ervoor dat de door de instelling gestelde doeleinden op doelmatige wijze worden nagestreefd en de werkzaamheden dienovereenkomstig worden geregeld, dat een goed beleid en beheer wordt gevoerd, dat het subsidie op doelmatige wijze wordt gebruikt voor de doeleinden waarvoor het wordt verleend en dat alle voorschriften die de minister aan het verlenen van het subsidie verbindt, worden nageleefd.

De minister kan van deze regeling afwijken indien daar dringende redenen voor zijn en stringente toepassing van deze regeling naar zijn oordeel tot kennelijke onbillijkheden zou leiden.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 1990. Zij kan worden aangehaald als Subsidieregeling dienstverlening voor oorlogsgetroffenen.

Afschrift van dit besluit, dat in de Staatscourant zal worden gepubliceerd, wordt gezonden aan de Algemene Rekenkamer.