Ministeriële regeling · BWBR0005762
Regeling inschrijving eigen vervoer
Gelet op de artikelen 7, vierde lid, 11, 12 en 20 van het Besluit vervoer binnenvaart (Stb 1992, 232),
Besluit:
's-Gravenhage15 december 1992 De Minister van Verkeer en Waterstaat, J. R. H.Maij-WeggenVoor het aanvragen van een inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model A.
Voor het aanvragen van een doorhaling van een inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model B.
Voor het aanvragen van een inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model C.
Voor het aanvragen van een doorhaling van een inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model B.
Voor het aanvragen van een gewaarmerkt afschrift van een inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 41, eerste lid, onderscheidenlijk artikel 45, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model D.
Als inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart, wordt vastgesteld het document overeenkomstig het bij deze regeling behorende model E.
Als inschrijving eigen vervoer als bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart, wordt vastgesteld het document overeenkomstig het bij deze regeling behorende model F.
Voor het aanvragen van een inschrijvingsbewijs als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model G.
Voor het aanvragen van een wijziging van een inschrijvingsbewijs als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model H.
Voor het aanvragen van een gewaarmerkt afschrift van een inschrijvingsbewijs als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt gebruik gemaakt van het formulier overeenkomstig het bij deze regeling behorende model D.
Als inschrijvingsbewijs als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart wordt vastgesteld het document overeenkomstig het bij deze regeling behorende model I.
Vervallen
Bij het vervoer over de binnenwateren, bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Wet vervoer binnenvaart, bevindt het voor het desbetreffende binnenschip afgegeven inschrijvingsbewijs, bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart, of het gewaarmerkte afschrift, bedoeld in artikel 4, derde lid, zich aan boord van het binnenschip, waarvoor het is afgegeven, danwel draagt de ingeschrevene er zorg voor dat:
- a.
het inschrijvingsbewijs, bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart; of
- b.
het gewaarmerkte afschrift, bedoeld in artikel 4, derde lid,
op een van de volgende wijzen kan worden gecontroleerd:
- 1.
ten kantore van de eigenaar of de exploitant van dat binnenschip; of
- 2.
aan de hand van de gegevens van de registratie, bedoeld in artikel 53 van de Wet vervoer binnenvaart, met betrekking tot dat binnenschip.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1993.
Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling inschrijving eigen vervoer. Deze regeling wordt zonder de modellen in de Staatscourant geplaatst.
De modellen liggen ter inzage ten kantore van de divisie Vervoer van de Inspectie Verkeer en Waterstaat te Den Haag.