Wet · BWBR0007108
Wijzigingswet Visserijwet 1963
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is dat de Organisatie ter verbetering van de binnenvisserij wordt belast met de uitgifte van de visakten, het innen van de bijdrage ter verbetering van de binnenvisserij en de besteding van de gelden die hiermede worden verkregen alsmede dat een regeling inzake consenten voor de kustvisserij uit het oogpunt van efficiency niet langer noodzakelijk is;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage15 december 1994BeatrixDe Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,J. J. van Aartsende vierentwintigste januari 1995De Minister van Justitie,W. SorgdragerBevat wijzigingen in andere regelgeving.
Akten als bedoeld in artikel 10 van de Visserijwet 1963, die zijn uitgereikt voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, behouden hun geldigheid gedurende het jaar waarvoor zij zijn uitgereikt.