Ministeriële regeling · BWBR0007777

Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995

Wijzigingen Officiële bron
Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995De Minister van Financiën;

Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 5, tweede lid, 10, eerste lid, en 22, vijfde lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De minister van Financiën, G.Zalm

In deze regeling wordt - voor zover niet anders is bepaald - verstaan onder:

a. wet:

de Wet toezicht effectenverkeer 1995;

b. besluit:

het Besluit toezicht effectenverkeer 1995;

c.de toezichthouder:

de Stichting Autoriteit Financiële Markten;.

d. kredietinstelling:

een onderneming of instelling die ingevolge artikel 52, tweede lid, onder a, b, c of d, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is geregistreerd;

e. beleggingsinstelling:

een onderneming of instelling die is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel b, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, dan wel is vrijgesteld ingevolge de Vrijstellingsregeling Wet toezicht beleggingsinstellingen (Stcrt. 198);

f. gereglementeerde markt:

een markt als bedoeld in artikel 1, onderdeel l, van het besluit.

Van artikel 3, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het toelaten tot de handel op een gereglementeerde markt van:

Van artikel 3, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het aanbieden van effecten aan het publiek indien de effecten worden aangeboden aan een persoon, niet zijnde een professionele marktpartij, die een schriftelijke overeenkomst van lastgeving heeft afgesloten met een vermogensbeheerder, als bedoeld in artikel 1, onderdeel c van de wet, die beschikt over een vergunning op grond van artikel 7, vierde lid, of is uitgezonderd van de vergunningplicht op grond van artikel 7, tweede lid, onder h, i, of j, van de wet, op grond waarvan is bepaald dat de volmachtgever geen invloed kan uitoefenen op transacties die de vermogensbeheerder als gevolmachtigde verricht of bewerkstelligt.

Van artikel 3, vierde lid, van de wet wordt vrijstelling verleend voor het aanbieden, of het in het vooruitzicht stellen van een aanbieding, van effecten aan minder dan 100 natuurlijke personen of rechtspersonen, niet zijnde natuurlijke personen of rechtspersonen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, per staat.

Van artikel 3, vierde lid, van de wet wordt vrijstelling verleend indien de effecten worden aangeboden in coupures ter waarde van ten minste € 50 000 of de tegenwaarde daarvan in vreemde valuta.

Van artikel 3, vierde lid, van de wet wordt vrijstelling verleend indien de effecten worden aangeboden om niet.

Van artikel 3, vierde, van de wet wordt vrijstelling verleend indien een aanbod dan wel een in het vooruitzicht gesteld aanbod betrekking heeft op schuldbrieven, inschrijvingen in schuldregisters en soortgelijke rechten, die een oorspronkelijke looptijd van ten hoogste een jaar hebben en die worden uitgegeven door een kredietinstelling.

Van artikel 3, vierde lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het aanbieden of het in het vooruitzicht stellen van een aanbieding van rechten van deelneming in een beleggingsinstelling die niet op verzoek van de houder ten laste van de activa direct of indirect worden ingekocht of terugbetaald.

Van artikel 3, vierde lid, van de wet wordt vrijstelling verleend indien een aanbod dan wel een in het vooruitzicht gesteld aanbod betrekking heeft op effecten die worden uitgegeven door een lid-staat, door een territoriaal publiekrechtelijk lichaam van een lid-staat of door een internationale publiekrechtelijke instelling waarin een of meer lid-staten deelnemen.

Van de op grond van artikel 5, eerste lid, van de wet gestelde regels wordt vrijstelling verleend aan instellingen waarvan in of vanuit Nederland effecten zijn aangeboden waarvan de aanbieding ingevolge artikel 1i, 2, 2a, 3, 4, 4a, 7 of 8 is vrijgesteld van artikel 3, vierde lid, van de wet.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Van artikel 7, eerste lid, van de wet wordt vrijstelling verleend aan naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen waarvan de aandelen in het kapitaal uitsluitend kunnen worden gehouden door een besloten kring van bloed- of aanverwanten en die bij het als vermogensbeheerder aanbieden of verrichten van diensten uitsluitend diensten aanbieden aan of verrichten voor de tot die kring behorende natuurlijke personen.

Van artikel 18a, eerste lid, van de wet wordt vrijstelling verleend aan:

Vervallen

Van de op grond van artikel 5, eerste lid, van de wet gestelde regels wordt vrijstelling verleend aan een uitgevende instelling waarvan voor 1 juli 2005 uitsluitend effecten zijn aangeboden in een aanbieding van effecten aan het publiek als bedoeld in artikel 1a, tweede lid, indien de uitgevende instelling terzake van die aanbieding op grond van het recht zoals dat gold voor dat tijdstip was vrijgesteld van de regels die betrekking hebben op periodieke verslaggeving inzake de financiële positie van de uitgevende instelling alsmede op feiten omtrent de uitgevende instelling waarvan een aanzienlijke invloed op de koers van de effecten van de uitgevende instelling kan uitgaan.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 31 december 1995.

Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995.