Regeling · BWBR0007816

Inkomstenbesluit militairen

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 22 december 1995, houdende regels ten aanzien van de inkomsten van militairenInkomstenbesluit militairenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Defensie van 11 augustus 1995, nr. PAV 6011/95014842;

Gelet op artikel 125 van de Ambtenarenwet en artikel 12 van de Militaire ambtenarenwet 1931;

De Raad van State gehoord (advies van 14 december 1995, nr. W07.95.0432);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Defensie van 20 december 1995, nr. PAV 6011/95023787;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage22 december 1995BeatrixDe Staatssecretaris van Defensie,J.C. Gmelich Meijlingde achttiende januari 1996De Minister van Justitie,W. Sorgdrager

Vervallen

Vervallen

De militair heeft aanspraak op een salaris dat wordt bepaald met inachtneming van:

De militair op wie de opleidingstabel van toepassing is, wordt met gebruikmaking van deze opleidingstabel met ingang van de eerste dag van de maand waarin deze jarig is dan wel wordt bevorderd, opnieuw ingeschaald op basis van de alsdan geldende leeftijd of rang.

Vervallen

Het hoofd defensieonderdeel kent de militair, bedoeld in artikel 10a, op het moment dat de opleidingstabel niet langer van toepassing is, met gebruikmaking van de salaristabel, een salaristrede toe behorende bij diens rang, onder toepassing van de aanvullende maatregelen, bedoeld in artikel 16, onderdeel j.

Vervallen

De militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal heeft aanspraak op een eindejaarsuitkering van 8,33% van de door hem genoten bezoldiging.

Vervallen

Bij ministeriële regeling kan de militair aanspraak worden verleend op:

Vervallen

Voor elke volledige dag dat de militair zich aan zijn dienstverplichtingen onttrekt, heeft hij geen aanspraak op inkomsten.

De militair die zich in krijgsgevangenschap bevindt of door een vreemde mogendheid is geïnterneerd, behoudt aanspraak op inkomsten, tenzij Onze Minister anders bepaalt.

Vervallen

Vervallen

De militair die op 31 mei 2001 aanspraak had op een overbruggingstoelage op grond van artikel 9, eerste lid, onder b, volgens de bepalingen van dit besluit zoals deze luidden op 31 mei 2001, behoudt zijn aanspraak op de overbruggingstoelage volgens de bepalingen van dit besluit zoals deze luidden op voornoemde datum.

Bij de vaststelling van de grondslag voor de vakantie-uitkering wordt in voorkomend geval het ingevolge de bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen bepaalde emolument huisvesting Koninklijke marechaussee, mede in aanmerking genomen.

Van de bevoegdheid tot het vaststellen van ministeriële regelingen als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdelen c en d, kan mandaat worden verleend aan de hoofddirecteur personeel van het Ministerie van Defensie.

Indien de billijkheid dat vordert, kan Onze Minister de militair schadeloos stellen, kosten vergoeden of overigens een geldelijke tegemoetkoming toekennen.

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 1996. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 1995, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 januari 1996.

Dit besluit wordt aangehaald als: Inkomstenbesluit militairen.

Opleidingstabel voor militairen met ingang van 1 januari 2023

Salarisschalen voor militairen met ingang van 1 januari 2023

Transitietabel militairen op 1 januari 2023

Overgangsmaatregelen loongebouw militairen van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2032