Wijzigingen Officiële bron
Vaststelling programma’s en subsidieplafonds 1998 Subsidiebesluit milieugerichte technologieVaststelling programma’s en subsidieplafonds 1998 Subsidiebesluit milieugerichte technologieDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Gelet op artikel 15.13, eerste tot en met derde lid, van de Wet milieubeheer, en de artikelen 2, 4, derde, vijfde en zesde lid, en 5, derde, vijfde en vierde lid, van het Subsidiebesluit milieugerichte technologie;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage6 maart 1998De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, M. de Boer

Met toepassing van het Subsidiebesluit milieugerichte technologie kunnen in 1998 subsidies worden verstrekt voor projecten in het kader van de in de artikelen 5 tot en met 10 bedoelde programma’s.

Om voor een subsidie in aanmerking te komen dient te worden voldaan aan artikel 3, eerste lid, van het Subsidiebesluit milieugerichte technologie.

Aanvragen tot subsidieverlening worden beoordeeld op de in artikel 3, tweede lid, van het Subsidiebesluit milieugerichte technologie bedoelde aspecten.

De berekening van het uurloon, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, van het Subsidiebesluit milieugerichte technologie, en de vaststelling van het opslagpercentage voor algemene kosten, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van dat besluit, met inbegrip van indirecte loonkosten en kosten van toezichthoudend personeel, kan geschieden overeenkomstig een voor de gehele organisatie van de aanvrager geldende en controleerbare methodiek.

Projecten als bedoeld in het tweede lid, onder d, komen voor subsidie in aanmerking, indien ze betrekking hebben op N2O-reductietechnieken bij de productie van salpeterzuur.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Afvalstoffen als bedoeld in artikel 5, onderdeel d, zijn: