Ministeriële regeling · BWBR0009505

Regeling duurzaam veilig

Wijzigingen Officiële bron
Regeling duurzaam veiligRegeling duurzaam veiligDe Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 185, eerste lid, van de Provinciewet;

Gelet op artikel 16 en 17 van de Financiële-verhoudingswet;

Gelet op artikel 2, derde lid, van het Besluit Infrastructuurfonds;

Gezien het convenant Startprogramma Duurzaam Veilig, gesloten op 15 december 1997 tussen Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, het Interprovinciaal Overleg, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, en de Unie van Waterschappen.

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, A.Jorritsma-Lebbink

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. minister:

Minister van Verkeer en Waterstaat;

b. besluit:

Besluit Infrastructuurfonds;

c. de aanvrager:

het bestuur van een gemeente, een provincie, of een waterschap dat op grond van deze regeling een aanvraag heeft ingediend;

d.30 km-project:

project tot omvorming van wegen binnen de bebouwde kom en in beheer bij de aanvrager tot een gebied waarbinnen een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur geldt, aangeduid met het verkeersbord A1 als bedoeld in bijlage 1 bij het RVV 1990;

e. 60 km-project:

project tot omvorming van wegen buiten de bebouwde kom en in beheer bij de aanvrager tot een gebied waarbinnen een maximumsnelheid van 60 kilometer per uur geldt, aangeduid met het verkeersbord A1 als bedoeld in bijlage 1 bij het RVV 1990;

f. fiets- en bromfietsmaatregelen:

infrastructurele maatregelen tot aanpassing van wegen en verkeerstekens met het oog op wijzigingen in de nationale regelgeving op het punt van voorrang verlenen aan o.a. fietsers en bromfietsers en op het punt van het al dan niet toelaten van bromfietsers op fietspaden, waaronder het op bepaalde locaties systematisch regelen van de voorrang.

g. weglengte:

lengte in hectometers van de wegen voorzien van een aaneengesloten verharde bovenlaag, in beheer bij de aanvrager, en waarop verkeer met motorvoertuigen op meer dan twee wielen is toegestaan, met dien verstande dat de lengte van een weg met gescheiden rijbanen is de lengte van één van de rijbanen.

h. bebouwde kom:

gebied binnen de grenzen overeenkomstig artikel 20a, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994;

i. subsidieplafond:

ten hoogste beschikbare bedrag als bedoeld in artikel 4:22 van de Algemene wet bestuursrecht;

j.verkeersbesluit:

besluit als bedoeld in artikel 15 van de Wegenverkeerswet 1994, inhoudende het vaststellen van de maximumsnelheid in een gebied op 30 of 60 kilometer per uur.

De minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag:

De minister beslist uiterlijk 1 mei 1999 over de aanvragen voor subsidieverlening, bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid.

De minister stelt de subsidie voor het treffen van fiets- en bromfietsmaatregelen uiterlijk 1 november 1998 vast.

De beschikking tot subsidievaststelling bevat:

De subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid, is verplicht uiterlijk

31 december 1999 het volgende te overleggen aan de minister:

De subsidie-ontvanger doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister van:

De subsidie-ontvanger is verplicht medewerking te verlenen aan een onderzoek naar de rechtmatigheid van de besteding van de ontvangen subsidiegelden, verricht door de Minister van Verkeer en Waterstaat aan te wijzen personen.

Onverschuldigd betaalde subsidiebedragen en voorschotten kunnen binnen vier weken na de subsidievaststelling, of de wijziging of intrekking daarvan worden teruggevorderd.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling duurzaam veilig.