ZBO-regeling · BWBR0009718

Keuringsreglement COKZ kaas

Wijzigingen Officiële bron
Keuringsreglement COKZ kaas Keuringsreglement COKZ kaas Het bestuur van de Stichting Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaan-gelegenheden in de Zuivel (bij afkorting: COKZ),

gelet op artikel 10, eerste lid, onder e, van de Landbouwkwaliteitswet (Stb. 1971, 371), alsmede artikel 36, tweede lid, van de statuten van genoemde Stichting (Stcrt. 1992, 63),

heeft in zijn vergadering van 24 juni 1998 vastgesteld het navolgende Reglement

In dit reglement wordt, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, de terminologie van de Landbouwkwaliteitsregeling kaas overgenomen en wordt voorts verstaan onder

regeling: Landbouwkwaliteitsregeling kaas (Stcrt. 1998, nr. 140).

kaas: kaas die is voorzien van een rijkskaasmerk of is bestemd om te worden voorzien van een rijkskaasmerk;

rijkskaasmerk: het rijkskaasmerk als bedoeld in artikel 4 van de regeling;

productdossier: productdossier als bedoeld in artikel 15, tweede lid van de regeling;

bereider: producent van kaas;

eerste bereider: producent van kaas, uitgezonderd boerenkaas;

opvolgende bereider: bedrijf anders dan een eerste bereider waarin kaas wordt opgeslagen gedurende de minimale bewaartermijn

doorleveren: afleveren van kaas van de eerste of opvolgende bereider aan een opvolgende bereider;

afleveren: afleveren van kaas na de verplichte bewaartermijn van de desbetreffende kaas;

directeur: directeur van het COKZ;

directeur Industrie en Handel: directeur Industrie en Handel van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

bestuur: bestuur van het COKZ.

In het geval dat de verplaatsing van de kaas, uitgezonderd boerenkaas wordt beëindigd binnen de laatste vier dagen van de voor de onderscheiden kaassoorten voorgeschreven minimale rijpingsduur als bedoeld in bijlage 2 van de regeling resp. binnen de voor de desbetreffende kaas in het productdossier genoemde minimale rijpingsduur moet de kennisgeving als bedoeld in artikel 9, tweede lid resp. artikel 10, tweede lid uiterlijk vier en twintig uur vóór het tijdstip van beëindiging van de verplaatsing door het COKZ zijn ontvangen. Kennisgeving van verplaatsingen gedurende de laatste vier dagen van de voor de onderscheiden kaassoorten voorgeschreven minimale rijpingsduur als bedoeld in bijlage 2 van de regeling resp. gedurende de laatste vier dagen van de voor de desbetreffende kaas in het productdossier genoemde minimale rijpingsduur dienen gescheiden van de overige kennisgevingen van verplaatsing plaats te vinden .

Het resultaat van de in artikel 14, tweede lid en artikel 15, tweede lid bedoelde onderdelen van de keuring wordt door middel van één of meer keuringsformulieren, houdende de bemonste-ringsgege-vens en de analyse- en/of keuringsresultaten aan de eerste resp. de opvolgende bereider van de kaas bekend gemaakt.

Het resultaat van de in artikel 22, derde lid, bedoelde onderdelen van de keuring wordt door middel van één of meer keuringsformulieren, houdende de bemonste-ringsgegevens en de analyse- en/of keuringsresultaten aan de bereider van de boerenkaas bekend gemaakt.

Het bepaalde in artikel 19 is van overeenkomstige toepassing op boerenkaas, waarvoor een afleveringsverbod is opgelegd.

Voor de vaststelling of kaas voldoet aan het bij het besluit of bij de regeling bepaalde moet worden gebruik gemaakt van de in de bijlage vermelde methoden van monsterneming en onderzoek. Indien voor een bepaald doel een methode ontbreekt, moet een door het bestuur goedgekeurde en gevalideerde methode worden toegepast.

Aangeslotenen zijn verplicht alle plaatsen, waar bereidingshandelingen plaatsvinden in het kader van de regeling, onverwijld ter kennis te brengen van het COKZ, onder opgave van het adres en de plaats van vestiging.

Dit reglement kan worden aangehaald als ’Keuringsreglement COKZ kaas’.

Indien in het navolgende wordt verwezen naar elders gepubliceerde methoden van monsterneming en onderzoek is de versie waarnaar hier wordt verwezen van toepassing, tenzij anders is bepaald.

In het geval van grensreacties is bij de desbetreffende methode aangegeven het aantal malen (n) dat een in de eis vermelde hoeveelheid analysemonster moet worden onderzocht en het maximum aantal malen dat een positief resultaat wordt toegelaten (a).

De methoden van monsterneming en onderzoek als beschreven in bijlage 2 bij het keuringsreglement COKZ melkpoeder. De methode voor monsterneming en onderzoek op wei-eiwitdenaturatie is hierboven vermeld onder A.9.