Wijzigingen Officiële bron
Regeling voorwaarden inzamelen huishoudelijke afvalstoffen nabij elk perceelRegeling voorwaarden inzamelen huishoudelijke afvalstoffen nabij elk perceelDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op de artikelen 10.11, derde lid, en 10.12, tweede lid, van de Wet milieubeheer,

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage27 oktober 1998De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.P.Pronk

In deze regeling wordt verstaan onder:

inzamelmiddel:

bewaarmiddel bestemd voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen, zoals een vuilniszak, een minicontainer of een afval-emmer;

clusterplaats:

locatie waar huishoudelijke afvalstoffen in een inzamelmiddel naar toe worden gebracht;

inzamelvoorziening:

voorziening, zoals een boven- of een ondergrondse container, waarin collectief huishoudelijke afvalstoffen kunnen worden achtergelaten met het oog op de inzameling daarvan.

De inzameling van huishoudelijke afvalstoffen nabij elk perceel vindt zodanig plaats dat sprake is van een laagdrempelige inzameling.

Er is sprake van een laagdrempelige inzameling indien de afstand tussen het perceel waar de huishoudelijke afvalstoffen ontstaan en de inzamelvoorziening of de clusterplaats niet meer bedraagt dan 75 meter.

De gemeenteraad kan in bijzondere gevallen bij de verordening, bedoeld in artikel 10.23, eerste lid, van de Wet milieubeheer, bepalen dat de afstand wordt vastgesteld op ten hoogste 125 meter.

Onverminderd het bepaalde in artikel 3 is er, in geval van inzameling anders dan op een clusterplaats, sprake van een laagdrempelige inzameling indien:

Deze regeling treedt in werking met ingang van tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling voorwaarden inzamelen huishoudelijke afvalstoffen nabij elk perceel.