Wijzigingen Officiële bron
Wet van 12 november 1998, houdende bepalingen met betrekking tot de dienstverlening op het gebied van grensoverschrijdende overmakingen (Wet grensoverschrijdende betaaldiensten)Wet grensoverschrijdende betaaldienstenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is ter uitvoering van richtlijn nr 97/5/EG van het Europees parlement en de Raad van 27 januari 1997, PbEG Nr L 43/25, regels te geven met betrekking tot de dienstverlening op het gebied van grensoverschrijdende overmakingen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage12 november 1998 Beatrix De Minister van Financiën, G. Zalm de tweeëntwintigste december 1998 De Minister van Justitie, A. H. Korthals

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:

De betalingsverkeerinstelling verstrekt aan haar cliënten die als opdrachtgever of als begunstigde betrokken zijn bij of het voornemen hebben tot een grensoverschrijdende overmaking, in een bevattelijke vorm schriftelijk en eventueel langs elektronische weg, informatie over de voorwaarden voor grensoverschrijdende overmakingen. De informatie behelst, onverminderd hetgeen in de verordening, indien van toepassing, bepaald is:

De betalingsverkeerinstelling die een overeenkomst met een cliënt aangaat met betrekking tot een grensoverschrijdende overmaking waarvan de specificaties nauwkeurig omschreven zijn, moet zich op verzoek van die cliënt verbinden ten aanzien van:

Indien een grensoverschrijdende overmaking niet tot stand is gekomen ingevolge niet-uitvoering van de grensoverschrijdende overmaking door een bemiddelende instelling of buitenlandse bemiddelende instelling die is gekozen door de betalingsverkeerinstelling van de begunstigde, is de betalingsverkeerinstelling van de begunstigde verplicht het met de grensoverschrijdende overmaking overeenkomende bedrag ter beschikking van de begunstigde te stellen.

Betalingsverkeerinstellingen en bemiddelende instellingen die bij de uitvoering van een grensoverschrijdende overmaking zijn betrokken, zijn vrijgesteld van de bij deze wet opgelegde verplichtingen indien er sprake is van overmacht. Onder overmacht wordt in deze wet verstaan abnormale en onvoorziene omstandigheden die onafhankelijk zijn van de wil van degene die zich erop beroept en waarvan de gevolgen ondanks alle voorzorgsmaatregelen niet konden worden vermeden.

Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, kan van het bij of krachtens deze wet bepaalde ten nadele van een opdrachtgever of begunstigde niet worden afgeweken.

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet grensoverschrijdende betaaldiensten.