Ministeriële regeling · BWBR0010166

Erkenningsregeling penitentiair programma

Wijzigingen Officiële bron
Regeling Erkenning Penitentiaire Programma’sRegeling van de Minister van Justitie houdende bepalingen met betrekking tot de eisen voor erkenning van een penitentiair programma of onderdeel daarvan (Erkenningsregeling penitentiair programma)Erkenningsregeling penitentiair programmaDe Minister van Justitie,

Gelet op artikel 4, derde en vijfde lid, van de Penitentiaire beginselenwet en artikel 5, vierde lid van de Penitentiaire maatregel;

Gezien het advies van de Centrale Raad voor Strafrechtstoepassing van 6 november 1998, kenmerk 724348/98;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Justitie,A.H. Korthals

In deze regeling wordt verstaan onder:

Een beschrijving van een penitentiair programma of onderdeel daarvan moet ten minste de volgende gegevens bevatten:

Vervallen

Deze regeling wordt twee jaar na haar inwerkingtreding geëvalueerd.

Deze regeling treedt op 1 januari 1999 in werking.

Artikel 5, derde, tot en met zesde lid, is niet van toepassing in regio’s waar elektronisch toezicht niet beschikbaar is. In die gevallen wordt het elektronisch toezicht vervangen door direct toezicht door of vanwege ambtenaren of medewerkers van DJI of SRN.

Deze regeling wordt aangehaald als: Erkenningsregeling penitentiair programma.