Ministeriële regeling · BWBR0010270

Regeling geneeskundig onderzoek vaarbewijzen binnenvaart

Wijzigingen Officiële bron
Regeling geneeskundig onderzoek vaarbewijzen binnenvaartRegeling geneeskundig onderzoek vaarbewijzen binnenvaartDe Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 21 van de Binnenschepenwet en de artikelen 6, derde lid, en 7, zesde lid, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen II, III, IV, V en VI, die ter inzage worden gelegd bij het Directoraat-Generaal Goederenvervoer, Willem Witsenplein 6, 2596 BK Den Haag.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, T.Netelenbos

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. Divisie Scheepvaart:

divisie Scheepvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;

b. aanvrager:

degene die in aanmerking wenst te komen voor de afgifte van een vaarbewijs als bedoeld in artikel 16 van de Binnenschepenwet;

c. arts:

de arts, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Binnenschepenwet;

d. deskundige:

de deskundige, bedoeld in artikel 21, tweede lid, van de Binnenschepenwet;

e.geneeskundig onderzoek:

het onderzoek, bedoeld in artikel 21 van de Binnenschepenwet;

f.geneeskundige verklaring:

de verklaring, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Binnenschepenwet;

g. eigen verklaring:

de verklaring, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de Binnenschepenwet.

Indien nog geen heronderzoek heeft plaatsgevonden, is een geneeskundige verklaring waarop is aangegeven dat de aanvrager geschikt is en die is afgegeven nadat door een andere arts een geneeskundige verklaring is afgegeven waarop is aangegeven dat de aanvrager ongeschikt is, ongeldig.

Onze Minister kan aanwijzingen geven ter uitvoering van de in deze regeling opgenomen bepalingen.

Het Keuringsbesluit vaarbewijzen binnenvaart wordt ingetrokken.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling geneeskundig onderzoek vaarbewijzen binnenvaart.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 1999.

Inleiding

Van groot belang is vooral het tijdig herkennen en (laten) behandelen van die aandoeningen die een duidelijk risicoverhogende factor betekenen. In het algemeen dient de betrokkene om in aanmerking te komen voor een geneeskundige verklaring vrij te zijn van enige afwijking, ziekte of verwonding die een veilige uitoefening van de werkzaamheden belemmert. Daarnaast mag de aanwezigheid van de betrokkene aan boord geen gevaar opleveren voor de gezondheid van de overige opvarenden. Overleg met de deskundige Indien er bij de beoordeling van de geschiktheid twijfels rijzen, dient daarover overleg plaats te vinden met de deskundige.

Specifieke werkzaamheden aan boord

Bij de keuring dient men zich terdege bewust te zijn van de specifieke werkomstandigheden aan boord:

Waakzaamheid en concentratievermogen

Het is in dit verband van belang dat men zich tevens realiseert dat er aan boord vele werkzaamheden zijn waarbij langdurige concentratie is vereist:

Geneesmiddelengebruik

Het is noodzakelijk te weten of de betrokkene geregeld gebruik maakt van geneesmiddelen die het functioneren kunnen beïnvloeden, zoals insuline en orale anti-diabetica, anti-epileptica, en coumarine-derivaten. Het aangewezen zijn op het gebruik van geneesmiddelen welke neveneffecten hebben in de zin van: duizeligheid, verminderd concentratie- en reactievermogen, psychische stoornissen, hypotensie en bradycardie kan een reden zijn voor ongeschiktheid. Indien geneesmiddelen worden gebruikt in doseringen die zich met de veiligheid van het varen laten verenigen (van patiënt tot patiënt verschillend, maar voor één patiënt behoorlijk constant), moet bij de afgifte van een geneeskundige verklaring worden overwogen of de betrokkene de (bij)werkingen van het geneesmiddel begrijpt en de voorschriften van de arts nauwgezet naleeft.

Uitgangspunten voor afkeuring

De medische maatstaven die zijn beschreven in § 2 tot en met § 5 dienen te worden gehanteerd bij de keuring voor een geneeskundige verklaring. De geneeskundige of de medisch specialist laat zich bij een beslissing tot afkeuring verder leiden door de navolgende algemene richtlijnen: Medisch ongeschikt voor de binnenvaart zeevaart is de persoon, die lijdt aan een ziekte, afwijking of verwonding:

De aanvrager moet in staat zijn een gewicht van 20 kg te tillen.

Van een voldoende gezichtsvermogen kan geen bewijs worden afgegeven wanneer de aanvrager lijdt aan een waarschijnlijk voortschrijdende oogziekte, waardoor de voor het gezichtsvermogen wezenlijke oogdelen zijn aangetast en die, naar het zich laat aanzien, binnen afzienbare tijd tot een aanmerkelijke vermindering van het gezichtsvermogen zal leiden.

Insuline Afhankelijke Diabetes Mellitus (IADM) die niet goed instelbaar is of gepaard gaat met hypoglykemieën, is een reden voor blijvende ongeschiktheid.

Voor goedkeuring is een gunstig specialistisch rapport vereist, waaruit blijkt, dat redelijkerwijs geen acute problemen zijn te verwachten.

Voor goedkeuring is een gunstig specialistisch rapport vereist, waaruit blijkt, dat redelijkerwijs geen acute problemen zijn te verwachten.

Asthma bronchiale met ernstige longfunctiestoornissen is een reden voor blijvende ongeschiktheid.

Ligt ter inzage bij het Directotaat-Generaal Goederenvoevoer te Den Haag.

Ligt ter inzage bij het Directotaat-Generaal Goederenvoevoer te Den Haag.

Ligt ter inzage bij het Directotaat-Generaal Goederenvoevoer te Den Haag.

Ligt ter inzage bij het Directotaat-Generaal Goederenvoevoer te Den Haag.

Ligt ter inzage bij het Directotaat-Generaal Goederenvoevoer te Den Haag.