Wijzigingen Officiële bron
Aftrek van vrijwillig betaalde premie voor aanvullende pensioenrechten als negatief loonAftrek van vrijwillig betaalde premie voor aanvullende pensioenrechten als negatief loonDe Directeur-Generaal Belastingdienst heeft namens de Staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.

Dit besluit is opnieuw uitgebracht voor de toepassing van de Wet IB 2001 en is gebaseerd op de regeling die gold voor de toepassing van de Wet IB 1964, besluit van 26 april 1999, nr. DB99/1273M, onderdeel 4.

In een aantal situaties worden aan pensioenfondsen – buiten de inhoudingssfeer – premies betaald voor pensioenregelingen waarbij sprake is van een verband met de loon/diensttijdnorm. In feite betreft het situaties waarin met deze premies rekening had kunnen worden gehouden bij de bepaling van het loon in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: Wet LB) indien die premies door inhouding op het loon zouden (kunnen) zijn voldaan. De bedoelde situaties zijn de volgende:

Ik keur goed dat de belanghebbenden de voor deze situaties betaalde premies als negatief loon kunnen opnemen in de aangifte inkomstenbelasting van het jaar van betaling. Hieraan verbind ik de voorwaarde dat de belanghebbende jaarlijks schriftelijk bij de aangifte verklaart dat de afgetrokken bedragen onherroepelijk onderdeel zijn gaan uitmaken van een voor hem geldende pensioenregeling waarop Hoofdstuk IIB van de Wet LB van toepassing is.

Ter voorkoming van misverstanden merk ik op dat deze goedkeuring geen betrekking heeft op situaties waarin de betaalde premies op grond van de Wet IB 2001 als uitgaven voor inkomensvoorzieningen zijn aan te merken. In dergelijke gevallen dienen de betaalde lijfrentepremies als zodanig ten laste van het inkomen te worden gebracht, binnen de daarvoor op grond van artikel 3.127 Wet IB 2001 geldende maxima.

Dit besluit treedt in werking met ingang van het belastingjaar 2001.