Ministeriële regeling · BWBR0013356

Examenreglement buitengewoon opsporingsambtenaar 2002

Wijzigingen Officiële bron
Examenreglement buitengewoon opsporingsambtenaar 2002Examenreglement buitengewoon opsporingsambtenaar 2002

Dit reglement wordt met toelichting gepubliceerd in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad.

Den Haag22 januari 2002 De Minister van Justitie,namens deze,de directeur-generaal Rechtshandhaving, C.W.M.Dessens

In dit examenreglement wordt verstaan onder:

a.Onze Minister:

de Minister van Justitie;

b.Citogroep:

in deze vertegenwoordigd door de Stichting Cito Markt te Arnhem.

Het examenreglement is van toepassing ter verkrijging van het Getuigschrift buitengewoon opsporingsambtenaar.

Het examen strekt zich uit over de examenstof, omschreven in het examenprogramma voor de buitengewoon opsporingsambtenaar en bestaat uit twee examenonderdelen, te weten het onderdeel rechtskennis en het onderdeel proces-verbaal.

Tot het examen worden toegelaten personen die zich tijdig hebben ingeschreven en aan de betalingsverplichting hebben voldaan.

De examenleider draagt zorg voor geheimhouding van de examenopgaven, ook na afsluiting van het examen.

De examencommissie kan onder bijzondere omstandigheden toestaan dat een kandidaat het examen geheel of gedeeltelijk aflegt op een wijze die is aangepast aan de mogelijkheden van de kandidaat. Tegen deze beslissing van de examencommissie is geen beroep mogelijk.

Het examenreglement en het examenprogramma kunnen bij de examencommissie worden opgevraagd.

Het Reglement examen buitengewoon opsporingsambtenaar van 1 december 2000, kenmerk 5066854/500/CBK, Stcrt. 2000, 238, wordt ingetrokken.

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 februari 2002.

Deze regeling wordt aangehaald als: Examenreglement buitengewoon opsporingsambtenaar 2002.

De Examencommissie,

ingevolge het Examenreglement buitengewoon opsporingsambtenaar 2002 benoemd door de Minister van Justitie, heeft geëxamineerd:

...

geboren op ...

te ...

en verklaart dat voornoemde kandidaat, overeenkomstig artikel 13 van het voornoemde examenreglement, voor beide examenonderdelen een voldoende heeft behaald, op grond waarvan dit getuigschrift is verstrekt.

Den Haag, ...

Namens de Minister,

De Examencommissie:

...

Voorzitter

Secretaris

...