Wijzigingen Officiële bron
Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw van 3 juli 2002, houdende de vaststelling van een aan telers van en handelaren in bloembollen (leverbaar) op te leggen heffing voor het jaar 2003 (Verordening PT vakheffing bloembollen leverbaar 2003)Verordening PT vakheffing bloembollen leverbaar 2003HET BESTUUR VAN HET PRODUCTSCHAP TUINBOUW,

gelet op de artikelen 95 en 126 van de Wet op de bedrijfsorganisatie, en

gelet op de artikelen 14, 15 en 19 van de Instellingsverordening Productschap Tuinbouw 1998;

gehoord de sectorcommissie Bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen, d.d 4 juni 2002;

BESLUIT:

Deze verordening en de daarbij behorende toelichting worden gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Zoetermeer3 juli 2002J. van derVeenvoorzitterC.Kuijvenhovensecretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 28 november 2002 en door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij bij beschikking van 26 augustus 2002, nr. TRCJZ/2002/8030.

Degene die, anders dan in de hoedanigheid van detaillist, zonder tussenkomst van een veiling bloembollen-leverbaar verkoopt aan niet-handelskaarthouders, is verplicht: 2,1% van het factuurbedrag van de door hem aldus verkochte bollen aan de desbetreffende kopers door te berekenen.

Indien een heffingsplichtige gegevens die hem krachtens de Verordening PT algemene bepalingen ten behoeve van de onderhavige verordening of krachtens deze verordening zijn gevraagd niet, niet tijdig of niet volledig verstrekt, wordt de heffing berekend over de dan te ramen omvang van de grondslag die op de heffingsplichtige ingevolge deze verordening van toepassing, welke heffing in dat geval verhoogd wordt met € 40 in verband met administratiekosten.

Indien uit de ter beschikking gekomen gegevens blijkt dat de verstrekking van de gegevens of een raming, niet in overeenstemming met de werkelijkheid, kan een opgelegde heffing aan de hand van deze gegevens worden herzien en opnieuw worden opgelegd.

Aan de heffingsplichtige, die niet of niet geheel binnen de in artikel 20 bedoelde termijn heeft betaald, kunnen de daaruit voortvloeiende extra kosten van € 22,50 in rekening worden gebracht, alsmede de wettelijke interest over het niet betaalde bedrag, te berekenen vanaf de dag waarop de betaling diende te zijn verricht ingevolge de aanmaning bedoeld in artikel 127, tweede lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie.

Een koper of verkoper van bloembollen-leverbaar wordt geacht, indien hij bloembollen-leverbaar door tussenkomst van een veiling verhandelt, aan zijn verplichtingen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 ten aanzien van de op vorenbedoelde wijze verhandelde producten te hebben voldaan, indien hij de desbetreffende veiling heeft gemachtigd namens hem aan het productschap de door hem verschuldigde heffing te voldoen en deze heffing door het productschap is ontvangen.

De invorderingskosten voortvloeiend uit het niet betalen binnen de gestelde termijn als bedoeld in artikel 20 en 21, zijn voor rekening en risico van de ondernemer.

De voorzitter is belast met de oplegging en inning van de heffing en de daarmee samenhangende kosten als bedoeld in de artikelen 6 tot en met 23.

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT vakheffing bloembollen leverbaar 2003.