Ministeriële regeling · BWBR0014789
Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003
Gelet op Richtlijn 92/40/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 mei 1992 tot vaststelling van communautaire maatregelen voor de bestrijding van aviaire influenza (PbEG L 167);
Gelet op artikel 10, eerste lid, van Richtlijn nr. 90/425/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 28 juni 1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautair handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 224);
Gelet op de artikelen 17, eerste lid, 18, eerste lid 30, eerste lid, artikel 31 en 107, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;
Gelet op artikel 7, tweede en derde lid, Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
's-Gravenhage 8 maart 2003 De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, overeenkomstig het door de minister genomen besluit, de directeur-generaal,R.M. BergkampIn deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
AI: Aviaire Influenza;
- b.
AI-gevoelige dieren: gehouden dieren van een soort behorende tot de orde van de hoenderachtigen (Galliformes), tot de familie van de eenden, ganzen en zwanen (Anatidae), tot de families van de struisvogels (Struthionidae), emoes (Dromaiidae) en nandoes (Rheidae) en voor consumptie gehouden duiven (Columbia livia);
- c.
minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
Het is verboden, onverminderd de artikelen 19 en 100 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, AI-gevoelige dieren op een bedrijf te houden, tenzij wordt voldaan aan artikel 2 en artikel 3, eerste lid.
De ondernemer meldt onverwijld elke verhoogde sterfte van AI-gevoelige dieren van meer dan 3% per week aan het Landelijk LNV dierziekten meldnummer.
De ondernemer consulteert een dierenarts indien bij AI-gevoelige dieren een klinisch probleem zichtbaar is of indien er een reductie van voer- of drinkwateropname is van meer dan 20%.
Indien er geen sprake is van aviaire influenza of new castle disease doet de dierenarts binnen acht uur melding van de klacht en het klinische probleem van de desbetreffende dieren en van de naam- en adresgegevens van het bedrijf aan de Gezondheidsdienst voor Dieren.
In het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003 nemen de personen die bedrijfsmatig kippen, kalkoenen en eenden houden, op instructie van de Gezondheidsdienst voor dieren, bloed af bij deze dieren, ten einde dat in laboratoria te laten onderzoeken op Aviaire Influenza.
Van het verbod tot het verrichten van operaties, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990, wordt vrijstelling verleend aan personen die bedrijfsmatig kalkoenen en eenden houden met betrekking tot het afnemen van bloed bij deze dieren in het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003.
Ter uitvoering van de artikelen 17, 18 en 30 van de Gezondheids- en welzijnwet voor dieren wordt medewerking gevorderd van het bestuur van het Productschap Pluimvee en Eieren.
De in het eerste lid bedoelde medewerking bestaat uit het verrichten van de noodzakelijke werkzaamheden, het aanwijzen van laboratoria en het bij verordening stellen van regels, inzake het laten afnemen van bloed bij pluimvee teneinde dit te laten onderzoeken op de aanwezigheid van AI.
De minister kan met betrekking tot het verlenen van de in het eerste lid bedoelde medewerking beleidsregels stellen.
Deze regeling wordt aan de media bekend gemaakt en treedt op 8 maart 2003 om 18.00 uur in werking.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003.