Ministeriële regeling · BWBR0017141
Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling
Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken;
Gelet op de artikelen 103, derde lid, 107, derde lid, 108, derde lid, alle iuncto artikel 25, zesde, zevende en achtste lid, artikel 109, eerste lid, iuncto artikel 43, tweede lid, artikel 110, derde lid, iuncto artikel 25, zevende lid en de artikelen 3, tweede, derde, vierde en zesde lid, 101, 102, eerste lid, 103, vierde en zesde lid, 105, tweede lid, 106, tweede lid, 107, vierde lid, 108, vierde lid, 109, tweede lid, 110, eerste en tweede lid, 124, eerste lid, en 127, vierde lid, van het Besluit stralingsbescherming;
Besluiten:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen 2 t.e.m. 7, die ter inzage worden gelegd in de bibliotheek van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Rijnstraat 8, 2515 XP Den Haag.
Den Haag25 augustus 2004 De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,P.L.B.A. vanGeelDe Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, H.A.L. vanHoofIn deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
besluit: Besluit stralingsbescherming;
- b.
bijlage: bij deze regeling behorende bijlage, tenzij anders is aangegeven;
- c.
oppervlaktebesmetting: aanwezigheid op het oppervlak van een object dat bestaat uit niet-radioactieve vaste stoffen, van niet-afwrijfbare of afwrijfbare natuurlijke bronnen met een gemiddelde massa per oppervlakte van minder dan 1 g/cm2;
- d.
bereikbaar oppervlak:
- 1°.
het bereikbaar oppervlak van een object zonder nader of destructief ingrijpen in dat object, of
- 2°.
oppervlak van een object dat bereikbaar is indien dat object geopend of uit elkaar genomen is voor gebruik, onderhoud of reparatie, voor product- of materiaalgebruik of voor product- of materiaalhergebruik;
- 1°.
- e.
eindbestemming: bestemming waarvan door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer of de ondernemer voorzien is dat een natuurlijke bron daar gedurende meer dan twee jaar zal verblijven, indien voor die bron geen andere bestemming is voorzien.
De lijst van werkzaamheden waarbij mogelijk de in bijlage 1, tabel 1 en 2, bij het besluit vermelde waarden worden overschreden, wordt bekendgemaakt door vermelding in bijlage 1.
De activiteiten of activiteitsconcentraties van natuurlijke bronnen worden gewogen en gesommeerd ten behoeve van de toetsing aan de in bijlage 1, tabel 1 of 2, van het besluit vermelde waarden, volgens de methode, aangegeven in bijlage 2, onder 1A en 1B.
De omgevingsdosisequivalenten, de equivalente en de effectieve doses, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het besluit, ten gevolge van werkzaamheden worden bepaald volgens de methode, bedoeld in artikel 3, derde lid, onder a, van het besluit, volgens de methode aangegeven in bijlage 2, onder 2.
De doses met betrekking tot werkzaamheden worden getoetst volgens de methode, aangegeven in bijlage 2, onder 3.
Werkzaamheden waarvoor een verplichting tot melding geldt overeenkomstig artikel 103, eerste lid, van het besluit, worden verricht met inachtneming van de in bijlage 3 opgenomen voorschriften.
De schade ten gevolge van werkzaamheden in gevallen, waarin de activiteitsconcentratie in combinatie met de activiteit geen juiste indicatie geeft van de schade ten gevolge van werkzaamheden, wordt bepaald en getoetst door:
- a.
de bepaling, onderscheidenlijk de toetsing van de oppervlaktebesmetting van enig bereikbaar oppervlak, of
- b.
de bepaling, onderscheidenlijk de toetsing van de externe straling ten gevolge van de besmetting van enig niet-bereikbaar oppervlak.
In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder a, geldt met het oog op de stralingsbescherming in afwijking van artikel 107, tweede lid, van het besluit, het in het eerste lid van dat artikel gestelde verbod voor werkzaamheden met natuurlijke bronnen indien de oppervlaktebesmetting een totale bèta-activiteit heeft, die gelijk is aan of hoger dan 4 Bq/cm2.
De oppervlaktebesmetting van een materiaal wordt gemeten volgens de methode aangegeven in bijlage 4.
Het eerste lid, onder a, is niet van toepassing in gevallen waarin de in het derde lid bedoelde meetmethode niet kan worden toegepast.
In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder b, geldt met het oog op de stralingsbescherming dat, indien de externe straling onder normale bedrijfsomstandigheden op 0,1 meter afstand van enig bereikbare buitenzijde van een bron een hoger omgevingsdosisequivalenttempo veroorzaakt dan 10 µSv per uur, zodanige maatregelen worden genomen dat voor die werkzaamheden een dosisbeperking van 1 mSv effectieve dosis in een kalenderjaar wordt gehanteerd.
In de gevallen waarin de effectieve doses voor leden van de bevolking ten gevolge van water- of luchtlozingen hoger kunnen zijn dan 10 µSv in een kalenderjaar, geldt met het oog op de stralingsbescherming, in afwijking van artikel 108, tweede lid, van het besluit, het in het eerste lid van dat artikel gestelde verbod.
Het is verboden radioactieve afvalstoffen van natuurlijke bronnen, in de gevallen bedoeld in artikel 110, tweede lid, van het besluit als eindbestemming op te slaan anders dan in een daartoe door de Ministers krachtens artikel 37, achtste lid, van het besluit aangewezen instelling.
De opslag van radioactieve afvalstoffen van natuurlijke bronnen als bedoeld in het eerste lid, die aan de waarden bedoeld in artikel 107, tweede lid voldoen, wordt verricht met inachtneming van de in bijlage 3 opgenomen voorschriften.
Het mengen van natuurlijke bronnen, niet zijnde afvalstoffen, met andere natuurlijke bronnen of met andere stoffen is toegestaan, mits deze bronnen zijn bestemd voor een nuttige toepassing.
In gevallen waarin bij het voorhanden hebben of toepassen van natuurlijke bronnen of het product- of materiaalhergebruik daarvan in grond-, weg- of waterbouw de activiteitsconcentratie in combinatie met de totale activiteit van de betrokken natuurlijke bronnen hoger is dan de in bijlage 1, tabel 1, van het besluit aangegeven waarden, worden de bronnen, indien dit redelijkerwijs mogelijk is, zodanig gemengd met andere materialen dat de activiteitsconcentratie in de uiteindelijk toe te passen bouwstof lager wordt dan de in bijlage 1, tabel 1, van het besluit aangegeven waarden.
In gevallen, bedoeld in het tweede lid, waarbij de menging van bronnen met andere materialen redelijkerwijs niet mogelijk is, is de werkzaamheid niet toegestaan indien de dosis voor leden van de bevolking hoger is dan 0,3 mSv effectieve dosis in een jaar.
In afwijking van artikel 101, iuncto artikel 38, vijfde lid, van het besluit geldt het verbod om afval van natuurlijke bronnen met afval van natuurlijke bronnen met een lagere activiteitsconcentratie of met andere afvalstoffen te mengen niet indien dit redelijkerwijs geen significant groter gevaar of significant grotere schade of hinder veroorzaakt.
Het melden van werkzaamheden, alsmede van het beëindigen daarvan, wordt gedaan op een formulier waarvan het model is opgenomen in bijlage 5.
De melding bevat, naast de gegevens, bedoeld in de artikelen 105, eerste lid, en 106, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
Een nieuwe melding als bedoeld in artikel 105, tweede lid, van het besluit is steeds een volledige melding en is vereist:
- a.
ten minste vier weken voordat aan een belangrijke wijziging in de werkzaamheden ten opzichte van de laatste melding wordt begonnen, of
- b.
in geval zich binnen vijf jaar na een volledige melding andere wijzigingen in de werkzaamheden hebben voorgedaan, of
- c.
in andere gevallen dan bedoeld onder a en b: tien jaar na de laatste volledige melding.
Indien het derde lid niet van toepassing is, moet een nieuwe melding na tien jaar gegeven worden.
Een ondernemer is vrijgesteld van het melden van werkzaamheden, in gevallen waarin een andere ondernemer deze meldt op een formulier waarvan het model is opgenomen in bijlage 6.
Een ondernemer in de grond-, weg- of waterbouw is vrijgesteld van het melden van werkzaamheden indien:
- a.
een andere ondernemer meldt dat de natuurlijke bron een eindproduct in de grond-, weg-, of waterbouw is en een schatting van de omgevingsdosisequivalent in een jaar ten gevolge van eindbestemming voor leden van de bevolking geeft, en
- b.
een certificaat bij de bronnen wordt meegeleverd, waarop vermeldt staat dat het radioactief materiaal betreft dat voor deze eindbestemming gebruikt mag worden.
De melding bevat, naast de gegevens bedoeld in artikelen 105, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
In een geval als bedoeld in het eerste lid, deelt de ondernemer een wijziging van de gemelde gegevens ten minste zes weken voor de aanvang van de wijziging schriftelijk mede aan de ondernemer die de melding gedaan heeft.
Artikel 10, derde tot en met vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Een aanvraag om een vergunning voor werkzaamheden wordt ingediend op een formulier, waarvan het model is opgenomen in bijlage 7.
De aanvraag bevat, naast de gegevens, bedoeld in artikel 109, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
Voor het aanwezig zijn van natuurlijke bronnen in werken van grond-, weg- of waterbouw buiten een inrichting, die zijn verricht of daadwerkelijk een aanvang hebben genomen voordat deze regeling in werking treedt, gelden de in artikel 103, eerste lid, van het besluit gestelde verplichting, het in artikel 107, eerste lid, van het besluit gestelde verbod en artikel 8, tweede lid, van deze regeling niet.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op stortplaatsen van radioactieve afvalstoffen die zijn ingericht voordat deze regeling in werking treedt.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op werkzaamheden in de grond-, weg- of waterbouw binnen een inrichting, indien de effectieve dosis voor werknemers binnen de locatie de 1 mSv in een kalenderjaar niet overschrijdt.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op werkzaamheden in de grond-, weg- of waterbouw binnen een inrichting, indien buiten de inrichting een actuele individuele dosis, als bedoeld in de Regeling analyse gevolgen ioniserende straling voor het milieu, van 0,1 mSv in een kalenderjaar voor leden van de bevolking niet wordt overschreden.
Indien een der doses, genoemd in het tweede of derde lid, wordt overschreden, wordt de situatie aangemerkt als een situatie die leidt tot langdurige blootstelling als gevolg van een vroegere werkzaamheid.
De ondernemer die een werkzaamheid verricht, waarvoor krachtens de wet tot de datum van inwerkingtreding van het besluit geen melding of vergunning was vereist, maar waarvoor krachtens hoofdstuk 8 van het besluit een melding vereist is, meldt deze werkzaamheid voor 1 maart 2005.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Num- mer | Onderwerp |
1 | Lijst van geïdentificeerde werkzaamheden |
2 | Methode van sommatie en toetsing van doses ten gevolge van werkzaamheden |
3 | Voorschriften voor meldingsplichtige werkzaamheden |
4 | Meetmethode en bepaling oppervlaktebesmetting met natuurlijke bronnen |
5 | Formulier voor melding, afmelding of wijziging werkzaamheden (artikelen 103, 104, 105 en 106 van het besluit) |
6 | Formulier voor ketenmelding werkzaamheden (artikelen 103, 104, 105 en 106 van het besluit) |
7 | Formulier vergunningaanvraag werkzaamheden |
Deze bijlage behoort bij artikel 2.
Nr. | Type industrie | Nr. | Soort werkzaamheid | Nr. | Natuurlijke bronnen waarvoor meldings- of vergunningplicht of anderszins regulering door het bevoegde gezag in het kader van de Kew van toepassing zou kunnen zijn |
1 | Thermische fosforproductie | 1.1 | Opslag | 1.1.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van elementair fosfor, fosforzuur en afgeleide producten, zoals cotrellstof, cotrellslurry en calcinaat |
1.2 | Productie | 1.2.1 | Cotrellstof, cotrellslurry, calcinaat | ||
1.3 | Decontaminatie of schoonmaken | 1.3.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
1.4 | Reparatie of onderhoud | 1.4.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
1.5 | Intern materiaal(her)gebruik | 1.5.1 | Cotrellstof en cotrellslurry | ||
1.5.2 | Ovenwandmateriaal en ovenuitruimmateriaal | ||||
1.5.3 | Stoffen die vrijkomen bij decontaminatie, onderhouds- of schoonmaakwerkzaamheden | ||||
1.5.4 | Besmette installatieonderdelen | ||||
1.6 | Lozen in water of lucht | 1.6.1 | Stoffen die vrijkomen tengevolge van de productie van elementair fosfor, fosforzuur en afgeleide producten | ||
1.7 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of voor afval | 1.7.1 | Fosforslakken, cotrellstof, cotrellslurry, calcinaat en besmette installatieonderdelen | ||
2 | Zinkproductie | 2.1 | Opslag | 2.1.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van zink, zoals cobaltkoek |
2.2 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of voor afval | 2.2.1 | Cobaltkoek en besmette installatieonderdelen | ||
3 | Staalproductie | 3.1 | Opslag | 3.1.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de ertsvoorbereiding |
3.1.2 | Stoffen die vrijkomen bij decontaminatie van installatieonderdelen | ||||
3.1.3 | Stoffen die vrijkomen bij cokesproductie | ||||
3.2 | Intern materiaalhergebruik | 3.2.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de ertsvoorbereiding | ||
3.3 | Lozen in lucht of water | 3.3.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van ruwijzer of cokes en ten gevolge van de ertsvoorbereiding | ||
3.4 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of voor afval | 3.4.1 | Filterstof enbesmette installatieonderdelen | ||
4 | Titaanoxide pigment productie | 4.1 | Opslag | 4.1.1 | (Afval)stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van titaanoxide pigment |
4.2 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of als afval | 4.2.1 | (Afval)stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van titaanoxide (TiO2)pigment | ||
4.3 | Lozing | 4.3.1 | Lozingen op (oppervlakte)water | ||
5 | Elektriciteitsproductie | 5.1 | Opslag | 5.1.1 | Besmette installatieonderdelen |
5.1.2 | Stoffen die vrijkomen bij decontaminatie, onderhouds- of schoonmaakwerkzaamheden | ||||
5.2 | Decontaminatie of schoonmaken | 5.2.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
5.3 | Reparatie of onderhoud | 5.3.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
5.4 | Lozen in lucht | 5.4.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van elektriciteit, zoals olie-, gas- of kolenstook | ||
6 | Olie- of gaswinning | 6.1 | Opslag | 6.1.1 | Besmette installatieonderdelen |
6.1.2 | Slib en scales die vrijkomen bij normale productie, decontaminatie, onderhouds- of schoonmaakwerkzaamheden | ||||
6.2 | Decontaminatie of schoonmaken | 6.2.1 | Met scales of slib besmette installatieonderdelen | ||
6.3 | Reparatie of onderhoud, slopen van installaties | 6.3.1 | Met scales of slib besmette installatieonderdelen | ||
6.4 | Product(her)gebruik | 6.4.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
6.5 | Lozen in lucht of water | 6.5.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van olie of gas | ||
7 | Bewerking van minerale delfstoffen, zanden en secundaire (grond)stoffen | 7.1 | Malen, breken en micromiseren | 7.1.1 | Zirkoonzanden, bauxiet, tantaliet, columbiet, coltan, straversiet, monaziet, rutiel, fosforslakken en spodumeen |
8 | Glasindustrie | 8.1 | Toepassing Zirkoon Alumina Casting (ZAC) als vuurvast materiaal in glasovens | 8.1.1 | ZAC-stenen |
8.2 | Vervanging ZAC-stenen | 8.2.1 | Afval-ZAC-stenen | ||
9 | Fijn keramiek | 9.1 | Opslag | 9.1.1 | Zirkoonzanden |
9.2 | Mengen | 9.2.1 | Zirkoonzanden | ||
10 | Gieterijen | 10.1 | Mengen | 10.1. | Zirkoonzanden |
10.2 | Vormen | 10.2.1 | Zirkoonzanden | ||
10.3 | Materiaal(her)gebruik | 10.3.1 | Gevormde zirkoonzanden | ||
11 | (Metaal)oppervlaktebehandeling | 11.1 | Plasma coaten en plasma spuiten | 11.1.1 | Zirkoonoxide of yttriumoxide |
11.2 | Polijsten | 11.2.1 | Ceriumoxide | ||
12 | Productie van laselektroden en lasdraden | 12.1 | Opslag en productie | 12.1.1 | Zirkoonoxide, thoriumhoudend wolfraam en zirkoonzanden |
13 | Las- en loodgieters bedrijven | 13.1 | Opslag laselektroden en lasdraden | 13.1.1 | Zirkoonhoudend stoffen |
13.2 | Aanslijpen | 13.2.1 | Zirkoonhoudende stoffen | ||
13.3 | Wiglassen | 13.3.1 | Thoriumhoudende stoffen | ||
14 | Grond- Weg- en Waterbouw (GWW) | 14.1 | Opslag van bouwstoffen | 14.1.1 | Fosforslak |
14.2 | Materiaal(her)gebruik als bouwstoffen | 14.2.1 | Fosforslak | ||
15 | Chemische industrie | 15.1 | Opslag | 15.1.1 | Chlorides van zeldzame aarden en zirkoon |
15.2 | Bereiding Fluid Cracking Catalyst (FCC) | 15.2.1 | Chlorides van zeldzame aarden en zirkoon | ||
15.3 | Decontaminatie of schoonmaken | 15.3.1 | Besmette installatieonderdelen (met radiumscales) | ||
15.4 | Reparatie of onderhoud | 15.4.1 | Besmette installatieonderdelen (met radiumscales) | ||
15.5 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of voor afval | 15.5.1 | Besmette installatieonderdelen (met radiumscales) | ||
16 | Kunstmestproductie | 16.1 | Opslag | 16.1.1 | Stoffen die vrijkomen ten gevolge van de productie van kunstmest |
16.1.2 | Slib dat vrijkomt bij decontaminatie | ||||
16.2 | Decontaminatie of schoonmaken | 16.2.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
16.3 | Reparatie of onderhoud | 16.3.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
16.4 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of als afval | 16.4.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
17 | Sloopbedrijven | 17.1 | Opslag | 17.1.1 | Slakkenwol |
17.2 | Slopen van installaties | 17.2.1 | Slakkenwol | ||
17.3 | Overdracht aan derden voor (her)gebruik of als afval | 17.3.1 | Slakkenwol die vrijkomt bij sloop | ||
18 | Opslag van afval | 18.1 | Verwerking | 18.1.1 | Te verwerken radioactief afval |
18.2 | Opslaan | 18.2.1 | Radioactief afval dat in deponie gebracht wordt | ||
18.3 | Deponie | 18.3.1 | Radioactief afval dat zich in deponie bevindt | ||
19 | Veembedrijven | 19.1 | Opslag | 19.1.1 | Delfstoffen en restanten daarvan |
20 | Gastransport | 20.1 | Opslag | 20.1.1 | Besmette installatieonderdelen |
20.1.2 | Slib en scales die vrijkomen bij normale productie, decontaminatie, onderhouds- of schoonmaakwerkzaamheden | ||||
20.2 | Decontaminatie of schoonmaken | 20.2.1 | Met scales of slib besmette installatieonderdelen | ||
20.3 | Reparatie of onderhoud, slopen van installaties | 20.3.1 | Met scales of slib besmette installatieonderdelen | ||
20.4 | Product(her)gebruik | 20.4.1 | Besmette installatieonderdelen | ||
21 | Onderzoeks-instituten | 21.1 | Proefnemingen met ertsen of splijtstoffen | 21.1.1 | Proefmaterialen |
21.2 | Opslag | 21.2.1 | Materiaal dat vrijkomt bij proefnemingen waarbij verrijking kan optreden | ||
22 | Transportbedrijven van natuurlijke materialen | 22.1 | Opslag in verband met vervoer | 22.1.1 | Stoffen die betrokken zijn bij alle hiervoor genoemde werkzaamheden |
22.2 | Laden en lossen op locatie | 22.2.1 | Stoffen die betrokken zijn bij alle hiervoor genoemde werkzaamheden | ||
22.3 | Daadwerkelijk transport | 22.3.1 | Transportstoffen waarvan de activiteit (Bq-totaal) hoger is dan 10 maal de vrijstellingswaarden en de activiteitsconcentratie (Bq/g) hoger is dan de vrijstellingswaarden in bijlage 1, tabel 1 van het besluit | ||
23 | Schroothandel en schrootverwerkende bedrijven die onder het Besluit detectie radioactief schroot vallen | 23.1 | Verwerking schroot | 23.1.1 | Gecontamineerd schroot |
23.2 | Zich ontdoen van schroot | 23.2.1 | Gecontamineerd schroot | ||
24 | Industriële reinigings- of schoonmaakbedrijven | 24.1 | Schoonmaken van besmette materialen, apparaten etc. | 24.1.1 | Gecontamineerde apparatuur, onderdelen en andere materialen |
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.