Wijzigingen Officiële bron
Verordening van het Productschap Zuivel van 15 september 2004 houdende regels omtrent de vaststelling van de grondslag voor de uitbetaling van boerderijmelk (Zuivelverordening 2005, Grondslag uitbetaling boerderijmelk)Zuivelverordening 2005, Grondslag uitbetaling boerderijmelkHet bestuur van het Productschap Zuivel;

Gelet op de artikelen 93, 95, 102 en 104 van de Wet op de bedrijfsorganisatie alsmede op de artikelen 5 en 6 van het Instellingsbesluit Productschap Zuivel;

Besluit:

Zoetermeer15 september 2004G.A.KoopstravoorzitterF.Beekmansecretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 21 juli 2005.

In deze verordening wordt verstaan onder:

De ontvanger van boerderijmelk ontvangt alleen boerderijmelk die in een melkkoeltank is bewaard.

De melkveehouder verleent alle medewerking aan de bemonstering van de boerderijmelk.

Het kwaliteitsonderzoek wordt verricht met inachtneming van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 hudende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (PbEG L226) zoals deze is of zal worden gewijzigd.

De hoeveelheid, de samenstelling en de kwaliteit van de ontvangen boerderijmelk worden, voor zover van belang voor de uitbetaling, aan de melkveehouder bekend gemaakt.

Indien de uitbetaling van boerderijmelk plaatsvindt op grond van samenstelling en/of kwaliteit, dan draagt de ontvanger van boerderijmelk er zorg voor dat de betrokken onderzoeken worden verricht door een melkcontrolestation dat beschikt over een terzake deskundige leiding, over een voor het te verrichten onderzoek voldoende outillage, alsmede over een gedocumenteerd en adequaat functionerend kwaliteitssysteem en dat voor alle in dit kader relevante onderzoekmethoden geaccrediteerd is volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025. Het bestuur kan nadere eisen stellen aan een melkcontrolestation.

De uitslagen van het onderzoek worden vastgelegd op een toegankelijke en overzichtelijke wijze. De uitslagen worden gedurende ten minste een jaar bewaard.

Het bij of krachtens deze verordening bepaalde is bindend voor de in artikel 102, lid 1, van de wet bedoelde natuurlijke en rechtspersonen alsmede voor de in artikel 102, lid 2 van de wet bedoelde natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig plegen te worden verricht in de ondernemingen, bedoeld in artikel 102, lid 1, van de wet.

De Zuivelverordening 2000, Uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit, samenstelling en gewicht en de Zuivelverordening 2003, Vaststelling frequentie en beoordeling resultaten kwaliteitsonderzoek worden ingetrokken.