Ministeriële regeling · BWBR0017940

Regeling Onderzoeksraad voor veiligheid

Wijzigingen Officiële bron
Regeling Onderzoeksraad voor veiligheidRegeling Onderzoeksraad voor veiligheidDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op Richtlijn nr. 1999/35/EG van de Raad van de Europese Unie van 29 april 1999 betreffende een stelsel van verplichte onderzoeken voor de veilige exploitatie van geregelde diensten met ro-ro-veerboten en hogesnelheidspassagiersvaartuigen (PbEG L 138) alsmede op de artikelen 22, tweede lid, 27, 29, 44, 45, zesde lid, 46, 53, en 55, vijfde lid, van de Rijkswet Onderzoeksraad voor veiligheid, artikel 4, derde en vierde lid, van het Rijksbesluit Onderzoeksraad voor veiligheid en de artikelen 1, eerste lid, onderdeel o, 11 en 13 van het Besluit Onderzoeksraad voor veiligheid;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J.W.Remkes

In deze regeling wordt verstaan onder:

In geval van een voorval met een zeeschip wordt onder staat met aanmerkelijk belang, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel o, van het Besluit Onderzoeksraad voor veiligheid, verstaan:

Zo spoedig mogelijk na het onderzoek zendt de raad in geval van een onderzoek naar een luchtvaartongeval met een luchtvaartuig met een startmassa van meer dan 2250 kg of een ernstig luchtvaartincident met een luchtvaartuig met een startmassa van meer dan 5700 kg een bericht met uit het onderzoek naar voren gekomen gegevens naar de internationale burgerluchtvaartorganisatie.

De raad is, in geval van een luchtvaartongeval of een luchtvaartincident, verplicht een vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de rijkswet, en een deskundige als bedoeld in artikel 45, vierde lid, van de rijkswet, aan het onderzoek te laten deelnemen, indien daartoe een verzoek wordt gedaan door:

De raad is, in geval van een scheepvaartongeval of een scheepvaartincident met een zeeschip, verplicht staten met aanmerkelijk belang uit te nodigen een verzoek te doen een vertegenwoordiger te laten deelnemen aan het onderzoek.

Indien de raad een onderzoek instelt naar een voorval, waarbij een spoorwegonderneming als bedoeld in artikel 3, aanhef en onder 3, van de spoorwegveiligheidsrichtlijn, met een vergunning van een andere lidstaat betrokken is of waarbij een in een andere lidstaat geregistreerd of onderhouden voertuig betrokken is, nodigt hij het onderzoeksorgaan, bedoeld in artikel 22 van de spoorwegveiligheidsrichtlijn, van die lidstaat uit deel te nemen aan het onderzoek.

De raad is, ingeval een staat waarvan burgers dodelijk of ernstig letsel hebben opgelopen bij een gebeurtenis met een luchtvaartuig, verplicht een deskundige aan het onderzoek te laten deelnemen, nadat de betreffende staat daaromtrent een met redenen omkleed verzoek heeft gedaan. De deskundige is bevoegd:

De raad stelt het rapport, bedoeld in artikel 55, eerste lid, van de rijkswet, op in een bij de aard en de ernst van het voorval passende vorm en hanteert zoveel mogelijk een uniform model.

Het rapport betreffende een scheepvaartongeval of een scheepvaartincident met een zeeschip wordt opgesteld met inachtneming van bijlage I bij richtlijn nr. 2009/18/EG.

Vervallen

Wijzigt de Regeling burgerluchtvaartinlichtingen.

Wijzigt de Regeling risico’s zware ongevallen 1999.

Deze regeling treedt in werking op het krachtens artikel 97, eerste lid, eerste volzin, van de rijkswet vastgestelde tijdstip.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Onderzoeksraad voor veiligheid.