Ministeriële regeling · BWBR0018395

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar BBE-SIE 2005

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van de Minister van Justitie van 7 juni 2005, nr. 5356510/505, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren van politie bij de BBE-SIEBesluit buitengewoon opsporingsambtenaar BBE-SIE 2005 De Minister van Justitie,

Gelezen het verzoek van de korpschef van het Korps Landelijke Politiediensten d.d. 9 november, kenmerk BOA/01/WV;

Gelet op artikel 142, eerste lid, onder b, van het Wetboek van Strafvordering, artikel 17, eerste lid, aanhef en onder ten tweede, van de Wet op de economische delicten, artikel 8, zevende lid, en artikel 60, van de Politiewet 1993;

Handelende in overeenstemming met de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Defensie,

Besluit:

Den Haag7 juni 2005De Minister van Justitie,namens deze:de wnd. Directeur-Generaal Rechtshandhaving, J. van den Heuvel

In dit besluit wordt verstaan onder:

De medewerkers van het Ministerie van Defensie, te werk gesteld bij de BBE-SIE, belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Op grond van dit besluit kunnen maximaal 50 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd.

De Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar is niet van toepassing op de buitengewoon opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 2 van dit besluit.

De korpschef van het KLPD brengt voor 1 februari 2007 over de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 aan de toezichthouder, genoemd in artikel 5 van dit besluit, en de Minister van Justitie verslag uit over:

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 2004. Dit besluit vervalt op 1 januari 2007.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar BBE-SIE 2005.