Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 19 september 2005, nr. 2005-0000225119, gedaan mede namens Onze Minister van Buitenlandse Zaken en de Staatssecretaris van Defensie;
Gelet op de artikelen 125, eerste lid, onderdelen l en m, en tweede lid, van de Ambtenarenwet, 50 van de Politiewet 1993 en 12, eerste lid, onderdelen q en r, en tweede lid, van de Militaire Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 11 november 2005, nr. W04.05.0412/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 25 januari 2006, nr. 2006-0000009940, uitgebracht mede namens Onze Minister van Buitenlandse Zaken en de Staatssecretaris van Defensie;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage3 februari 2006BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ,J. W.RemkesDe Minister van Buitenlandse Zaken ,B. R.BotDe Staatssecretaris van Defensie ,C. van der Knaapde negende maart 2006De Minister van Justitie ,J. P. H.DonnerWijzigt het Algemeen Rijksambtenarenreglement.
Wijzigt het Besluit algemene rechtspositie politie.
Wijzigt het Besluit rechtspositie vrijwillige politie.
Wijzigt het Burgerlijk Ambtenarenreglement Defensie.
Wijzigt het Algemeen Militair Ambtenarenreglement.
Wijzigt het Ambtenarenreglement Staten-Generaal.
Wijzigt het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken.
Voor regelingen die zijn gebaseerd op artikel 61, derde lid, tweede volzin, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement respectievelijk artikel 66, vierde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, artikel 19, vierde lid, van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie, artikel 79, vierde lid, van het Burgerlijk Ambtenarenreglement Defensie, artikel 151, vierde lid, van het Algemeen Militair Ambtenarenreglement en artikel 69, derde lid, tweede volzin, van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken geldt als grondslag artikel 61, vierde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement respectievelijk artikel 55a, vijfde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, artikel 14a, vijfde lid van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie, artikel 70, vierde lid, van het Burgerlijk Ambtenarenreglement Defensie, artikel 126b, vijfde lid, van het Algemeen Militair Ambtenarenreglement en artikel 69, vierde lid, van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.