Ministeriële regeling · BWBR0021915

Warenwetregeling tatoeëren en piercen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 23 mei 2007, nr. VGP/PSL 2770998, houdende regels met betrekking tot het gebruik van tatoeage- en piercingmateriaal (Warenwetregeling tatoeëren en piercen)Warenwetregeling tatoeëren en piercenDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken;

Gelet op de artikelen 4, vijfde lid, en 9, van het Warenwetbesluit tatoeëren en piercen en artikel 25, eerste en vierde lid, van de Warenwet;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, A.Klink

In deze regeling wordt verstaan onder:

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport houdt een openbaar register bij waarin is opgenomen:

In de vergunning worden de materialen vermeld, waarvoor de vergunning wordt verleend, alsmede de ruimte in het pand, waarvoor de vergunning is verleend.

Als ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van artikel 24 en op de naleving van het bepaalde bij of krachtens het Warenwetbesluit tatoeëren en piercen, worden aangewezen de ambtenaren werkzaam bij de GGD’en.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 2007.

Deze regeling wordt aangehaald als: Warenwetregeling tatoeëren en piercen.