Regeling · BWBR0022738

Verordening PT algemene bepalingen 2007

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 3 juli 2007, houdende de vaststelling van algemene bepalingen die gelden ten aanzien van het productschap (Verordening PT algemene bepalingen 2007)Verordening PT algemene bepalingen 2007Het Bestuur van het Productschap,

gelet op de artikelen 77, 83, 93, 95, 104, 106, 126, 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatie;

gelet op hoofdstuk 4, 6, 7 en 10 van de Algemene wet bestuursrecht;

gelet op de artikelen 12 tot en met 14 van het Instellingsbesluit Productschap Tuinbouw;

gehoord:

de Commissie voor hovenierswerkzaamheden, d.d. 11 april 2007,

de Commissie voor boomkwekerijproducten, d.d. 9 mei 2007,

de Commissie voor bloemkwekerijproducten, d.d. 16 mei 2007,

de Commissie voor energie d.d. 31 mei 2007,

de Commissie voor groenten en fruit, d.d. 19 juni 2007,

de Sociaal-Economische Commissie, d.d. 21 juni 2007, en

de Commissie voor bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen, d.d. 26 juni 2007

Besluit:

De verordening en de toelichting zal worden gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Zoetermeer3 juli 2007D.DuijzervoorzitterC.Kuijvenhovensecretaris

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Vervallen

De ondernemer is jaarlijks aan het productschap een heffing verschuldigd.

In afwijking van het bepaalde in het voorgaande artikel kan de heffingsplichtge een voorlopige heffing worden opgelegd tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld.

De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens de van toepassing zijnde heffingsverordening verschuldigde heffing.

De heffingsnota bevat ten minste:

De heffingsplichtige, die niet of niet geheel binnen de in artikel 3:8 bedoelde termijn heeft betaald, worden de daaruit voortvloeiende extra kosten van € 22,50 in rekening gebracht, alsmede de wettelijke interest over het niet betaalde bedrag, te berekenen vanaf de dag waarop de betaling diende te zijn verricht, ingevolge de aanmaning als bedoeld in artikel 127, tweede lid, van de wet.

De invorderingskosten voortvloeiend uit het niet betalen binnen de termijn als bedoeld in artikel 3:8 en 3:9. zijn voor rekening en risico van de ondernemer.

De voorzitter is belast met de oplegging en inning van de heffing en de daarmee samenhangende kosten als bedoeld in de artikelen 3:8 tot en met 3:10.

Iedere ondernemer is verplicht de voor de afnemer bestemde facturen op de dag van uitvoer, onderscheidenlijk het brengen buiten het verzendgebied, aan het productschap toe te zenden.

In afwijking van het bepaalde in artikel 4:1 zendt iedere ondernemer die bloemkwekerijproducten verhandelt de facturen aan het Hoofd bedrijfschap Agrarische Groothandel/bloemen en planten.

De ondernemer die bloemkwekerijproducten uitvoert of buiten het verzendgebied brengt, is verplicht om, zodra de buitenlandse afnemer een zending bloemkwekerijproducten heeft betaald, het Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel/Bloem en Planten van deze betaling in kennis te stellen.

Het bestuur van het productschap kan, bij besluit, omtrent de uitvoering van het bepaalde in dit hoofdstuk nadere voorschriften stellen.

De artikelen 26 en 27 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op het (dagelijks) bestuur, de artikel 88/88a-commissies, overige commissies en werkverbanden, behoudens het bepaalde in artikel 90 van de wet.

De artikelen 10 en 77 van de wet zijn ten aanzien van (dagelijks) bestuur, de artikel 88/88a-commissies, overige commissies en werkverbanden van overeenkomstige toepassing.

De beslissingsbevoegdheid ten aanzien van een aantal besluiten wordt overeenkomstig artikel 95, tweede lid van de wet overgedragen aan commissies ingesteld op grond van artikel 88a van de wet en de Sociaal Economische Commissie.

De voorzitter is belast met de uitvoering van verordeningen en besluiten van het (dagelijks) bestuur en oefent de daarmee verband houdende bevoegdheden uit, tenzij deze bevoegdheden uitdrukkelijk aan het (dagelijks) bestuur zijn voorbehouden en met dien verstande, dat het (dagelijks) bestuur, ingeval het zulks nodig oordeelt, een andere voorziening kan treffen.

De voorzitter is bevoegd de tekst van ontwerp-verordeningen als bedoeld in artikel 100 van de wet, vast te stellen. Het bestuur kan, ingeval het zulks nodig oordeelt, een andere voorziening treffen.

De voorzitter is bevoegd tot het nemen van beslissingen, welke betrekking hebben op, voortvloeien uit of verband houden met het dagelijks beheer als bedoeld in artikel 123, van de wet.

De voorzitter oefent de krachtens artikel 11, van de In- en Uitvoerwet, en artikel 23, van de Landbouwwet aan het bestuur overgedragen bevoegdheden - andere dan verordenende - uit. Het bestuur kan ingeval het zulks nodig acht, een andere voorziening treffen.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

De leden van andere commissies genieten voor elke door hen bijgewoonde vergadering, in relatie tot een dagdeel, een vergoeding bestaande uit:

Vacatiegelden en kilometervergoedingen zijn inclusief de eventueel verschuldigde omzetbelasting.

De voorzitter kan ingeval artikel 8:3 tot en met 8:4 afwijken van de aldaar genoemde vergoedingen voor de aldaar bedoelden.

Het bedrag wordt op kwartaalbasis betaalbaar gesteld.

De bepalingen uit hoofdstuk 6 en 7 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing

Het indienen en de wijze van het afhandelen van een projectaanvraag en een verzoek voor het verkrijgen van een exploitatiesubsidie wordt vastgelegd in een nader op te stellen regeling.

Jaarlijks stelt het bestuur, nadat inzicht is verkregen in zowel de financiële positie van de te onderscheiden (deel)sectoren en de geformuleerde beleidsdoelstellingen, een daarmee samenhangend subsidieplafond vast.

Het indienen en de wijze van het afhandelen van financiële vergoedingen wordt vastgelegd in een nader op te stellen regeling.

Het productschap zal toezicht gaan uitoefenen op degene die een projectbijdrage dan wel exploitatiesubsidie wordt verstrekt. Een en ander zal worden vastgelegd in een nader op te stellen regeling.

Deze verordening treedt in werking de tweede dag na plaatsing in het Verordeningblad Bedrijfsorganisatie.

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT algemene bepalingen 2007.