Wijzigingen Officiële bron
Besluit bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007Besluit bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden,

Op grond van artikel 8, eerste lid, aanhef en onder b, artikel 26, vierde lid en artikel 46, vierde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Stb. 2007, 125);

Gelet op het bepaalde in artikel 4, artikel 10, artikel 25, artikel 42, artikel 45, artikel 69 en artikel 130 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Stb. 2007, nr. 334) en de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Stcrt. 2007, nr. 188), de Algemene wet bestuursrecht en mede gelet op Richtlijn 91/414/EEG en Richtlijn 98/8/EG;

Besluit de volgende regeling te treffen voor de uitvoering van de aanvraagprocedure voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden:

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden, voor deze: de Voorzitter, D.K.J.Tommel

Nadat de aanvrager het bedrag, bedoeld in artikel 8:3, lid 7, aan het Ctgb heeft voldaan, heeft de aanvrager verwijsrecht verkregen naar de desbetreffende dierproefgegevens.

Een aanvraag als bedoeld in artikelen 121, 123, 124 en 125 van de wet tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel met bestaande werkzame stoffen die worden onderzocht voor opneming in een bijlage bij de gewasbeschermingsmiddelenrichtlijn, wordt afgehandeld overeenkomstig het bepaalde in Hoofdstuk 2 en 3.

Een aanvraag als bedoeld in artikelen 121, 123, 124 en 125 van de wet tot toelating van een biocide met bestaande werkzame stoffen die worden onderzocht voor opneming in een bijlage bij de biociderichtlijn, wordt afgehandeld overeenkomstig het bepaalde Hoofdstuk 4 en 5.

Aanvragen inzake vereenvoudigde uitbreidingstoelating van een biocide, als bedoeld in artikel 126 van de wet, worden afgehandeld overeenkomstig artikel 3:1 van dit besluit.

Indien het Ctgb ten gevolge van een communautaire maatregel als bedoeld in artikel 127 van de wet voornemens is een besluit te nemen tot wijziging of intrekking van een toelating als bedoeld in artikel 121 van de wet stelt het een ontwerp van het besluit op en doet daarvan minimaal 8 weken voordat uitvoering met zijn gegeven aan de communautaire maatregel mededeling aan de toelatinghouder. De toelatinghouder kan binnen 2 weken na ontvangst van de mededeling een zienswijze indienen. Het Ctgb beslist zo spoedig na ontvangst van de zienswijze doch uiterlijk op de datum dat uitvoering moet zijn gegeven aan de communautaire maatregel. Bij intrekking van de lopende toelating kan geen opgebruik- en afleveringstermijn worden gegeven die doorloopt tot na de datum dat uitvoering moet zijn gegeven aan de communautaire maatregel

Geen afleverings- en/of opgebruiktermijn wordt vastgesteld indien de volksgezondheid of de veiligheid voor de toepasser in het geding zijn.

Indien het Ctgb een toelating intrekt dan wel het toepassingsgebied wijzigt ter uitvoering van een communautaire maatregel wordt een afleverings- en/of opgebruiktermijn vastgesteld aan de hand van de bepalingen daarover in de betreffende communautaire maatregel.

Indien een toelating wordt ingetrokken of gewijzigd, worden de toelatingen van afgeleide toelatingen als bedoeld in artikel 32 en artikel 52 van de wet en parallelle toelatingen als bedoeld in artikel 33 en artikel 53 van de wet ambtshalve ingetrokken dan wel gewijzigd indien er aanwijzingen bestaan dat ook deze toelatingen niet meer voldoen aan de toelatingsvoorwaarden. Het Ctgb stelt een afleverings- en/of opgebruiktermijn voor de afgeleide toelating of parallelle toelating vast die gelijk is aan de afleverings- en opgebruiktermijn die het Ctgb vaststelt voor de ingetrokken toelating.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007.