Wijzigingen Officiële bron
Beleidsregel van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 18 december 2008, nr. WJZ/82097 (8235), betreffende de bevoegdheid tot het aanwijzen van onroerende monumenten als beschermd monument, bedoeld in artikel 3 van de Monumentenwet 1988 (Beleidsregel aanwijzing beschermde monumenten 2009)Beleidsregel aanwijzing beschermde monumenten 2009De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Monumentenwet 1988;

De Raad voor cultuur gehoord (advies van 3 december 2008);

Besluit:

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H.A.Plasterk

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

Deze beleidsregel heeft betrekking op de wijze waarop de minister gebruik maakt van de bevoegdheid tot het aanwijzen van onroerende monumenten als beschermd monument, bedoeld in artikel 3, eerste en tweede lid, van de wet.

Met het oog op de aanwijzing van monumenten of archeologische monumenten als beschermd monument kan de minister, de Raad voor cultuur gehoord, een aanwijzingsprogramma vaststellen.

Bij de aanwijzing van een monument als beschermd monument houdt de minister rekening met de mate waarin het monument:

De minister kan ambtshalve en op aanvraag een archeologisch monument aanwijzen als beschermd monument, indien:

Bij het opstellen van een aanwijzingsprogramma als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, past de minister de volgende criteria toe:

Deze beleidsregel geldt vanaf 1 januari 2009 tot en met 31 december 2012.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel aanwijzing beschermde monumenten 2009.