Wijzigingen Officiële bron
Wet van 17 december 2009 tot wijziging van de Successiewet 1956 en enige andere belastingwetten (vereenvoudiging bedrijfsopvolgingsregeling en herziening tariefstructuur in de Successiewet 1956, alsmede introductie van een regeling voor afgezonderd particulier vermogen in de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Successiewet 1956)Wijzigingswet Successiewet 1956, enz. (vereenvoudiging bedrijfsopvolgingsregeling en herziening tariefstructuur, alsmede introductie van een regeling voor afgezonderd particulier vermogen) Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om in de Successiewet 1956 de tarieven te verlagen, het stelsel van vrijstellingen te vereenvoudigen, daar waar nodig de wet aan te passen om ontgaansmogelijkheden te pareren, de bedrijfsopvolgingsregeling opnieuw vorm te geven en in de Wet inkomstenbelasting 2001 een regeling voor afgezonderd particulier vermogen te introduceren;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage17 december 2009BeatrixDe Staatssecretaris van Financiën, J. C. deJagerde drieëntwintigste december 2009De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin

Wijzigt de Successiewet 1956.

Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.

Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

Wijzigt de Wet op de dividendbelasting 1965.

Wijzigt de Invorderingswet 1990.

Wijzigt de Wet op belastingen van rechtsverkeer.

Wijzigt de Natuurschoonwet 1928.

Wijzigt de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Wijzigt de Wet op de accijns.

Wijzigt de Invoeringswet titel 7.13 Burgerlijk Wetboek.

Wijzigt deze wet.

In afwijking in zoverre van artikel 6.33, derde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, wordt een kerkelijke, levensbeschouwelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke of het algemeen nut beogende instelling die is aangemerkt als een instelling in de zin van artikel 6.33, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dat onderdeel luidde op 31 december 2009, met ingang van 1 januari 2010 niet meer als een instelling in de zin van artikel 6.33, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001 aangemerkt. In afwijking in zoverre van de eerste volzin en van artikel 6.33, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, wordt de instelling, bedoeld in de eerste volzin, met ingang van 1 januari 2010 aangemerkt als een instelling in de zin van artikel 6.33, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dit onderdeel met ingang van 1 januari 2010 luidt, indien de instelling voor 7 december 2009 tegenover de inspecteur heeft verklaard aan de in dat onderdeel genoemde voorwaarden te voldoen.