Algemene maatregel van bestuur · BWBR0028547

Wet toezicht bank- en kredietwezen 1994 BES

Wijzigingen Officiële bron
Wet toezicht bank- en kredietwezen 1994 BESWet toezicht bank- en kredietwezen 1994 BES

Deze wet is niet van toepassing op verzekeraars, voor zover zij het verzekeringsbedrijf als bedoeld in de Wet toezicht verzekeringsbedrijf BES uitoefenen.

Een onderneming of instelling die voornemens is het bedrijf van geldtransactiekantoor uit te oefenen, verzoekt per aangetekende brief aan de Bank haar een vergunning te verlenen. Artikel 3, tweede lid, onderdelen b tot en met e en h tot en met j, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

De aanvragende onderneming of instelling is verplicht de Bank of degene die in haar opdracht de inlichtingen inwint, zoveel mogelijk behulpzaam te zijn en desgevraagd inzage in en alsmede afschriften van alle boeken, bescheiden en andere informatie dragers te verschaffen als door de Bank noodzakelijk wordt geacht in het kader van de vergunningsprocedure.

Een onderneming of instelling waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 2, is verleend, is gehouden aan het gestelde in artikel 4, eerste lid, alsmede aan voorschriften gebonden aan en beperkingen gesteld bij de vergunning te blijven voldoen.

De Bank is bevoegd bij iedere onderneming of instelling waarin een kredietinstelling een deelneming heeft danwel bij iedere onderneming of instelling die een deelneming heeft in een kredietinstelling, alle inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen die zij nodig acht ter uitoefening van het toezicht op geconsolideerde basis.

De Bank houdt toezicht op de kredietinstellingen in het belang van de liquiditeit en solvabiliteit van de kredietinstellingen.

Een kredietinstelling is verplicht de Bank mededeling te doen van iedere voorgenomen wisseling van haar externe accountant. De aanstelling van de externe accountant vindt plaats nadat de Bank heeft medegedeeld daartegen geen bezwaar te hebben.

De Bank is bevoegd, in het kader van het bedrijfseconomisch toezicht onderzoeken van buitenlandse instanties die met het toezicht op kredietinstellingen zijn belast, toe te laten bij in de openbare lichamen gevestigde kredietinstellingen die onder geconsolideerd toezicht staan van genoemde toezichthouders. De Bank zal in voorkomend geval tevoren voorwaarden stellen aan onderscheidenlijk aanwijzingen geven voor de uitvoering van deze toezichtswerkzaamheden. De functionarissen van de buitenlandse instanties die met het toezicht op kredietinstellingen zijn belast, zijn gehouden de aanwijzigingen van de Bank stipt te volgen.

Een kredietinstelling is verplicht onverwijld een besluit tot algehele of gedeeltelijke liquidatie dan wel tot ontbinding of verkoop, direct of indirect, van haar bedrijf in de openbare lichamen schriftelijk aan de Bank mede te delen en een zodanig besluit onder toezicht en volgens de aanwijzingen van de Bank uit te voeren.

Een overdracht van rechten en verplichtingen ingevolge dit hoofdstuk mag geen nadeel toebrengen aan de rechten van de overblijvende schuldeisers.

Voor de toepassing van de artikelen 200, 355, 356 en 360 van het Wetboek van Strafrecht BES wordt met faillissement gelijkgesteld de rechtstoestand waarin een kredietinstelling verkeert zolang te zijnen aanzien de noodregeling van kracht is.

De Bank brengt na beëindiging van en desgevraagd tijdens de noodregeling daaromtrent zo spoedig mogelijk verslag uit aan Onze Minister.

De Bank is bevoegd inlichtingen en gegevens, verkregen bij de vervulling van haar ingevolge deze wet opgedragen taak, te verstrekken aan de Stichting Autoriteit Financiële Markten of aan buitenlandse instanties die belast zijn met het toezicht op instellingen en ondernemingen die op de financiële markten opereren, mits:

Het is een kredietinstelling verboden om een vaste relatie voor de afwikkeling van transacties of de uitvoering van opdrachten aan te gaan of voort te zetten met:

Kredietinstellingen en geldtransactiekantoren zijn gehouden bij geldovermakingen informatie over de betaler bij te voegen. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld, alsmede regels met betrekking tot het bewaren en beschikbaar houden van de bij te voegen informatie, de behandeling van ontvangen geldovermakingen waarbij niet alle vereiste informatie is gevoegd, en het optreden als intermediaire betalingsdienstaanbieder.

De Bank kan voor de uitvoering van verdragen tot uitwisseling van gegevens of inlichtingen, dan wel voor de uitvoering van met toezichthoudende instanties gesloten overeenkomsten tot uitwisseling van gegevens of inlichtingen, van een ieder inlichtingen vorderen. De artikelen 5:13 en 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

Voor zover de bepalingen in de reglementen of andere interne regelingen van een aan toezicht onderworpen onderneming of instelling of in overeenkomsten met derden gesloten in strijd zijn met de bepalingen van deze wet getroffen voorzieningen, zijn zij nietig.

[vervallen]

De Bank verstrekt Onze Minister desgevraagd de gegevens of inlichtingen die deze behoeft om zich over de uitvoering van deze wet in de praktijk of over de uitvoerbaarheid van beleidsvoornemens of voorgenomen wettelijke voorschriften een oordeel te vormen.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet toezicht bank- en kredietwezen 1994 BES.