Beleidsregel · BWBR0030456

Beleidsregel binnenvaart

Wijzigingen Officiële bron
Beleidsregel BinnenvaartBeleidsregel binnenvaartDe Minister van Infrastructuur en Milieu, en de Voorzitter van de Commissie van Deskundigen, bedoeld in artikel 1.19 van de Binnenvaartregeling;

Gelet op artikel 4:81, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht,

Besluiten:

Deze beleidsregel zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Milieu,namens deze:De Inspecteur-Generaal Verkeer en Waterstaat,J.ThunnissenDe Voorzitter van de Commissie van Deskundigen, bedoeld in artikel 1.19 van de Binnenvaartregeling,J.Thunnissen

Een aanvraag om het vermogen van de voortstuwingsinstallatie van een binnenvaartschip tot een lagere waarde dan het nominale vermogen terug te stellen, wordt ingewilligd onder de volgende voorwaarden:

Kunststof afvoerleidingen van sanitaire systemen die door wanden en dekken van machinekamers voeren, worden beschouwd te zijn vervaardigd van onbrandbaar materiaal onder de volgende voorwaarden:

Artikel 2.1 is van overeenkomstige toepassing indien een doorvoering door een wand gaat.

Indien bestaande situaties, die reeds vóór 1 januari 2001 door de Scheepvaartinspectie,dan wel door de commissie van deskundigen zijn aanvaard, niet voldoen aan de artikelen 2.1 en 2.2, kan worden aanvaarddat de betreffende leidingen worden geïsoleerd met brandisolatie van voldoende dikte, bijvoorbeeld steenwol met een dikte van ten minste 10 cm.

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

Deze paragraaf is van toepassing op vensters in de scheepshuid en in de buitenwanden van binnenvaartschepen.

In alle gevallen wordt voorgespannen glas gebruikt dat voldoet aan de specificaties in de norm NEN-ISO 21005:2004.

Andere materialen zijn eveneens toegestaan mits een gelijkwaardig veiligheidsniveau wordt aangetoond.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel binnenvaart.