Wijzigingen Officiële bron
Besluit van de Minister van Economische Zaken van 27 november 2014, DGETM-TM/nr. 14191166, houdende aanwijzingen voor aanbieders van mobiele openbare telecommunicatienetwerken inzake de alarmeringsdienst NL-Alert (Besluit aanwijzingen aanbieders inzake alarmeringsdienst NL-Alert)Besluit aanwijzingen aanbieders inzake alarmeringsdienst NL-AlertDe Minister van Economische Zaken,

handelende in overeenstemming met de Minister van Veiligheid en Justitie;

Gelet op artikel 14.1, tweede lid, onderdeel a, van de Telecommunicatiewet;

Besluit:

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

‘s-Gravenhage27 november 2014De Minister van Economische Zaken,H.G.J.Kamp

In dit besluit wordt verstaan onder:

De aanbieder distribueert een door de broker op de brokerinterface aangeboden bericht via cell broadcast in het verzendgebied binnen drie minuten na het moment waarop het bericht door de aanbieder is ontvangen.

De aanbieder distribueert een bericht in het verzendgebied voor zover daar via zijn netwerk mobiele telecommunicatiediensten worden verwerkt.

De aanbieder distribueert een bericht parallel via al zijn netwerktechnologieën die cell broadcast kunnen ondersteunen met gebruikmaking van alle voor het verzendgebied benodigde zendinstallaties.

De aanbieder volgt de instructies van de broker inzake het herhalen of afbreken van de distributie van een bericht.

De aanbieder configureert de dienstverlening in relatie tot overige verkeersstromen dusdanig dat de distributie van een bericht gegarandeerd is.

De aanbieder is in staat 20 gelijktijdig aangeboden cell broadcast berichten te verwerken.

Berichten worden via de in ETSI TS 123 041 genoemde cell broadcast kanalen gedistribueerd alsmede via cell broadcast kanaal 919.

De aanbieder zorgt ervoor dat het ontvangen van berichten voor de eindgebruiker geheel kosteloos is.

De aanbieder verwerkt wijzingen in de netwerkconfiguratie die impact hebben op het verzendgebied binnen 24 uur in het Cell Broadcast Center.

De aanbieder verstrekt een beschrijving van zijn brokerinterface aan de Minister van Veiligheid en Justitie.

De aanbieder verstrekt per bericht en per netwerktechnologie drie minuten na het distribueren van een bericht een rapportage aan de broker waarin staat:

De aanbieder verleent zijn medewerking aan het monitoren van de dienstverlening, waarbij door de broker een maal per 10 minuten een signaal over de beschikbare netwerken wordt verstuurd, en beperkt daarbij de overlast voor de eindgebruikers tot een minimum.

In afwijking van artikel 6 voldoen aanbieders die reeds beschikken over LTE-technologie, maar waarbij het netwerk nog niet geschikt is gemaakt voor het versturen van berichten, uiterlijk een jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze aanwijzing aan de verplichting een bericht mede via LTE-technologie uit te sturen.

Op verzoek van de aanbieder kan de Minister of de Minister van Veiligheid en Justitie toestaan dat de aanbieder tijdelijk niet aan een of meer verplichtingen van dit besluit voldoet.

De Minister van Veiligheid en Justitie sluit zo nodig met een afzonderlijke aanbieder een dienstverleningsovereenkomst.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanwijzingen aanbieders inzake alarmeringsdienst NL-Alert.