Ministeriële regeling · BWBR0037261

Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2016

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 17 november 2015, kenmerk 870579-144154-IV-LZ, houdende regels voor het verstrekken van subsidie ten behoeve van medisch noodzakelijk kortdurend verblijf in verband met geneeskundige zorg zoals huisartsen die plegen te bieden (Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2016)Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2016De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 11.1.5 van de Wet langdurige zorg;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. vanRijn

In deze regeling wordt verstaan onder:

Het bedrag van de subsidie dat voor het jaar 2016 ten hoogste wordt verleend aan de Wlz-uitvoerder is gelijk aan de som van de volgende bedragen per regio waarvoor de Wlz-uitvoerder is aangewezen als zorgkantoor:

Het Zorginstituut besluit binnen vier weken na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, over de verlening van de subsidie.

Het Zorginstituut vermeldt in het besluit tot verlening van de subsidie in ieder geval het maximumbedrag dat aan subsidie wordt verleend.

De subsidieontvanger doet de prestaties slechts verrichten onder de voorwaarde dat de verzekerde een door het CAK overeenkomstig Hoofdstuk 3, paragrafen 3.1 en 3.2, van het Besluit langdurige zorg te innen eigen bijdrage betaalt.

De subsidieontvanger zorgt ervoor dat:

Het Zorginstituut kan bij de verlening van de subsidie verplichtingen opleggen als bedoeld in artikel 4:38 van de Algemene wet bestuursrecht.

De subsidieontvanger doet binnen twee weken na afloop van elke maand aan het Zorginstituut een opgave van het bedrag dat het CAK namens de subsidieontvanger in de afgelopen maand heeft betaald voor prestaties die zijn verricht in de daaraan voorafgaande maanden van het jaar 2016.

Het Zorginstituut verhoogt ambtshalve het bedrag van de verleende subsidie.

Het bedrag van de verhoging voor een Wlz-uitvoerder is gelijk aan de som van de volgende bedragen per regio waarvoor de Wlz-uitvoerder is aangewezen als zorgkantoor:

Het Zorginstituut vermeldt in het besluit tot verhoging van de subsidie in ieder geval het maximumbedrag dat aan subsidie wordt verleend.

Het Zorginstituut verleent bij het besluit tot verhoging van de subsidie ambtshalve tevens een verhoging van de voorschotten op het maximumbedrag van de verleende subsidie.

Het Zorginstituut verhoogt ambtshalve nogmaals het bedrag van de verleende subsidie.

Het bedrag van de verhoging, bedoeld in artikel 5a.1, voor een Wlz-uitvoerder is gelijk aan de som van de volgende bedragen per regio waarvoor de Wlz-uitvoerder is aangewezen als zorgkantoor:

De artikelen 5.3 en 5.4 zijn van overeenkomstige toepassing op de verhoging, bedoeld in artikel 5a.1.

De aanvraag tot vaststelling gaat vergezeld van:

Binnen tweeëntwintig weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie neemt het Zorginstituut een besluit op de aanvraag.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2016 en vervalt met ingang van 2017, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling zijn verstrekt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling eerstelijns verblijf 2016.