Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 10 december 2015, nr. 2015-00000731519, houdende vaststelling van regels voor het verstrekken van subsidie (Tijdelijke regeling stimulering huisvesting vergunninghouders)Tijdelijke regeling stimulering huisvesting vergunninghoudersDe Minister voor Wonen en Rijksdienst,

Gelet op artikel 2, eerste lid, onderdeel e, van de Kaderwet overige BZK-subsidies en de artikelen 8, eerste lid, 11, eerste, tweede en derde lid, 14, en 20 van het Kaderbesluit BZK-subsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Wonen en Rijksdienst,S.A.Blok

In deze regeling wordt verstaan onder:

Op een subsidie op grond van deze regeling zijn de bepalingen van het Kaderbesluit inzake een subsidie van lager dan € 25.000 van toepassing, met dien verstande dat toepassing wordt gegeven aan artikel 16, tweede lid, onder b, van het Kaderbesluit.

De bedragen, genoemd in de artikelen 7, vierde lid, onderdeel c, en 10, tweede en derde lid, worden jaarlijks op 1 januari gewijzigd overeenkomstig artikel 27, derde lid, van de Wet op de huurtoeslag.

De subsidieontvanger administreert de netto kosten, bedoeld in artikel 5 van het DAEB-vrijstellingsbesluit, die zijn verbonden met de activiteiten, bedoeld in artikel 2 op een zodanige wijze dat inzicht kan worden verkregen in de hoogte van deze kosten, zulks afgescheiden van de reguliere bedrijfsvoering, in relatie tot de voor deze activiteiten verstrekte subsidie.

Binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze regeling stelt de minister een verslag vast over de doeltreffendheid en de effecten van deze regeling in de praktijk.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 februari 2016 en vervalt op 1 januari 2021, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn verstrekt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling stimulering huisvesting vergunninghouders.