Ministeriële regeling · BWBR0038065

Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheid

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 13 juni 2016, nr. IENM/BSK-2016/113127, houdende regels inzake bijzondere bevoegdverklaringen met betrekking tot de certificering van personeel voor het onderhoud van luchtvaartuigen (Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheid)Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheidDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Gelet op de artikelen 1.5, 2.5, negende lid, 2.6, zevende lid, 3.25, eerste lid, en 3.30, van de Wet luchtvaart, de artikelen 8, eerste lid, en 9, van het Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart, en de artikelen 18, tweede lid, 19, tweede lid, onderdelen c en g, van het Besluit luchtvaartuigen 2008;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,S.A.M.Dijksma

In deze regeling wordt verstaan onder:

De houder van een AML met de bijzondere bevoegdverklaringen A en B, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, is bevoegd tot het mede ondertekenen van de verklaring als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de Regeling MLA’s, MLH’s en schermvliegtuigen.

De minister kan op aanvraag van een houder van een Part-66 AML toestemming verlenen tot het uitvoeren van een AR voor ELA 1-luchtvaartuigen die vallen binnen zijn bevoegdheden zoals vermeld op de Part-66 AML indien aan de voorwaarden van Part M wordt voldaan.

Wijzigt de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.

Wijzigt de Regeling opleiding en examen bevoegdverklaringen AML en Part-66 AML.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2016.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheid.