ZBO-regeling · BWBR0039530

Reglement raad van toezicht Staatsbosbeheer

Wijzigingen Officiële bron
Reglement raad van toezicht Staatsbosbeheer als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet verzelfstandiging StaatsbosbeheerReglement raad van toezicht StaatsbosbeheerDe raad van toezicht Staatsbosbeheer,
  • overwegende dat Staatsbosbeheer ingevolge artikel 4 van de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer een raad van toezicht heeft welke toeziet op de werkzaamheden van de directeur en deze met raad en daad terzijde staat;

  • overwegende dat de raad van toezicht zich ingevolge genoemd artikel bij de vervulling van zijn taak richt naar het belang van de behoorlijke vervulling van de taken, bedoeld in artikel 3 van de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer;

  • overwegende dat ingevolge artikel 8 van de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer de raad van toezicht een reglement dient vast te stellen betreffende

  • overwegende de afspraken tussen Staatsbosbeheer en het ministerie van Economische Zaken, zoals vastgelegd in het ‘Convenant Staatsbosbeheer, een maatschappelijke onderneming’ van 4 december 2014 en in het addendum bij het Convenant van 30 juni 2015;

  • Besluit onderstaand reglement vast te stellen:

    Baarn10 november 2015I.BrakmanVoorzitter raad van toezicht Staatsbosbeheer

    De in dit reglement gehanteerde termen en begrippen hebben dezelfde betekenis als in de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer van 11 september 1997, Staatsblad 1997, 514, hierna te noemen: de Wet (zie bijlage).

    Wanneer de directeur een managementteam instelt, legt hij voorgenomen benoemingen van leden van het managementteam voor aan de raad van toezicht.

    De directeur stelt het ondernemingsplan, dat ingevolge artikel 19 lid 1 van de Wet door de raad van toezicht wordt vastgesteld, zodanig tijdig op dat het ondernemingsplan uiterlijk op 15 november van het betreffende kalenderjaar naar de minister kan worden gestuurd ten behoeve van de hoorprocedure als bedoeld in genoemde wetsbepaling.

    Ingevolge artikel 8 lid 2 aanhef en sub c van de Wet behoeven investeringen die een door de raad van toezicht vast te stellen bedrag te boven gaan goedkeuring van de raad van toezicht. Investeringen die een bedrag van € 1,5 miljoen te boven gaan worden ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van toezicht.

    De raad van toezicht bespreekt een keer per jaar in afwezigheid van de directeur het functioneren van de directeur en de mogelijke conclusies die hieraan verbonden moeten worden. In het jaarverslag wordt vermeld op welke wijze de evaluatie van het functioneren van de directeur heeft plaatsgevonden.

    De raad van toezicht overlegt eenmaal per jaar met de minister, voorafgaand aan de parlementaire behandeling van de begroting, over aangelegenheden met betrekking tot Staatsbosbeheer.

    De raad van toezicht wijst uit zijn midden een lid aan die contactpersoon is voor de Ondernemingsraad. Dit lid is verantwoordelijk voor contact met de ondernemingsraad en zal zo nodig de raad van toezicht vertegenwoordigen in de overlegvergadering indien deze vertegenwoordiging ingevolge de Wet op de ondernemingsraden is vereist of anderszins wenselijk wordt geacht.

    De voorzitter van de raad van toezicht, op grond van artikel 6 lid 1 van de Wet bij Koninklijk Besluit benoemd, heeft de volgende taken en verantwoordelijkheden:

    De raad van toezicht heeft een plaatsvervangend voorzitter die conform artikel 5 lid 2 van de Wet door de leden van de raad van toezicht uit hun midden wordt aangewezen. De plaatsvervangend voorzitter vervangt de voorzitter bij diens afwezigheid.

    De raad van toezicht kan externe adviseurs inschakelen om de raad van toezicht bij te staan. De kosten van externe adviseurs komen ten laste van Staatsbosbeheer.

    De directeur Staatsbosbeheer draagt zorg voor voldoende ondersteuning van de auditcommissie, waaronder de vervulling van het ambtelijk secretariaat van de auditcommissie.

    Een lid van de raad van toezicht volgt, na zijn benoeming bij Koninklijk Besluit, een introductieprogramma, waarin in ieder geval aandacht wordt besteed aan algemene financiële en juridische zaken, de politiek-bestuurlijke omgeving, de specifieke aspecten die eigen zijn aan Staatsbosbeheer en de taken van het lid van de raad van toezicht. Jaarlijks beoordeelt de raad van toezicht op welke onderdelen zijn leden behoefte hebben aan nadere training of opleiding. Staatsbosbeheer speelt hierin een faciliterende rol en draagt hiervan de kosten.

    Het aantal functies van een lid van de raad van toezicht is zodanig dat een goede taakvervulling ten behoeve van Staatsbosbeheer gewaarborgd blijft, zulks ter beoordeling van de voorzitter van de raad van toezicht.

    De raad van toezicht bespreekt één keer per jaar buiten aanwezigheid van de directeur, desgewenst met een extern adviseur, over zijn eigen functioneren, het functioneren van de afzonderlijke commissies en dat van de individuele leden, en de conclusies die hieraan moeten worden verbonden. In het jaarverslag wordt vermeld op welke wijze de evaluatie van de raad van toezicht, de afzonderlijke commissies, en de individuele leden heeft plaatsgevonden.

    De raad van advies adviseert de directeur inzake voornemens waardoor in de taakuitvoering door Staatsbosbeheer voor de gebruikers substantiële wijzigingen ontstaan.

    De voorzitter van de raad van advies brengt jaarlijks verslag uit van de werkzaamheden aan de raad van toezicht.

    Conform artikel 21 lid 1 van de Wet stelt de raad van toezicht het jaarverslag en het financieel verslag vast. De raad van toezicht ziet er hierbij op toe dat het jaarverslag in ieder geval de volgende onderdelen bevat: