ZBO-regeling · BWBR0040440

Tarievenbesluit Ctgb 2018

Wijzigingen Officiële bron
Tarievenbesluit Ctgb 2018Tarievenbesluit Ctgb 2018

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden,

Besluit om de tarieven, verschuldigd in verband met de uitvoering van zijn wettelijke taken en overige diensten, vast te stellen als beschreven in dit besluit:

Met betrekking tot verzoeken tot openbaarmaking past het Ctgb het bepaalde in het Besluit tarieven openbaarheid van bestuur overeenkomstig toe.

De op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit aanhangige aanvragen worden met ingang van dat tijdstip overeenkomstig de bepalingen van dit besluit behandeld.

Het Tarievenbesluit Ctgb 2017 wordt ingetrokken.

Dit besluit treedt, voor zover nodig met terugwerkende kracht, in werking op 1 januari 2018, na goedkeuring door Onze Minister en plaatsing van dit besluit in de Staatscourant.

Dit besluit wordt aangehaald als “Tarievenbesluit Ctgb 2018”.

Vastgesteld door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden

op d.d. 27 september 2017

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden,

voor deze,

de Voorzitter,

ir. J.F. de Leeuw

Algemeen

Artikel 10, eerste lid van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (verder: de wet) bepaalt dat de kosten die het Ctgb maakt bij de uitvoering van de hem in artikel 4 van de wet opgedragen taken, moeten worden gedekt uit de door het College vast te stellen en in rekening te brengen tarieven. De tarieven hebben een rechtstreeks verband met de kosten die het Ctgb bij de uitvoering maakt en behoeven de goedkeuring van de ministers van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit (LNV) en Infrastructuur en Waterstaat (I&W).

De tarieven worden met dit besluit vastgelegd en hebben vooral betrekking op:

Voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en studies voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn de werkelijke kosten verschuldigd welke vooraf in rekening worden gebracht. Met uitzondering van zonale aanvragen (NL ZRMS), aanvragen tot uitbreiding in Nederland (niet zonaal) van een bestaande toelating met alleen kleine toepassingen, Biociden BPR aanvragen en Europese aanvragen, waar de werkelijk gemaakte kosten in rekening zullen worden gebracht op basis van voorschot en nacalculatie.

Indien het College besluit tot het stellen van aanvullende vragen, zijn daarvoor ook de daaraan verbonden kosten voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en de beoordelingskosten verschuldigd.

In het kader van bepaalde aanvraagtypen, zoals (bij gewasbeschermingsmiddelen) de toelating van een toevoegingsstof of een parallelle vergunning, kan het voorkomen dat ook een inhoudelijk-wetenschappelijke beoordeling noodzakelijk is. In die gevallen is het derhalve mogelijk dat – naast de aanvraagkosten – ook de betreffende kosten in rekening gebracht worden.

Voor aanvullende en of overige werkzaamheden waarvoor geen tarief is vastgesteld worden de werkelijke kosten in rekening gebracht. Dit gebeurt na overleg met de aanvrager.

Voor de registratie van een toegelaten gewasbeschermingsmiddel en biocide wordt jaarlijks een vergoeding in rekening gebracht. De peildatum hiervoor is 1 februari. Indien de aanvrager niet of niet volledig binnen de gestelde termijn de jaarlijkse vergoeding betaalt, is de aanvrager van rechtswege in verzuim in de zin van artikel 6:81 Burgerlijk Wetboek en kan de toelating worden ingetrokken.

Begrippen

Dtg-lijst

De DTG-lijst is de Definitie Lijst Toepassingsgebieden, zoals die is opgenomen in de Evaluation Manual (te vinden op de website van het Ctgb) onder het aspect werkzaamheid.

”technische werkzame stof”

Onder ‘technische werkzame stof´ wordt verstaan de werkzame stof met de bijbehorende technische specificaties en bepalingen zoals vermeld in Verordening (EG) 1107/2009 (voor gewasbeschermingsmiddelen) en in de Bijlage bij EU Verordening (EU) 545/2011, dan wel (voor biociden) de Unielijst van goedgekeurde werkzame stoffen bij Verordening (EU) 528/2012 voor de werkzame stof. Met ‘werkzame stof’ wordt de werkzame stof in de algemene zin bedoeld, de zuivere werkzame stof.

Nacalculatie

Bij diverse aanvragen vindt nacalculatie plaats op basis van de werkelijk gemaakte kosten; dit is bij de desbetreffende aanvragen nadrukkelijk vermeld.

Werkelijke kosten

Werkelijk gemaakte kosten betreffen de interne kosten gemaakt door het Ctgb (uurtarief x het aantal door het Ctgb bestede uren) en de werkelijke kosten van ingeschakelde derden (inclusief de aan derden betaalde BTW). Meer informatie over de werkwijze en samenwerkingspartners staat op de website www.ctgb.nl.

Facturering, betaling en nacalculatie/restitutie

Aanpassing van het voorschotbedrag

Een aspirant-aanvrager kan voorafgaand aan het doen van een aanvraag, het Ctgb verzoeken om op basis van door hem verstrekte informatie een inschatting te maken van de reële kosten van die specifieke aanvraag en om het voorschotbedrag daarop aan te passen. Er kan met reden van het voorschotbedrag worden afgeweken als de ureninschatting daar aanleiding voor geeft.

Tijdige betaling

Voor zover het bepaalde in artikel 4:97 Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, laat dit onverlet de bestuursrechtelijke gevolgen van niet (tijdige) betaling, opgenomen in het geldende Bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Er is tijdig betaald indien de betaling door het Ctgb voor het einde van de in de factuur genoemde termijn is ontvangen, dan wel indien wordt aangetoond dat het te betalen bedrag voor het einde van de termijn naar het Ctgb is overgeschreven of gestort.

Betaling in termijnen

Tot twee weken na de datum van dagtekening van de factuur kan de aanvrager het College verzoeken om de kosten van de procedure bij het Ctgb in termijnen te mogen betalen.

De eerste termijn dient te zijn betaald binnen 30 dagen na dagtekening van de oorspronkelijke factuur.

Bij betaling in termijnen aanvaardt het College na tijdige betaling van de eerste termijn de aanvraag en deelt de datum van deze aanvaarding mee aan de aanvrager.

Incassomogelijkheden

Het is mogelijk om facturen automatisch te laten incasseren door het Ctgb. Informatie hierover kunt u vinden op de website www.ctgb.nl.

Tussentijdse aanpassing Tarievenbesluit

Het Tarievenbesluit kan, indien daar aanleiding toe is, tussentijds worden aangepast.

In aanvulling op bovenstaande en deels in afwijking hiervan gelden voor de werkzaamheden die het Ctgb verricht ter uitvoering van de Biocidenverordening de volgende bepalingen.

Grondslagen en uitgangspunten

De Biocidenverordening verplicht de lidstaten om in de tariefstelling rekening te houden met een aantal zaken:

Communicatie

Vanaf het moment dat een aanvraag wordt ingediend geschiedt alle correspondentie omtrent kosten en betaling middels plaatsing van het bericht in het Register for Biocidal Products (R4BP3) en eventueel een mededeling hiervan per email aan de aanvrager.

Facturering, betaling en nacalculatie/restitutie (biociden)

Afzonderlijke tarieven

Aangezien voorzien wordt dat het goedkeuren van de bestaande en geïdentificeerde werkzame stoffen tot na het jaar 2024 doorgaat zullen naar verwachting in 2027 alle in Nederland alle toegelaten biociden onder het regime vallen van de Biocidenverordening. Tot die tijd zullen er voor biociden tarieven blijven bestaan voor procedures onder nationaal recht of onder het recht van Richtlijn 98/8/EG, naast de tarieven voor producten en procedures die onder de Verordening vallen.

Verlaagd tarief bij geclusterde aanvragen

Indien meerdere aanvragen tegelijk worden ingediend waarbij op één of meer aspecten kan worden volstaan met een clusterbeoordeling voor meerdere aanvragen, brengt het Ctgb op verzoek van de aanvrager(s) voor die aspecten van die aanvragen een verlaagd tarief in rekening.

Indien er meerdere aanvragers zijn, is jegens het Ctgb iedere aanvrager hoofdelijk aansprakelijk voor het gehele bedrag. Het Ctgb heeft geen bemoeienis met de onderlinge verrekening tussen aanvragers.

Aanvraag van biocidefamilies

Onder Verordening (EU) 528/2012 is het mogelijk om een toelating aan te vragen voor meerdere producten tegelijk. Voor aanvragen waarbij het Ctgb optreedt als evaluerende lidstaat wordt gewerkt met een voorschot dat afhangt van het aantal familieleden. Voor wederzijdse erkenning van een toelating van een biocidenfamilie door een andere lidstaat, worden vaste aanvraagkosten berekend met een add-on voor het feit dat het een familie met een bepaald aantal familieleden betreft.

Kaderformulering

De aanvrager van een toelating van een biocide kan het Ctgb vragen om bij de toelating vast te stellen dat de betreffende biocide als kaderformulering wordt aangemerkt. De vaststelling van een kaderformulering biedt de toelatinghouder de mogelijkheid om gemakkelijker en tegen lagere tarieven sterk vergelijkbare toelatingen (bijv. in andere kleuren) te verkrijgen. De vaststelling van de kaderformulering brengt extra aanvraagkosten met zich mee, die derhalve naast de gewone aanvraagkosten in rekening gebracht worden.

Inwerkingtreding van verordening (EU) 528/2012

Per 1 september 2013 is Verordening (EU) 528/2012 in werking getreden. Deze verordening is van toepassing op alle (aanvragen inzake) biociden en werkzame stoffen in biociden die niet op grond van regels van overgangsrecht onder de werking van de nationale wet of Richtlijn 98/8/EG vallen. De Verordening geeft regels voor de vergoeding die de lidstaten mogen berekenen voor de diensten die zij verrichten met betrekking tot de procedures van de verordening.

Overig

De communicatie tussen aanvrager en Ctgb zal onder de verordening volledig digitaal verlopen. De Verordening introduceert voorts nieuwe aanvraagtypen en nieuwe soorten toelatingen, nieuwe verplichtingen ten aanzien van tariefstelling, facturering en betaling, en de mogelijkheid van een aangepast tarief. Het uitgangspunt dat de beoordelende lidstaten kostendekkend moeten werken is onveranderd gebleven.

Voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en studies voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn de werkelijke kosten verschuldigd die vooraf in rekening worden gebracht. Met uitzondering van zonale aanvragen (NL ZRMS), aanvragen tot uitbreiding in Nederland (niet zonaal) van een bestaande toelating met alleen kleine toepassingen, Biociden BPR aanvragen en Europese aanvragen, waar de werkelijk gemaakte kosten in rekening zullen worden gebracht op basis van voorschot en nacalculatie.

Indien het College besluit tot het stellen van aanvullende vragen, zijn daarvoor ook de daaraan verbonden kosten voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en de beoordelingskosten verschuldigd.

In het kader van bepaalde aanvraagtypen, zoals (bij gewasbeschermingsmiddelen) de toelating van een toevoegingsstof of een parallelle vergunning, kan het voorkomen dat ook een inhoudelijk-wetenschappelijke beoordeling noodzakelijk is. In die gevallen is het derhalve mogelijk dat – naast de aanvraagkosten – ook de betreffende kosten in rekening gebracht worden.

Voor aanvullende en of overige werkzaamheden waarvoor geen tarief is vastgesteld worden de werkelijke kosten in rekening gebracht. Dit gebeurt na overleg met de aanvrager.

Tarieven aanvragen tot goedkeuring van werkzame stoffen gewasbescherming

* Er kan met reden van dit voorschot worden afgeweken als de ureninschatting daar aanleiding voor geeft. Als het voorschot onvoldoende blijkt zal er worden bij gefactureerd. Genoemd voorschot is gebaseerd op een gemiddeld dossier.

Tarieven aanvragen gewasbescherming, middelaanvragen

Middelaanvragen op basis van nacalculatie

* Er kan met reden van dit voorschot worden afgeweken als de ureninschatting daar aanleiding voor geeft. Als het voorschot onvoldoende blijkt zal er worden bij gefactureerd. Genoemd voorschot is gebaseerd op een gemiddeld dossier.

Aanvraagtarieven voor middelaanvragen op basis van vaste tarieven

Voor deze aanvragen gelden aanvraag- en beoordelingstarieven

Beoordelingstarieven voor middelaanvragen op basis van vaste tarieven

De beoordelingstarieven voor onderstaande aanvraagtypen zijn gebaseerd op aanvragen met 1 werkzame stof, met maximaal 5 toepassingen (= regels in de GAP) en 1 dRR/zone.

Er worden onder meer extra kosten in rekening gebracht wanneer een middel meerdere werkzame stoffen bevat, er meer dan 5 toepassingen zijn, wanneer er sprake is van meer dan 1 dRR of overige aanvullende werkzaamheden moeten worden uitgevoerd.

T.b.v. Aanvragen tot wederzijdse erkenning en aanvragen waarbij uitsluitend het nationaal addendum wordt beoordeeld

T.b.v. Aanvragen tot wederzijdse erkenning en nationaal addendum voor middelen o.b.v. micro-organismen of feromonen dan wel hiermee vergelijkbare stoffen (waaronder low risk middelen)

Tarieven voor beoordelen algemeen

Additionele tarieven voor werkzaamheden die niet onder het standaardtarief vallen

Tarieven overige aanvragen gewasbescherming zonder extra beoordelingskosten

Tarieven overige aanvragen gewasbescherming waarvoor naast het tarief extra beoordelingskosten in rekening kunnen worden gebracht

Tarieven voor te evalueren samenvattingen en studierapporten met betrekking tot middelgegevens

Jaarlijkse vergoeding gewasbeschermingsmiddel

Voor de registratie van een toegelaten gewasbeschermingsmiddel en biocide wordt jaarlijks een vergoeding in rekening gebracht. De peildatum hiervoor is 1 februari. Indien de aanvrager niet of niet volledig binnen de gestelde termijn de jaarlijkse vergoeding betaalt, is de aanvrager van rechtswege in verzuim in de zin van artikel 6:81 Burgerlijk Wetboek en kan de toelating worden ingetrokken.

Voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en studies voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn de werkelijke kosten verschuldigd die vooraf in rekening worden gebracht. Met uitzondering van zonale aanvragen (NL ZRMS), aanvragen tot uitbreiding in Nederland (niet zonaal) van een bestaande toelating met alleen kleine toepassingen, Biociden BPR aanvragen en Europese aanvragen, waar de werkelijk gemaakte kosten in rekening zullen worden gebracht op basis van voorschot en nacalculatie.

Indien het College besluit tot het stellen van aanvullende vragen, zijn daarvoor ook de daaraan verbonden kosten voor het evalueren van samenvattingen van gegevens en de beoordelingskosten verschuldigd.

In het kader van bepaalde aanvraagtypen, zoals (bij gewasbeschermingsmiddelen) de toelating van een toevoegingsstof of een parallelle vergunning, kan het voorkomen dat ook een inhoudelijk-wetenschappelijke beoordeling noodzakelijk is. In die gevallen is het derhalve mogelijk dat – naast de aanvraagkosten – ook de betreffende kosten in rekening gebracht worden.

Voor aanvullende en of overige werkzaamheden waarvoor geen tarief is vastgesteld worden de werkelijke kosten in rekening gebracht. Dit gebeurt na overleg met de aanvrager.

Tarieven middelaanvragen en overige werkzaamheden onder verordening (EU) 528/2012

* Er kan met reden van dit voorschot worden afgeweken als de ureninschatting daar aanleiding voor geeft. Als het voorschot onvoldoende blijkt zal er worden bij gefactureerd. Genoemd voorschot is gebaseerd op een “gemiddeld” dossier zonder comparative assessment, extra user category, PT of meerdere werkzame stoffen.

Tarieven middelaanvragen en overige werkzaamheden waarbij één of meer bestaande werkzame stoffen, voor de aangevraagde PT's, nog niet zijn opgenomen in de Unielijst van goedgekeurde stoffen of Annex I van Verordening (EU) 528/2012

Tarieven aanvragen tot goedkeuring en verlenging van werkzame stoffen, alsmede opname in Annex I (van Verordening (EU) 528/2012) van werkzame stoffen

* Er kan met reden van dit voorschot worden afgeweken als de ureninschatting daar aanleiding voor geeft. Als het voorschot onvoldoende blijkt zal er worden bij gefactureerd.

Tarieven voor samenvatten en evalueren van studies met betrekking tot middelgegevens

Tarieven voor samenvatten en evalueren van studies met betrekking tot stofgegevens

Jaarlijkse vergoeding biocide

Voor de registratie van een toegelaten gewasbeschermingsmiddel en biocide wordt jaarlijks een vergoeding in rekening gebracht. De peildatum hiervoor is 1 februari. Indien de aanvrager niet of niet volledig binnen de gestelde termijn de jaarlijkse vergoeding betaalt, is de aanvrager van rechtswege in verzuim in de zin van artikel 6:81 Burgerlijk Wetboek en kan de toelating worden ingetrokken.