Wet · BWBR0042278

Wet ter Bescherming Koopvaardij

Wijzigingen Officiële bron
Wet van 15 mei 2019, houdende regels voor de inzet van gewapende particuliere maritieme beveiligers aan boord van Nederlandse koopvaardijschepen (Wet ter Bescherming Koopvaardij)Wet ter Bescherming KoopvaardijWij Willem Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een wettelijke regeling te treffen op grond waarvan Nederlandse koopvaardijschepen bij de doorgang van gevaarlijke zeegebieden gebruik kunnen maken van gewapende particuliere maritieme beveiligers indien niet in militaire bescherming kan worden voorzien;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage15 mei 2019Willem-AlexanderDe Minister van Justitie en Veiligheid,F.B.J.Grapperhausde zevende juni 2019De Minister van Justitie en Veiligheid,F.B.J.Grapperhaus

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Deze wet is van toepassing op gewapende maritieme beveiligingswerkzaamheden die buiten de territoriale zee van een staat worden verricht aan boord van schepen die op grond van Nederlandse rechtsregels gerechtigd zijn de vlag van het Koninkrijk te voeren, voor zover zij varen in of door de zeegebieden, aangewezen door Onze Minister bij algemene maatregel van bestuur.

Onze Minister van Defensie verstrekt Onze Minister alle gegevens die door de scheepsbeheerder bij een verzoek om beveiliging van een transport zijn verstrekt voor zover deze nodig zijn voor het verlenen van de toestemming, bedoeld in artikel 3, tweede lid.

Het particulier maritiem beveiligingspersoneel dat op een transport wordt ingezet wordt niet als zeevarend aangemerkt.

Het particulier maritiem beveiligingspersoneel maakt bij de uitvoering van maritieme beveiligingswerkzaamheden geen gebruik van andere dan de door Onze Minister bij algemene maatregel van bestuur aangewezen geweldsmiddelen. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden tevens regels gesteld over de wijze van opslag van de aangewezen geweldsmiddelen op het schip.

Onze Minister kan de vergunning intrekken of schorsen indien:

De vergunninghouder:

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Wijzigt de Wet wapens en munitie.

Onze Minister zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen ervan verschillend kan worden vastgesteld, en vervalt op het tijdstip dat een rijkswet houdende regels voor de inzet van gewapende particuliere maritieme beveiligers aan boord van schepen die de vlag van het Koninkrijk voeren, in werking treedt.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet ter Bescherming Koopvaardij.