Ministeriële regeling · BWBR0047455

Stimuleringsregeling flex- en transformatiewoningen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 10 november 2022, nr. 2022-0000598384, houdende vaststelling van regels voor het verstrekken van een eenmalige specifieke uitkering aan medeoverheden ter stimulering van het realiseren van flex- en transformatiewoningen (stimuleringsregeling flex- en transformatiewoningen)Stimuleringsregeling flex- en transformatiewoningenDe Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

Gelet op artikel 17, tweede lid, van de Financiële-verhoudingswet juncto artikel 4:23, derde lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,H.M. deJonge

In deze regeling wordt verstaan onder:

Onder een project wordt verstaan een project waarbij met flexwoningen of transformatieobjecten in betaalbare woonruimten voor onder andere ontheemden en statushouders wordt voorzien en waarbij:

De uitkeringsbeschikking vermeldt de prestatie waaraan de bijdrage is gekoppeld. Dat omvat in ieder geval:

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

De specifiek uitkering bedraagt voor de gemeente:

Amersfoort: € 3.000.000;

Amsterdam: € 12.000.000;

Arnhem: € 1.800.000;

Samenwerking de Bevelanden: € 2.400.000;

Bloemendaal: € 1.080.000;

Breda: € 6.660.000;

Brielle: € 300.000;

Borne: € 72.000;

Bunschoten: € 360.000;

Den Haag: € 3.840.000;

Deventer: € 3.600.000;

Dinkelland: € 576.000;

Drimmelen: € 240.000;

Dronten: € 1.440.000;

Eemnes: € 480.000;

Eindhoven: € 6.480.000;

Enschede: € 2.292.000;

Goeree-Overflakkee: € 1.320.000;

Hengelo: € 1.032.000;

Hoekse Waard: € 1.440.000;

Houten: € 1.380.000;

IJsselstein: € 1.200.000;

Lansingerland: € 1.584.000;

Leidschendam-Voorburg: € 610.410;

Loon op Zand: € 720.000;

Middelburg: € 624.000;

Nijmegen: € 6.000.000;

Olst-Wijhe: € 912.000;

Ommen: € 600.000;

Rhenen: € 240.000;

Pekela: € 816.000;

Rijswijk: € 4.800.000;

Schagen: € 2.327.336;

’s-Hertogenbosch: € 2.988.000;

Soest: € 1.200.000

Staphorst: € 168.000;

Tilburg: € 5.100.000;

Utrecht: € 11.496.000;

Wierden: € 690.254;

Wijchen: € 972.000;

Wijk bij Duurstede: € 840.000;

Zaanstad: € 864.000;

Zwolle: € 3.456.000.